Varens verzamelen

© GLO
Gillian Lowyck

Je kan nooit genoeg groen in huis hebben, vindt Gillian Lowyck. De Oostendse is zot van alles wat planten en bloemen zijn en schrijft hier tweewekelijks over alles wat groeit en bloeit.

Ik moet eerlijk zijn: toen ik zag dat een deel van mijn tuin in de schaduw lag, vond ik dat een serieuze uitdaging. Ik hou van uitbundige en kleurrijke planten; schaduwplanten associeerde ik eerder met groen, donker en cool. Ondertussen ben ik héél enthousiast over mijn schaduwstukje, uiteraard. Ik plantte daslook (heeft wel de neiging om te woekeren, maar ik ga gewoon veel pesto eten. Of dat maak ik mezelf toch wijs), een soort geranium, sneeuwklokjes, Kaukasisch vergeet-me-nietje, Japanse anemoon, zilverkaars en uiteraard, varens.

Varens zijn een van de oudste plantensoorten op onze planeet. Toen de dinosaurussen hier rondliepen, deden ze dat tussen de varens. In Engeland was er tijdens de victoriaanse periode een echte obsessie met varens. Er is zelfs een naam voor: pteridomania. Het was dé rage om zoveel mogelijk verschillende soorten te verzamelen en het motief van een varen dook ook overal op. Ik begrijp het wel: de manier waarop een varenblad krult, de sporen netjes in een rij aan de onderkant van het blad…

Voor schaduw en zon

Varens zijn heel simpel om in de tuin te houden. Ik plantte enkele soorten mannetjesvaren (de familie Dryopteris) en zette ze tegen het tuinhek dat ik zwart schilderde. Een prachtig contrast! Mannetjesvarens zijn, afhankelijk van de soort, half tot geheel wintergroen. Ze stellen weinig eisen en doen het vrijwel overal goed. Maar ze houden het meeste van een humusrijke, vochtige bodem. Zoals je ze hier in de bossen ziet groeien, in feite. Werk heb je er ook niet aan: de afgestorven bladeren verwijderen en dat is het. Enkel ze vermenigvuldigen is niet zo simpel; ze maken geen zaden maar sporen en het kan wel twee jaar duren vooraleer hier een plantje van komt.

Er zijn trouwens niet alleen soorten voor schaduw, maar ook voor zonlicht. Voor elke tuin is er wel een varen te vinden!


In de keuken of badkamer

Varens kun je ook binnen houden, maar hier zijn ze in tegenstelling tot de plant in de tuin, wel wat moeilijker. Geen enkele plant groeit in huis in volledige schaduw; zorg dus wel voor daglicht. Ze hebben een grote luchtvochtigheid nodig, wat moeilijk is met onze verwarming… Een ideaal plekje is dus de badkamer of keuken. Belangrijk is ook dat de aarde niet uitdroogt. Soorten die het goed doen binnen zijn Nephrolepis, Phlebodium en Asplenium.

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.