Dagboek van een leerkracht en moeder (3): “Afstand houden met 850 leerlingen? Geen lachertje!”

Kim Dumarey (37): leerkracht Nederlands in het secundair onderwijs en moeder van twee kinderen uit de basisschool. © foto JS
Johan Sabbe

Kim Dumarey (37) woont met haar man Jens Vanoverberghe (37) en hun kinderen Ilke (11) en Loïk (10) in Torhout. Ze geeft in die stad les aan de Middenschool Sint-Rembert: Nederlands aan het eerste en tweede jaar secundair. Dochter Ilke en zoon Loïk zitten respectievelijk in het zesde en vierde leerjaar van vrije basisschool Driekoningen. Elke dag praten we met Kim. Over afstandsonderwijs in tijden van corona. Als leerkracht én moeder.

“Woensdag 22 april. Ik verneem het breaking news: de scholen zouden deels heropenen op vrijdag 15 mei. Tiens, ik wist niet dat er al door de premier gecommuniceerd zou worden. Na het ontbijt neem ik er even de digitale krant bij, zo ben ik snel op de hoogte van het nieuws heet van de naald. De bijeenkomst van de Nationale Veiligheidsraad was toch pas op vrijdag voorzien? Aha, een perslek over de exitstrategie blijkbaar… Op maandag 4 mei dus nog niet opnieuw naar school. Nóg twee weken uitstel en dan wordt er gradueel heropend. (zucht) Komen we met de eerste graad van het secundair onderwijs nog wel aan de beurt dit schooljaar?”

“In de loop van de voormiddag gaat alles bij ons thuis z’n gangetje. De kinderen gaan aan het werk met de plannetjes van hun juf. Alle lof trouwens voor de juffen: de opdrachten zijn overzichtelijk en bovendien haalbaar.”

“Pak ik het als leerkracht zélf eigenlijk wel goed aan? Is wat ik aanbied duidelijk en doenbaar voor mijn leerlingen? Als je in klas lesgeeft, krijg je onmiddellijk feedback. Mevrouw, ik snap het niet, wil je het nog eens uitleggen? Nu heb ik er een beetje het raden naar. Maar gelukkig staat in de voormiddag een livesessie gepland met enkele leerlingen. Vóór we echt kunnen beginnen met dat gesprek duurt het toch snel 15 minuten om iedereen op post te hebben. Een microfoontje werkt niet, de webcam weigert dienst, sommigen sluiten pas 5 of 10 minuten na de afspraak aan…”

“Op die manier live lesgeven, is geen evidentie. Ik beantwoord eerst hun vragen over de leerstof. Er zijn er twee. Oef, zo krijg ik meteen feedback. Maar dan beginnen ze te peilen naar het vervolg van het schooljaar. Mevrouw, wanneer mogen we weer naar school? Wat doet het me plezier om het werkwoord mogen te horen. Ze beschouwen school dus niet als een verplichting. Ze beseffen maar al te goed hoe belangrijk opleiding is en welk privilege het is om naar school te kunnen. Ik geef hen de raad om nog wat geduld te oefenen. Vrijdag komt er vast meer duiding over de heropening van de scholen.”

“Mijn gedachten gaan uit naar de directie en de coördinatoren van onze school. Als het waar is wat in de media staat, zouden we les moeten geven in beperkte groepen en in grotere lokalen. Social distancing is natuurlijk nodig, maar dit praktisch uitwerken in een middenschool met liefst 850 eerste- en tweedejaarsleerlingen lijkt me geen lachertje. Het zal heel wat puzzelwerk en afwegingen inhouden. De directeurs Koen Soenens en Pascal Gryson zullen er samen met het coördinatorenteam een vette kluif aan hebben.”

“Plots word ik afgeleid door mijn zoon Loïk. Mama, er staat een foutje in de correctiesleutel. Mag ik zelf een mailtje sturen naar de juf, zodat het ook voor de andere kindjes duidelijk is? Doe maar, zeg ik, maar ik zal je mailtje wél controleren vóór je het verstuurt. Onze Loïk is een sloeber, dus misstaat een beetje controle niet. Enkele minuten later sta ik achter hem mee te lezen. Een trotse mama geeft haar zoon een schouderklopje. Dit heb je prima gedaan, stuur maar door! Snel krijgen we een heel vriendelijke mail terug. Het leek wel of juf Vanessa erop zat te wachten. Ze zal zeker flink wat uren kloppen om alles in goede banen te leiden.”

“In de namiddag nemen de kids weer een duik in het zwembadje in onze tuin. De temperaturen voelen al iets aangenamer aan dan de voorbije dagen. Intussen kan ik verder nadenken over de komende drie weken waarin we nog altijd zullen moeten preteachen. We maken met de collega’s Nederlands nieuwe afspraken, alweer tijdens een livesessie.”

“Ik vind het fijn om te voelen hoe iedereen telkens wil bijspringen en helpen voorbereiden. Samen sterk is ons motto en de voorbije weken heb ik dat keihard gevoeld. Terwijl ik naarstig feedback geef aan leerlingen, hoor ik op de achtergrond het lied dat elke dag weerklinkt op Radio 1: We zullen doorgaan van Ramses Shaffy. Doorgaan zullen we!”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.