Om 13.30 uur betrad Aldous Harding het podium. Of beter gezegd: schreed stil en waardig. De Nieuw-Zeelandse wortelt haar muziek in een fond van ingetogen gedachten en omgekeerd evenredige uitbundigheid. Haar vier begeleiders hielden zich in het eerste gedeelte vooral op de achtergrond terwijl Harding broze, tere liedjes tokkelde en zong. Met als voornaamste instrument: de stilte.

"Het publiek hield zodanig de adem in dat je alleen de vogels hoorde fluiten"

Terwijl elke band moet vechten tegen het geroezemoes, kreeg Harding met haar charisma het publiek volledig op haar hand. Het was bevreemdend - en voelde tegelijk heel natuurlijk aan - hoe tussen de songs niemand iets zei. Noch Harding, noch het publiek beroerden de lippen om een aanstekelijke stilte niet te doorbreken. Enkel de vogels bleven fluiten.

PJ Harvey en Heather Nova

Gaandeweg met aardig aandikkende massa, verplaatste de intensiteit zich naar een hoger volume. Daarbij werd duidelijk waarom ze samenwerkt met John Parish, de vaste kompaan van PJ Harvey met wie ze soms vergeleken wordt. Wij hoorden in de gothic folk ook echo's van Heather Nova.

Aldous Harding. © Davy Coghe

Het spaarzame gebruik van instrumenten gecombineerd met angelieke stem bleef coherent overeind. Vier van de vijf bandleden zongen mee en gaven gerichte impulsen. Origineel is dat de drummer af en toe zijn stokken opzijlegt om zuinig trompet te spelen. Na drie festivaldagen paste deze kunst van de stilte perfect bij de lome middag met vloeibaar ontbijt. (RJ)

Aldous Harding. © Davy Coghe