Geert Huyghe (60) heeft een degout van vuile bermen. Door zijn beroep als hydraulieker wordt hij al twintig jaar geconfronteerd met machines die door groot en klein zwerfvuil naar de knoppen worden geholpen. "Ik kan mij daar inderdaad mateloos aan ergeren", geeft Geert toe. "Vroeger kostte het berm-maaien de stad 60.000 euro. Dit is tegenwoordig verdubbeld. Vanmorgen nog ontdekten we in de gracht van de Zilverbergstraat een achtergelaten frigo. Dat zijn mensen die 's nachts bewust op pad gaan om hun afval ergens...

Geert Huyghe (60) heeft een degout van vuile bermen. Door zijn beroep als hydraulieker wordt hij al twintig jaar geconfronteerd met machines die door groot en klein zwerfvuil naar de knoppen worden geholpen. "Ik kan mij daar inderdaad mateloos aan ergeren", geeft Geert toe. "Vroeger kostte het berm-maaien de stad 60.000 euro. Dit is tegenwoordig verdubbeld. Vanmorgen nog ontdekten we in de gracht van de Zilverbergstraat een achtergelaten frigo. Dat zijn mensen die 's nachts bewust op pad gaan om hun afval ergens te dumpen. Onbegrijpelijk. Om nog maar te zwijgen van de uitwerpselen van honden die je van de schroeven van die maaiers moet verwijderen. In de zomer is dit onbegonnen werk." Geert bleef niet bij de pakken neerzitten en ging op zoek naar anderen die zelf de handen uit de mouwen wilden steken. "Groot Roeselare telt 130 kilometer bermen. Het grondgebied van De Ruiter heeft 15 straten, één pleintje, een waterspaarbekken en 15 kilometer bermen en grachten. Ik heb een schema uitgewerkt, waarbij we met 15 vrijwilligers elke maand ongeveer één kilometer berm van onze eigen straat proper houden." Geert is gewoon zelf naar de mensen toe gestapt en die waren daar eigenlijk bijna allemaal direct voor te vinden. Hij heeft zijn equipe 'De Zwerfvuilzakkenvullers' genoemd. "De gemiddelde leeftijd van onze vrijwilligers is 59 jaar. Het is een uurtje werk en op die manier hopen we onze gemeente proper te houden en zorgen we dat de maaimachines die elk jaar twee keer langs komen, niet defect gaan. We starten voor vier maanden en daarna wordt dit project geëvalueerd." "We kunnen zo'n initiatieven alleen maar toejuichen", glimlacht Martine Lakiere, milieuambtenaar van de stad. "Het stadsbestuur voorziet in opkuismateriaal voor al die vrijwilligers: een grijper, een fluohesje, handschoenen en afvalzakken voor PMD en restafval, zijn de belangrijkste benodigdheden." Marianne Grillet, de vrouw van Geert, fungeert als tussenpersoon en meldpunt. Als zakken vol zijn of als er groot zwerfvuil gesignaleerd wordt, geeft zij dit door aan de bevoegde instanties. "Het project op zich is uniek", vertelt Martine. "Voor ons wordt het interessant om alle gegevens van het ingezamelde afval te monitoren en bij te houden. Hierdoor kunnen we volgen in hoeverre het afvalverhaal door een nog intensere inzet en opkuis verbetert en beslissen welke acties we eventueel nog kunnen nemen. Meehelpen en een bijdrage leveren aan de minder mooie aspecten van het samenleven door andermans achtergelaten afval op te ruimen, mag een toonvoorbeeld zijn van een wijkgerichte aanpak." (KK)