Vincent Geerardyn en Filip Jongbloet vaste waarden van reddingsdienst: “We vullen elkaar perfect aan”

vlnr An Beun (secretaris IKWV = Intercommunale Kustreddingsdienst West-Vlaanderen), Filip Jongbloet, burgemeester Bram Degrieck, Vincent Geerardyn, Marleen Decordier (sportfunctionaris). (foto MVO) © MYRIAM VAN DEN PUTTE
Myriam Van den Putte
Myriam Van den Putte Journaliste Het Wekelijks Nieuws

De IKWV (Intercommunale Kustreddingsdienst West-Vlaanderen) viert dit jaar zijn 40ste verjaardag en schonk hoofdredder Vincent Geerardyn (48) en adjunct-hoofdredder Filip Jongbloet (51) van De Panne elk een exemplaar van de speciaal ontworpen retro-affiches uit waardering voor hun jarenlange inzet.

Vincent is zowat op het strand geboren, want zijn ouders baatten er de strandcabines Neptune uit. “Ik ben erin gerold op vraag van de gemeentesecretaris”, vertelt Vincent. “Ik was 26 of 27 toen ik met mijn redderscursus startte. Drie dagen voor ik mijn examen moest afleggen, stond mijn wereld stil: mijn vader stierf. Uiteindelijk begon ik toch als redder, werd later postoverste, adjunct-hoofdredder en nu ben ik al 15 jaar hoofdredder. En ik doe het nog altijd even graag!”

Dagelijks trainen

“Met Filip werk ik al jaren samen, en we vullen elkaar aan als yin en yang. Ik ben iets technischer aangelegd, Vincent is een kei in het in het opmaken van de planning, de uurroosters, de verdeling van de posten. Dat is niet evident, want het gaat toch om een 50-tal redders per maand en een 5-tal EHBO-mensen in juli en augustus. Dit jaar was het uitzonderlijk moeilijk om aan voldoende redders te geraken! Op bepaalde dagen werken Filip en ik samen, vooral om verdere opleiding, dagelijkse training en niet geplande oefeningen te voorzien. We ensceneren dan bijvoorbeeld een oefening met een catamaran in een penibele situatie op zee. We steken daar veel energie in, maar we merken tevreden dat onze jobstudenten daar adequaat op reageren. We grijpen elk moment aan om te oefenen en zijn dan supertrots als een crew zo’n oefening perfect afwerkt. Dat geeft enorme voldoening!”

Het was dit jaar zeer moeilijk om aan voldoende redders te geraken

Visitekaartje

Vincent merkt dat door de vele sensibiliseringscampagnes strandbezoekers sneller een redder durven aanspreken. “Onze hulpverlening stopt niet bij een reddingsactie. Ook een gesprek achteraf, psychologische bijstand, zowel voor slachtoffers als voor onze redders, hoort erbij. Wij zijn ook de ambassadeurs, het visitekaartje van onze gemeente!” Toch kan hij zich wel eens ergeren, zoals de dag dat hij twee keer hetzelfde kindje van de verdrinkingsdood redde, en de ouders aanmaande toch maar beter op te letten. Toen hij als antwoord kreeg dat er daarvoor redders zijn, stond hij als aan de grond genageld. En hij benadrukt nog maar eens hoe gevaarlijk het kan zijn om te diepe putten in het zand te graven. “Toch voelde het deze zomer erg ongemakkelijk dat er op topdagen met 35.000 tot 40.000 mensen op het strand slechts 30 tot 35 interventies nodig waren en 4 tot 5 kindjes die verloren liepen”, zegt Vincent. “In andere jaren is dat een veelvoud daarvan! Het bleef onrustwekkend rustig!”

Filip is 25 jaar adjunct-hoofdredder nadat hij 8 jaar gewoon redder en een jaar postoverste was. “Maar nog altijd zwem ik mee als we trainen en daag ik de jonge generatie uit dat die ‘oude’ nog meedoet! We eisen veel van onze mensen, maar toch klagen ze niet en zijn ze heel dankbaar! We zijn er dan ook als ruggensteun voor hen als er iets gebeurt. Het blijven herhalen, oefenen en reanimeren is voor iedereen goed, en kan je niet genoeg doen. We ervaren ook enorme dankbaarheid als we een verloren gelopen kindje terugbrengen.”

Reuzenhaai gespot

Filip kan na al die jaren heel wat anekdotes opdissen: “Zoals die keer toen een redster vanuit een boot riep dat ze een haai zag! Ik dacht dat het een mop was, maar toen ik een serieuze beschrijving kreeg, bleek het om een juveniele reuzenhaai te gaan van zo’n 4 meter. Gelukkig is die soort ongevaarlijk. Hij was verdwaald en tot tegen onze kustlijn gezwommen. Hij is weer zee-inwaarts gezwommen en het gevaar was geweken. Ik herinner me ook nog levendig die keer dat een amazone bij de Franse grens van haar paard was gevallen. Ik pikte haar op met de jeep terwijl haar paard richting Nieuwpoort galoppeerde, en dankzij de goede communicatie met collega’s zijn we erin geslaagd om haar paard in Nieuwpoort te stoppen. Ooit was er een loslopend paard van een politieman gespot in onze zwemzone. Op zulke momenten hebben we altijd wel een redder die ook kan paardrijden en het paard kan tegenhouden”, besluit Filip Jongbloet.

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.