Triatleet Kenneth Vandendriessche mikt op podium in zwaarste Ironman: “Als ik de beste niet ben, word ik ongelukkig”

Trainer Filip Speybrouck met triatleet Kenneth Vandendriessche. “Op Lanzarote regeert de onvoorspelbaarheid.” (foto SB) © Stefaan Beel
Tom Vandenbussche

Zaterdag is het D-day voor triatleet Kenneth Vandendriessche. In de Ironman van Lanzarote wil de bronzen medaille van het voorbije WK duatlon beter doen dan zijn achtste plaats van vorig jaar. Wij brachten hem en zijn coach, inspanningsfysioloog Filip Speybrouck, een bezoekje in Roeselare. “Je kan er dicht bij komen, Kenneth”… “Heel dicht!”

Vandendriessche: “Ik ken Lanzarote intussen goed. Dat eiland heeft geen geheimen meer voor mij, ik heb er ook mijn vrouw leren kennen. Het fietsparcours is een beetje gewijzigd. Er zijn nog iets meer hoogtemeters en dat is niet slecht voor mij. Dan kan ik meteen mijn achterstand na het zwemmen goedmaken. (glimlacht) Maar niet zoals vorig jaar, toen ik als een zot ben beginnen in te halen.”

Vorig jaar werd je op Lanzarote achtste nadat je op de fiets last kreeg van de rug maar wel de snelste marathontijd in 2u44’ neerzette. Waarvoor staat Lanzarote?

Vandendriessche: “Voor de zwaarste Ironman van het circuit. Vooral het parcours en de vochtige warmte maken er een loodzware race van. Door de wind koel je niet af. Ook de kracht van de zon mag je daar niet onderschatten. En als je met een Calima, een verschroeiend warme zandstorm, geconfronteerd wordt, ben je helemaal de klos. Je kan geen enkele editie met elkaar vergelijken. Op Lanzarote regeert de onvoorspelbaarheid.”

Dat lijkt me op mentaal vlak niet evident.

Vandendriessche: “Je moet het eiland kennen. Doseren op de fiets is de boodschap.”

Speybrouck: “Dat zijn nu de cruciale vragen. Ten eerste: kan Kenneth dit jaar zijn fietsgedeelte over 180 kilometer doortrekken? En ten tweede: welke marathon zit er dan nog in?”

Vandendriessche: “Ik denk dat ik nog iets sneller kan lopen.”

Speybrouck: “Dat geloof ik. Maar waar pakken we het best tijd? Als je op de fiets vijf tot tien watt meer kan trappen en dezelfde marathon als vorig jaar kan lopen, ga je dicht komen.”

Vandendriessche: “Heel dicht. Het deelnemersveld is minder sterk dan een jaar geleden. Ik sta niet aan de start met het idee dat een podiumplaats onmogelijk is. Vorig jaar was dat wel zo.”

Speybrouck: “De topfavoriet is ongetwijfeld de Deen die onlangs vierde was op Mallorca.”

Vandendriessche: (knikt) “Mathias Lyngsø Pedersen. Ook Arnaud Guilloux en Michael Weiss zijn sterke triatleten.”

Is winst in een Ironman jouw ultieme droom?

Vandendriessche: “Het is geen einddoel, maar ik zou mijn carrière dan wel sowieso geslaagd noemen. Ik wilde ook een halve Ironman winnen en dat is me al gelukt. Ik wilde wereldkampioen duatlon worden en dat is me voorlopig niet gelukt.”

Speybrouck: (knipoogt) “Zofingen dit jaar misschien, hé.”

Vandendriessche: “Wie weet… Als ik me niet voor het WK Ironman op Hawaï kan kwalificeren… Ik ben realistisch. De dag van vandaag is een toptienplaats in Hawaï voor mij, als mindere zwemmer, niet realistisch. Het gaat er daar tegenwoordig ook veel tactischer aan toe. Dat speelt niet in mijn voordeel.”

Je werkt nu ook deeltijds bij Itzu. Hoe moeilijk is het als triatleet om van je sport te leven?

Vandendriessche: “Niet gemakkelijk, maar ik klaag niet. Integendeel. Toen ik met Filip begon samen te werken, stond ik dicht bij het einde van mijn carrière. Ik leunde tegen een burn-out aan.”

Speybrouck: “Kenneth zat op het randje van overtraining, zowel fysiek als mentaal. Hij zat in een vicieuze cirkel. Marianne Vos is het mooiste voorbeeld van iemand die hetzelfde heeft meegemaakt.”

Vandendriessche: “Louis Vervaeke ook. Ik kon op een bepaald moment geen 300 watt meer trappen.”

Speybrouck: “Het eerste wat ik zei was: twee weken rusten. We waren net op tijd.”

Vandendriessche: “Dat is mijn grootste probleem. Ik wil de beste zijn en als dat niet lukt, ben ik niet gelukkig.”

Speybrouck: “Het is constant zoeken naar harmonie in het hoofd.”

Dat is bij veel topsporters zo, nietwaar?

Vandendriessche: “Dat aspect wordt enorm onderschat.”

Speybrouck: “Het is een levensles voor iedereen.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.