Menen stelt brugfiguur Miriam El Idrissi voor in de strijd tegen (kinder)armoede

Christophe Lefebvre

Wie het moeilijk heeft om de eindjes aan elkaar te knopen, loopt er niet graag mee te koop. De drempel om hulp te zoeken is vaak erg hoog en wie de regels niet kent of de taal niet spreekt, komt meestal sneller in een hopeloze situatie terecht. Met een brugfiguur in het lager onderwijs wil het Meense stadsbestuur die problematiek daadkrachtig aanpakken.

“Volgens de meest recente cijfers groeit één op de vijf kinderen op in kansarmoede”, start bevoegd schepen Angelique Declercq (SP.A) haar betoog. “Zowel welzijnsorganisaties als scholen worden geconfronteerd met de schrijnende realiteit. Kinderen met een lege brooddoos waren ooit uitzonderingen, nu duiken ze jammer genoeg almaar vaker op.”

Het Meense stadsbestuur wil daar iets aan doen en engageert zich volop in de strijd tegen kinderarmoede. Toch blijft het vaak moeilijk voor mensen in armoede om hulp te zoeken. “Vaak is de hulp wel beschikbaar of is er een ondersteunend systeem maar weten de mensen het niet”, gaat de schepen verder. “Een gevoel van schaamte, een cultuur- of taalbarrière of simpelweg een gebrek aan doorstromen van informatie, kunnen aan de basis liggen van die drempel. Met de inzet van een brugfiguur, die via scholen een neutraal aanspreekpunt wordt, hopen we hiermee komaf te maken.”

Drempel verlagen

Voor Groot-Menen treed Miriam El Idrissi op als brugfiguur, de onmisbare schakel tussen hulpzoekenden en hulpverleners. “We werken standaard vanuit de scholen”, vertelt Miriam. “Het is de plaats waar iedereen samenkomt. Op Meens grondgebied tellen we 15 scholen, waarvan we er in elf een zitdag zullen houden. Daar kunnen mensen mij gewoon opzoeken om hun problemen te bespreken, in de hoop samen tot een oplossing te komen. De vier andere scholen werken op afroep, waar we worden verwittigd wanneer blijkt dat er problemen zijn.”

“Het is mijn neutrale positie die de gevreesde drempel moet wegwerken. Op school zijn we ver weg van alle officiële instanties en voelen mensen zich heel wat vrijer om te spreken”, aldus Miriam nog. “Het feit dat ik ook de Arabische taal machtig ben, is een groot voordeel. Het zorgt er voor dat mensen die het Nederlands minder goed beheersen niet uit de boot vallen. In een school zoals de Vlam in de Barakken lopen kinderen met 29 verschillende nationaliteiten school. Allemaal hebben ze recht op hulp wanneer ze die nodig hebben.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.