"Als kind droomde ik er al van om toneelspeler te worden", opent Geert Vermeersch. "In die tijd was dat natuurlijk een gek idee, want dat was een risicoberoep. Het bleef dus bij die vage droom en het werd niet erg snel een grote ambitie om echt toneelspeler te worden."
...

"Als kind droomde ik er al van om toneelspeler te worden", opent Geert Vermeersch. "In die tijd was dat natuurlijk een gek idee, want dat was een risicoberoep. Het bleef dus bij die vage droom en het werd niet erg snel een grote ambitie om echt toneelspeler te worden."Geert Vermeersch: "Toen ik op school les Nederlands kreeg van wijlen Herman Verschelden, en later ook voordracht, zei hij mij dat ik toneel moest spelen. Zelfs op dat moment had ik nog steeds niet de brandende ambitie om dat ook echt te doen. Ik was waarschijnlijk nog veel te jong om echt daarover te kunnen spreken. Ik ben pas echt ambitieus geworden op mijn 25ste.""Inderdaad. We bevinden ons nu dus in de jaren 80. Laat ons zeggen dat ik vrij jong getrouwd, maar ook jong gescheiden ben. Ik was een jaar of 25 en startte in Tielt met het volgen van voordracht, toneel en zang. Ik begon ook in verschillende amateurtheaters te spelen.""Eerst heb ik poëziespektakels geregisseerd met tieners. In die periode gaf ik ook nog steeds les, want ik ben opgeleid als onderwijzer. In de school waar ik werkte, De Waaiberg in Tielt die nu niet meer bestaat, heb ik twee kindermusicals geschreven. Ook toen ik er niet meer werkte, heb ik er nog eentje gemaakt. In totaal maakte ik dus drie kindermusicals: Ridders, Piraten en Tempoesfoejit. De acteurs/zangers/dansers van die kindermusicals waren uiteraard kinderen uit De Waaiberg. In het jaar 92 ben ik gestopt met lesgeven en ben ik begonnen bij de BRT. Dat was de start van een periode waarin ik jarenlang niets meer met theater gedaan heb. Uit tijdsgebrek kon ik me niet meer engageren om in stukken mee te spelen, stukken te maken of überhaupt naar stukken te gaan kijken.""In 2014 ben ik voor de eerste keer weer beginnen te spelen bij Theater Dakwerken in het stuk De Goede Dood en was ik al aan het repeteren voor De Toverfluit van Mozart, waarvoor ik in 2013 auditie had gedaan. Eigenlijk was De Toverfluit een musicalbewerking, want het oorspronkelijke werk van Mozart is een opera. Twee jaar later stond ik op de planken van de stadsschouwburg in Brugge in het stuk Jan zonder Vrees van de Brugse theatervereniging TeamJacques. In september van dit jaar heb ik opnieuw in Brugge gestaan met het stuk De Drie Musketiers. Tot slot heb ik dit jaar ook nog een rol gekregen in Het Ei van Oom Trotter, waar ik zelf in de rol van Oom Trotter kruip. Dat stuk is trouwens op 9, 10 en 11 november nog te bezichtigen in Oostkamp. Naast het feit dat ik zelf op de planken sta, heb ik me de laatste jaren ook nog beziggehouden met het schrijven van mijn eigen musical Naar Compostela.""Naar Compostela is gebaseerd op mijn persoonlijk verhaal. Ik wandelde namelijk zelf naar Compostela in 2012. Zowel de aanleiding van mijn tocht als de tocht zelf zijn in de musical verwerkt. Ik heb tien weken gewandeld om een depressie te verwerken. Voor alle duidelijkheid: de musical is geen droog verslag van mijn tocht, maar is wel degelijk fictie. Het is gebaseerd op mijn persoonlijk verhaal, maar uiteraard zijn er veel elementen verzonnen.""Vooral de combinatie van zingen, acteren en dansen vind ik fantastisch. Opera is dan nog een trapje hoger. Bij opera is alles nog veel groter en passioneler en moeten de acteurs zangtechnisch heel erg sterk zijn. Bij een musical is dat net een tikkeltje anders, omdat je als artiest minder volume moet halen met je stem en je met een micro zingt. Bovendien eindigt een opera altijd dramatisch, terwijl de thema's bij musicals veel frivoler en hedendaags kunnen zijn. Ik vind musicals zo fantastisch omdat de acteurs steeds beginnen te zingen over hun gevoelens. Er zijn veel mensen die dat raar vinden trouwens.""Heel veel. Je moet een verhaal schrijven, liedjes maken en acteurs/zangers/dansers vinden. Dat zijn echte allroundartiesten. Daarnaast heb je een orkest en een koor nodig. Het Koninklijk Koor en Orkest Zanglust geeft mij de mogelijkheid om mijn musical op de planken te brengen. De samenwerking was een bewuste keuze, omdat het een bestaande groep is en omdat de dirigent, Bart Snauwaert, mijn schoonbroer is. Daarnaast heb je ook een regisseur, decor, micro's, veel budget en een componist voor de orkestratie nodig. De regie neem ik trouwens zelf voor mijn rekening, samen met Severine Van Compernolle. We hebben beiden een rol in de musical, wat betekent dat we elkaar zullen regisseren, terwijl de ander op de planken staat.""Ik zou dat wel willen doen, maar ik heb eigenlijk geen idee. Ik hoop uiteraard om nog in veel andere stukken te mogen meespelen, maar voorlopig heb ik al mijn bezigheden. Zoals ik al zei, sta ik op 9, 10 en 11 november nog op de planken in Oostkamp. Daarnaast zal ik uiteraard het komende jaar nog eventjes zoet zijn met de vele repetities van Naar Compostela. De eerste lezing hebben we wel al achter de rug, maar de echte repetities zullen van start gaan in het voorjaar. Wat er daarna zit aan te komen, is nog een raadsel. Maar ik hoop dat er nog heel veel op me afkomt, want de goesting is er zeker en vast."(Stephanie Desmet)