De 24-jarige Kenny Molly mocht eind vorig jaar spreken van een geslaagd debuutseizoen op het hoogste niveau. Als neoprof maakte hij een uitstekende indruk en wist hij zich geregeld in de kijker te rijden. Denk maar terug aan de laatste editie van Luik-Bastenaken-Luik, waarin hij een plekje in de vroege vlucht wist te veroveren. Wij verheugden ons al op meer van dat in 2020, maar veel hebben we de Wulvergemnaar, die nu in Nieuwkerke woont, nog niet aan het ...

De 24-jarige Kenny Molly mocht eind vorig jaar spreken van een geslaagd debuutseizoen op het hoogste niveau. Als neoprof maakte hij een uitstekende indruk en wist hij zich geregeld in de kijker te rijden. Denk maar terug aan de laatste editie van Luik-Bastenaken-Luik, waarin hij een plekje in de vroege vlucht wist te veroveren. Wij verheugden ons al op meer van dat in 2020, maar veel hebben we de Wulvergemnaar, die nu in Nieuwkerke woont, nog niet aan het werk kunnen zien."Het is inderdaad nog geen memorabel seizoen geweest", knikt Molly. "Ook voor de coronabreak liep het niet echt lekker. Eerst sukkelde ik een tijdje met mijn rug en net toen het weer begon te draaien, ben ik ziek gevallen. En het duurde toch even voor ik daarvan hersteld was. Wat ik precies had? Geen corona in ieder geval. Ik ben meermaals getest en er is nooit iets aan het licht gekomen. Ik heb ook geen antistoffen, dus waarschijnlijk was het een gewone griep."Ondertussen heeft het profpeloton zich weer op gang getrokken en ook de 24-jarige Molly zit opnieuw in volle koersmodus. Al merkt hij wel dat hij na die lange periode zonder wedstrijden nog op zoek is naar het juiste ritme. De tweedejaarsprof van Bingoal-Wallonie Bruxelles nam in augustus deel aan de Czech Tour en enkele Italiaanse eendagskoersen, maar een succesverhaal is dat niet echt geworden. "Ik moet eerlijk bekennen dat ik er zelf ook veel meer van had verwacht. Het was niet slecht, maar ook niet super. Tijdens de lockdown ben ik goed blijven doortrainen, maar ik ben iemand die koersen nodig heeft om top te zijn. En die waren er niet hé. Maar het is nu zo en misschien kan ik de komende weken nog iets beter worden."Molly hoopt tegen de Waalse klassiekers zijn beste benen terug te vinden. Net zoals vorig jaar zou hij graag nog eens kunnen mee glippen met de vroege vlucht. "Maar dan moet de conditie wel op punt staan hé. We gaan eerst eens kijken hoe het de komende koersen gaat. Na de Heistse Pijl trek ik naar de Ronde van Slovakije en vrijwel meteen daarna heb je al het Belgisch kampioenschap. Ik heb dus nog wel wat kansen om iets te tonen, maar eigenlijk kijk ik al uit naar volgend seizoen. Het voelt toch wat raar aan om nu nog die grote koersen te moeten rijden. Hopelijk kunnen we in 2021 terug een normaal seizoen afwerken." (BVS)