Nieuwe plannen niet aan de orde vijf jaar na de ‘scholenstrijd’ in Roeselare

(foto SB) © STEFAAN BEEL STEFAAN BEEL
Wouter Vander Stricht

In juni 2017 had scholengroep Sint-Michiel grootse plannen voor één megaschool op secundair niveau met vier campussen, maar dat stootte op betogingen en woelig protest. “Eenheidsworst! Weg met onze identiteit”, klonk het in alle scholen. Een jaar later werden de plannen nog eens op tafel gelegd, maar al even snel weer opgeborgen. Jan Vincent Lefere, voorzitter van de scholengroep: “We hadden toen beter moeten communiceren, maar de plannen op zich waren niet slecht.” Bart George (Broederschool) en Johan Strobbe (Klein Seminarie) sprongen toen mee in de bres voor hun school. “Sindsdien is er wantrouwen voor alles wat van de scholengroep uit komt”, merkt Strobbe op. Nieuwe plannen zijn ook niet meteen aan de orde, het onderwijs kampt ondertussen met andere problemen.

De feiten in een notendop: de politiek moest uiteindelijk ingrijpen

Vijf jaar geleden – in juni 2017 stond de Roeselaarse onderwijswereld op zijn kop. De overkoepelende directie van scholengroep Sint-Michiel ontvouwde een nieuw onderwijsplan waarbij er nog vier campussen zouden overblijven en de Broederschool zou verdwijnen. De campus Oost betrof het Instituut Heilige Kindsheidsinstituut in Ardooie waaraan weinig geraakt zou worden. Op campus Noord zouden Barnum en de twee VISO-vestigingen ondergebracht worden en dat wordt straks ook bewaarheid. Op Campus Zuid zouden ‘buren’ het Klein Seminarie, VABI en VTI ook nog de integratie van BUSO-school Onze Jeugd moeten verwerken, op campus West zouden VMS en Burgerschool samensmelten. De campussen kregen daarbij ook nog onderwijsdomeinen toegewezen, waardoor sommige richtingen in scholen zouden verdwijnen.

De directies van de verschillende scholen waren wel op de hoogte gebracht, maar toen het plan voorgesteld werd aan het lerarenkorps en vervolgens ook de leerlingen bereikte, was Roeselare te klein. Een ongezien protest stak de kop op. Minister Crevits kwam eigenhandig tussen, maar nog was het plan niet van de baan. In oktober 2018 werd het onderwijsplan 2.0 de wereld in gestuurd, na twee grote betogingen van de leerlingen kwam burgemeester Kris Declercq, opnieuw geruggensteund door minister Crevits, zelf tussen. Het tijdelijk bestand werd in een definitieve vorm gegoten, de plannen gingen de koelkast in en zitten daar nog steeds.

Op vandaag zijn VISO en Barnum al een samenwerking aangegaan en krijgen ze straks ook een nieuwbouw op de site Ter Berken. Andere grote plannen zijn er op dit moment niet.

“Toegegeven: onze communicatie kon beter”

Jan Vincent Lefere is al sinds 2015 voorzitter van de scholengroep Sint-Michiel.
Jan Vincent Lefere is al sinds 2015 voorzitter van de scholengroep Sint-Michiel. © STEFAAN BEEL Stefaan Beel

In juni 2017 trokken betogingen door de straten van Roeselare. Scholengroep Sint-Michiel had plannen op tafel gelegd om de scholen op vier campussen te laten samenwerken. Maar leerkrachten, scholieren en ouders pikten de plannen hoegenaamd niet en trokken letterlijk de straat op. “We moeten toegeven dat we de communicatie niet goed hebben aangepakt”, zegt Jan Vincent Lefere, voorzitter van de scholengroep.

“VISO en Barnum werken nu wel al goed samen, maar verandering moet vanuit de basis komen. Dat hebben we nu ook geleerd” – Jan Vincent Lefere, voorzitter scholengroep

Vijf jaar na de feiten blijkt het bij velen nog een heikel onderwerp, niet iedereen wil ons dan ook te woord staan. Voorzitter Jan Vincent Lefere wil dat wel doen. Hij was al lid van de raad van bestuur van de scholengroep toen hij in februari 2015 als voorzitter de net overleden Paul Dejonghe verving. Hij duidt nog even de oorsprong van het plan. “We wilden als scholengroep tegemoet komen aan de op til zijnde modernisering van het onderwijs en we zijn daarbij niet over één nacht ijs gegaan. Het was ook geen plan dat te nemen en te laten was, het was nog voor aanpassingen vatbaar. Na grondig overleg konden we dat zeker nog verder uitwerken.”

Nieuwbouw op Ter Berken

Zover kwam het dus niet, de storm van protest die opstak, was moeilijk te stillen. “We zijn direct op enorme weerstand gestoten. En daarvoor moeten we ook in eigen boezem kijken. We hebben niet op de juiste manier gecommuniceerd en we hadden het plan eerder al moeten doornemen met alle actoren uit het onderwijsveld. Al blijf ik erbij dat het ook een goed plan was, maar het heeft geen kans gekregen. Het plan werd on hold gezet, maar verdere modernisering van ons onderwijs zal zich zeker nog aandienen. We zijn nu ook tot de conclusie gekomen dat je die beter van onderuit laat ontstaan, als scholen willen samenwerken, zullen wij dat zeker ondersteunen.”

Tussen VISO en Barnum bestaat er ondertussen een samenwerkingsvorm. “We hopen op 1 januari 2025 te starten met de nieuwbouw op de site Ter Berken. Barnum en de twee vestigingen van VISO zouden daar dan op één grote campus samen huizen. De samenwerking is er nu al. Voor dit schooljaar bijvoorbeeld werd er ook al voor het eerst één gezamenlijke begroting ingediend. Steeds meer personeel werkt zowel in VISO als in Barnum en waar mogelijk ontstaan gezamenlijke projecten. En op termijn krijgt die school misschien wel een nieuwe naam, maar dat is toekomstmuziek.”

Breed draagvlak zoeken

De grootste andere recente investering is de nieuwbouw van VABI. “Normaal zou die tegen 1 september in gebruik kunnen genomen worden. Verder zijn er nog wat kleinere bouwprojecten. We zitten natuurlijk niet in de meest makkelijke situatie. Bouwen wordt met de dag duurder. We hebben enkele dossiers lopen, maar de subsidie die daarvoor toegekend wordt, is op basis van de raming die je al een tijdje geleden moest maken. Ook elektriciteit, energie en water kosten steeds meer geld, ook dat voelen de scholen in de dagelijkse werking. De scholen zijn ook constant in het nieuws, van het lerarentekort tot de leerachterstand. Het zijn geen evidente tijden, het is nu ook niet het moment om nieuwe veranderingen voor te stellen. Vergeet ook niet dat we uit twee moeilijke coronajaren komen, het is best dat iedereen weer op adem kan komen. Onze scholen doen er alles aan om alle achterstanden weg te werken, maar er is uiteraard ook het lerarentekort. Gelukkig zien we bij ons nog geen toestanden waar leerlingen langere tijd zonder leerkracht zitten.”

Op termijn sluit Jan Vincent Lefere echter niet uit dat er wel veranderingen komen in het Roeselaarse onderwijslandschap. “We hebben geleerd uit ‘onze fouten’. Er moet een breed draagvlak zijn om iets door te voeren. Al is dat nu nog niet aan de orde”, besluit hij.

Johan Strobbe (Klein Seminarie): “Ons protest was een voorbeeld voor het hele land”

Johan Strobbe in de wandelgangen van het Klein Seminarie met het wandtegeltje die hij kreeg opgestuurd. “Naar brave mensen luistert men niet.”
Johan Strobbe in de wandelgangen van het Klein Seminarie met het wandtegeltje die hij kreeg opgestuurd. “Naar brave mensen luistert men niet.” © Stefaan Beel

Met Johan Strobbe blikken we nog even terug. “Concreet kwam het er op neer dat er in Roeselare nog drie stadscampussen zouden zijn, daarnaast had je ook nog de campus Ardooie. Voor mij blijft het vooral een mysterie waarom men zo’n ingrijpend plan, dat overigens niks van de problemen van het onderwijs zou oplossen, op die manier wilde doordrukken. Men deed dat ook vlak voor de examens, ik heb het toen vergeleken met toestanden uit Noord-Korea. We waren verplicht om enthousiast te zijn, maar het was wettelijk ook niet in orde. De vakbonden waren kort voor het onthullen van de plannen pro forma nog op de hoogte gebracht, maar er was niks qua overleg of inspraak.”

Kleine kinderen

Opvallend was ook dat in alle scholen tegelijk het plan werd voorgesteld. “We kregen er een schema te zien waar je zelf moest uit afleiden dat de Broederschool eigenlijk zou ophouden te bestaan en dat diverse scholen zouden worden samen gevoegd. Nog tijdens die vergadering, die dus overal tegelijk plaatsvond, begonnen leerkrachten van de verschillende scholen al contact te zoeken met elkaar. Uiteraard waren ze in de Broederschool nog het meest verbolgen, ze wilden er al meteen op straat komen. Onze directies waren wel op de hoogte, maar je voelde ook bij hen een gespannen sfeer.”

“Ooit moet iemand eens uitspitten wat daar allemaal achter de schermen gebeurd is”

De grootste ontgoocheling van Johan Strobbe was de manier waarop leerkrachten en leerlingen behandeld werden. “Als kleine kinderen! Wij leren onze jongeren dat ze kritisch moeten zijn, we houden hen de democratische principes voor… En dan wordt er boven de vele hoofden een plan uitgedokterd waarvan niemand de meerwaarde zag.”

Maar wat was de achterliggende motivatie dan wel? “Dat gaat men nooit op papier zetten of zeggen, maar het gaat om geld, gebouwen, structuren… Allemaal zaken waar het onderwijs op zich niet mee verbetert. Dat werd aangemoedigd vanuit Brussel. Want wij waren niet de enige stad waar men dit wilde doordrukken, ook in Waregem, Gent, Antwerpen,… heeft men het geprobeerd. Toen ik over die plannen las in die andere steden, dan hoorde je ook telkens diezelfde terminologie terugkeren. Ik vermoed dat ze in de Kattenstraat zwaar onderschat hebben waar leerlingen, maar ook de ouders, samen met de leerkrachten toe in staat waren.”

Eenheidsworst

Uiteraard werden er ook wonden geslagen. “Je hebt een eigen directie, waarmee je goed samenwerkt, en dat moet je daar eigenlijk tegenin gaan. Dat was voor niemand prettig. Maar er was het hogere doel van het onderwijs in Roeselare, dan zijn personen plots minder belangrijk. Men ging ook te gemakkelijk voorbij aan het feit dat de verschillende scholen, elk met hun eigen identiteit en karakter, net voor rijkdom zorgden. Men wilde eenheidsworst creëren. Daarmee haal je het niveau en ook het engagement bij leerlingen en leerkrachten enkel naar beneden.”

Johan Strobbe leerde in die tijd ook heel wat mensen kennen. “Mensen uit andere scholen waar je vroeger geen contact mee had. We kregen ook veel steun, maar je kweekt ook wel wat vijanden. Als je populair wil zijn, moet je dit niet doen.” Het nieuws over de Roeselaarse scholenstrijd ging het land rond. “We haalden zelfs twee keer ‘De Afspraak’. En op de duur werd ik ook gecontacteerd door mensen van aan de andere kant van Vlaanderen, waar zich ook zoiets afspeelde. Ik ben ooit eens naar Bilzen gereden, waar men ook enkele scholen wou samenvoegen. Ik had er blijkbaar mijn uiteenzetting afgesloten met de woorden ‘Naar brave mensen luistert men niet’. Vanuit Limburg heb ik dan per post een wandtegeltje gekregen waarop die uitspraak stond.”

Ongehoorzaamheid

In 2018 kwam de tweede versie van het plan op tafel. “Het was her en der wat gewijzigd, maar het bleef ook erg vaag. We kregen een Powerpoint te zien, maar we kregen niets op papier. Het protest was opnieuw heel heftig. Er kwam eerst een verboden betoging, daarna een betoging met toestemming. Maar het was niet houdbaar, op de duur konden we geen les meer geven. Er was een soort burgerlijke ongehoorzaamheid ontstaan, waarbij de leerlingen niet meer naar de klas kwamen. Uiteindelijk is Crevits dan naar Roeselare gekomen en zijn de plannen definitief in de koelkast gegaan.”

Van de initiële plannen werd ook nauwelijks iets uitgevoerd. “De VISO-campussen fuseren straks wel en krijgen samen met Barnum een nieuwbouw op de site van Ter Berken. Met het geld van de hele scholengroep”, merkt Johan Strobbe fijntjes op.

Wantrouwen

“Na vijf jaar zie je dat iedereen nog vol achter zijn school staat. Je voelt wel dat er sinds die gebeurtenissen een fundamenteel wantrouwen is tegenover de scholengroep. Als daar iets beslist wordt, is het per definitie al verdacht. Vanuit de scholengroep beroept men zich op een helikopterzicht over alle scholen, maar men kent duidelijk niet de details en de gevoeligheden. Uiteraard is daar destijds veel achter de schermen gebeurd, misschien moet dat mettertijd ook eens uitgespit worden”, aldus Johan Strobbe die al 33 jaar lesgeeft. “Want in die tijd was het net alsof we temidden een film zaten. Het was zelfs zo dat de pers aan de deur kwam kloppen tijdens mijn lessen. Maar de Broederschool van de kaart vegen, de naam als het Klein Seminarie die al 210 jaar bestaat met één pennentrek wegvegen… En dat zonder iemand te consulteren. Ons protest is een voorbeeld geweest voor de rest van het land, het toont aan dat je je niet moet neerleggen bij een beslissing die totaal geen draagvlak heeft. Maar zelf ben ik blij dat de rust is teruggekeerd en dat de verschillende scholen hun eigenheid konden behouden.”

Bart George (Broederschool): “Veel slapeloze nachten gehad”

Bart George voor de Broederschool waarvoor hij door het vuur zou gaan.
Bart George voor de Broederschool waarvoor hij door het vuur zou gaan. © Stefaan Beel

Bart George (61) omschrijft zichzelf als een echte West-Vlaming. “Opgegroeid in Ieper, nu wonend in Brugge en al sinds 1986 actief in de Broederschool in Roeselare.” De germanist geeft er Nederlands, Engels en Esthetica en start na de zomer wellicht aan zijn laatste schooljaar. Vijf jaar geleden sprong hij in de bres toen zijn school dreigde te verdwijnen. “Omdat ik hier al langer rondloop, beschik ik ook over het historisch perspectief dat jongere collega’s niet hebben. Ik heb de scholengroep Sint-Michiel weten ontstaan. Toen was ons ook uitdrukkelijk beloofd dat ons pedagogisch project dat we als congregatieschool hoog in het vaandel dragen gevrijwaard zou worden.”

Geen lesfabriekjes

In juni 2017 kwam die scholengroep op de proppen met een voorstel waar de Broederschool gewoon geschrapt werd. “Ik wil blijven geloven dat er bij alle partijen goede bedoelingen waren. Maar wij hebben gewoon een andere visie op onderwijs. Ik kom zelf uit een groot gezin met acht kinderen. Wel, de scholengroep is als een groot gezin. We zijn allemaal familie, maar iedereen heeft zijn eigen identiteit. Wij zijn een perifere school in Roeselare, het belang van een secundaire school in een wijk als Krottegem mag je niet onderschatten.”

“Samen met veel collega’s hebben we wel veel slapeloze nachten gekend. Als je ziet dat ook heel wat leerlingen en ouders mee de bres in sprongen voor hun school, dan was dat hartverwarmend. Voor alle scholen! Het betekent dat een school meer is dan een lesfabriekje, het is een plaats waar jongeren een tweede thuis vinden. Maar het onderwijs staat nu voor andere uitdagingen, zoals het lerarentekort.”

De scholieren van de Broedeschool - die opgedoekt zou worden - starten met een protestactie toen het nieuws in 2017 bekend raakte. (foto SB)
De scholieren van de Broedeschool – die opgedoekt zou worden – starten met een protestactie toen het nieuws in 2017 bekend raakte. (foto SB) © STEFAAN BEEL

“Een scholengroep kan zeker een meerwaarde zijn door de verschillende scholen administratief te ondersteunen. De invulling van het project van de school, dat is aan de directies en leerkrachten. Een divers onderwijsaanbod biedt daarom een meerwaarde voor het Roeselaarse onderwijslandschap. Ouders kunnen zo kiezen welke school het best past bij hun kind. Bij ons heb je ook ouders die het ene kind bij ons laten les volgen en het andere naar een andere school. Omdat ieder kind anders is, net als iedere school.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.