"Ja! 't Zin er van bie oes. Wok West-Vlaoming'n." We hoorden enige opluchting in zijn stem. Alsof het zoveel erger was geweest als wij Fransen waren geweest, of neem nu Antwerpenaren. Herkenbaar. Zo gaat dat toch, in het buitenland. Behalve het West-Vlaams - dat dan nog serieus anders bekt in Poperinge dan in Zuienkerke - en het luchtige contentement van de herkenning was er verder niet meteen iets dat 'matchte' tussen ons en de West-Vlamin...

"Ja! 't Zin er van bie oes. Wok West-Vlaoming'n." We hoorden enige opluchting in zijn stem. Alsof het zoveel erger was geweest als wij Fransen waren geweest, of neem nu Antwerpenaren. Herkenbaar. Zo gaat dat toch, in het buitenland. Behalve het West-Vlaams - dat dan nog serieus anders bekt in Poperinge dan in Zuienkerke - en het luchtige contentement van de herkenning was er verder niet meteen iets dat 'matchte' tussen ons en de West-Vlamingen die ons in dat Nederlandse polderdorp hadden opgemerkt. Zij dronken een Leffe en een Duvel - geen Rodenbach - en wij hielden het op een Nederlandse koffie. Toen ze in de auto stapten, hing er naast de Belgische nummerplaat geen VL-sticker en evenmin een West-Vlaamse getinte zelfklever. Wat herkennen wij dan precies in elkaar, West-Vlamingen onder elkaar, vroegen wij ons af. Een antwoord kwam er niet.In datzelfde weekend manifesteerden jonge Vlamingen zich op Pukkelpop met leeuwenvlaggen. Op een niet zo fraaie wijze, volgens ooggetuigen. Dat leidde tot een vlaggenincident dat een weekendlang bleef nazinderen. Vreemd dat Vlamingen onder elkaar geregeld grijpen naar vlaggen om 'hun' identiteit te laten zien. Zijn Vlamingen zonder vlaggen dan minder Vlaming? Of op een andere wijze? Op hoeveel wijzen kunnen wij Vlaming zijn? Wij zijn het in elk geval anders dan vroeger. In onze jeugdjaren vonden we het fijn om op onze pennenetui op school de franskiljons van Schaarbeek - de zestigers herinneren zich ongetwijfeld de lokettenkwestie in het gemeentehuis aldaar - met niet mis te verstane haatcitaten te verwensen. In boeken die we toen kochten - op Ward Ruyslincks Wierook en Tranen na waren het allemaal Simenons nota bene - , tekenden we zowaar het AVV-VVK-kruis. Maar geleidelijk ontdekten we dat het Vlaanderen dat wij toen voor ogen hadden, ging knellen en ons in een almaar beklemmender corset gevangen hield. We zijn eruit gebroken. We zijn de wereld ingetrokken. Als West-Vlaming en dus ook als Vlaming. Maar zonder vlag, zonder wimpel. Identiteit weten we intussen, laat zich niet betonneren, het is een stroom die zich langs alle kanten laat voeden. En het leuke is: stromend water is altijd fris.