Ze zijn vandaag de dag dun gezaaid, de gezinnen met drie zonen. Vier, waarvan er drie koersen, plus twee dochters is nog straffer. Ignace Planckaert en Caroline Truye kunnen er trots mee uitpakken, want hun drie telgen op twee smalle wielen behoren vanaf 1 januari 2018 tot de beroepscategorie: Baptist (29), Edward (22) en Emiel (21). En toch is deze drieslager geen volkomen unicum, want er zijn zowaar nog twee andere Planckaert-dynastieën met drie vertegenwoordigers in het profpeloton. De meest bekende is uiteraard die van Nevele met Willy, Walter en Eddy, maar ook die van Otegem met wijlen Jef (dé renner van het jaar 1962), André (derde in Gent-Wevelgem 1968) en Willy (schoonvader van Stijn Devolder) mag er zijn. Geen van beiden zijn naaste familie van Ignace Planckaert, die zijn mooiste licht laat schijnen over zijn drie koersende telgen.
...

Ze zijn vandaag de dag dun gezaaid, de gezinnen met drie zonen. Vier, waarvan er drie koersen, plus twee dochters is nog straffer. Ignace Planckaert en Caroline Truye kunnen er trots mee uitpakken, want hun drie telgen op twee smalle wielen behoren vanaf 1 januari 2018 tot de beroepscategorie: Baptist (29), Edward (22) en Emiel (21). En toch is deze drieslager geen volkomen unicum, want er zijn zowaar nog twee andere Planckaert-dynastieën met drie vertegenwoordigers in het profpeloton. De meest bekende is uiteraard die van Nevele met Willy, Walter en Eddy, maar ook die van Otegem met wijlen Jef (dé renner van het jaar 1962), André (derde in Gent-Wevelgem 1968) en Willy (schoonvader van Stijn Devolder) mag er zijn. Geen van beiden zijn naaste familie van Ignace Planckaert, die zijn mooiste licht laat schijnen over zijn drie koersende telgen.Baptiste staat vanzelfsprekend al het verst. Bij Katusha mocht hij na 2016 een lucratief meerjarig contract tekenen. "Hij had al twee jaar in de World Tour moeten rijden", liet Ignace zich begin 2017 ontvallen. "Baptiste werd indertijd nooit gesolliciteerd door Vlaanderen. Wij hebben er het raden naar waarom dat niet gebeurde. Aan het ras kon het niet liggen, want Eduard en Emiel rijden er wel voor. Baptiste moest een alternatieve aanloop nemen en zelfs stappen terugzetten, maar hij schoof toch geleidelijk op. Ik herhaal en beklemtoon dat hij al twee jaar langer in de World Tour had moeten rijden. Ik werd in 2017 door de feiten in het gelijk gesteld, ook al zat het Baptiste lang niet altijd mee. Zo liep hij bij een val in de Tour de Wallonie een breukje op in de schouder. Hij verbeet zijn pijnen, maar 14 dagen later kon hij toch niet verder tijdens de derde rit van de BinckBank Tour. Daardoor miste hij de Vuelta, die hij zo graag had gereden, omdat het hem als coureur verder zou hebben verbreed. En een volgende val in Paris-Bourges maakte een vroegtijdig einde aan zijn seizoen.""In de pikorde van 2018 bij Katusha schuift Baptiste een bank naar voren", vervolgt Ignace. "Hij krijgt het beschermd statuut dat hij volgens mij ook zal waarmaken. Alexander Kristoff ging en Marcel Kittel kwam, maar de Duitser is geen liefhebber van de voorjaarskoersen. Ook een belangrijke doelstelling voor Baptiste wordt: eindelijk eens aanzetten in een grote ronde en er een teamgenoot of ... zichzelf aan een dagzege helpen. Baptiste kan zichzelf (en dus ook een kopman) als geen ander uit de wind zetten. Ook in het lezen van de koers is hij een crack. Hij flaneert in de staart van het peloton tot de beslissing valt. De slimste van mijn klas en het boegbeeld voor de twee anderen, zeker weten!"Edward is aan het voorgaande nog lang niet toe, maar zette als neo-prof in 2017 ook mooie stappen. "Ward is meer speels dan doorgrondelijk", zegt Ignace van zijn tweede coureur. "Ook hem zat het niet onverdeeld mee. Zo werd hij in de massaspurt van de openingsrit van de Ronde van België in Duinbergen in de val van andere renners meegesleurd met een complexe sleutelbeenbreuk tot gevolg. Daardoor moest hij vier weken aan de kant blijven. Edward had zich dan echter al bewezen met een aanval van 180 km in de Ronde van Vlaanderen. De week daarop reed hij, goed gerecupereerd, Paris-Roubaix uit. In de GP Jean-Pierre Monseré behaalde hij begin juli vervolgens zijn beste resultaat: vierde. Ik hoop dat hij volgend seizoen in aanmerking komt voor één of meer kleinere overwinningen. De aansluiting van Emiel zal hem een boost geven."Het brengt ons naadloos bij de benjamin, volgens ondergetekende intrinsiek de meest getalenteerde van de drie, zeker op vlak van de hoogtemeters. "Emiel lukte, ondanks hand- en spandiensten aan Lotto-Soudal U23-ploegmaats Bjorg Lambrecht en Harm Vanhoucke, een geweldig persoonlijk seizoen", benadrukt Ignace. "Hij boekte fraaie eindklassementen in de Tour de Bretagne, de Ronde de l'Isard, de Vuelta a Navarra, de Baby Giro en vooral de Tour de Moselle, waar hij een rit won en tweede in het eindklassement werd. Miel kan nog meer dan wij dachten en zou wel eens sneller kunnen ontwikkelen dan zijn twee oudere broers. Toch zal hij, zonder stappen over te slaan, zijn plaats kennen bij Sport Vlaanderen-Baloise."Stamvader Ignace koerste ook, was een veelwinnaar, maar werd nooit beroepsrenner. "De tijd was er niet naar, maar bovenal was en ben ik een huismus", bekent Ignace ootmoedig. "Drie dagen weg van thuis lukt(e) mij nog net, maar alstublieft geen vijf of meer. Ik ben een adept van oost west, thuis best. Om die reden ben ik zelfs niet zeker dat ik, indien 40 jaar jonger, nu profrenner zou willen worden. Ik ben, wat dat betreft, een speciale hoor. Trouwens: als tuinaanlegger heb ik de job van mijn leven."De 59-jarige huismus heeft met zijn echtgenote Caroline, dochter van de inmiddels 83-jarige Willy Truye - tweede in de Ronde van Vlaanderen 1958 achter streekgenoot Germain Derycke - nog drie kinderen: Elke (35), Olivier (30) en Suzanne (19). Die laatste nipte ook even van het wielrennen, maar de miniemenkoersjes waren te karig bezet en dus te saai voor haar. Ignace werd op maandag 6 november al voor de achtste keer grootvader: dit keer van Amélie, de derde van Baptiste."Als beginnend coureur was ik door een gebrek aan explosiviteit niet van de rapsten", vervolgt Ignace. "Dat werd bijgesteld door Lucien Bekaert, die nu op zijn 89ste nog elke dag minstens 25 km fietst. Hij leerde me mijn spurt geleidelijk opbouwen: niet van te ver beginnen, maar ten vroegste vanop 400 en liever nog vanop 300 meter. Het rendeerde. Oude wijze Lucien is de oom van Eric Wyckaert, toen mijn fietsenmaker die ik helaas nooit meer zie." De koersende Planckaerts zijn brave, welopgevoede gasten, maar vergis u niet. Als ze samen zijn, schromen ze zich niet om op hun beurt t zwien deur de bjèten joagen. Niet op café, wel op de mountainbike. "Twee zondagen geleden was het weer van dat", zucht Ignace. "De twee oudsten haakten in mekaar. Baptiste werd aan de rug geraakt. Eduard moest met een zware handkneuzing naar spoed. Het liep goed af en hopelijk nemen ze voortaan geen onverantwoorde risico's meer..." Ignace houdt alvast zijn hart vast als zijn koersende telgen samen op pad gaan.