De balans van Club NXT na één jaar met beloften in het profvoetbal: “Kloof met Club 1 verkleind”

“Oudere spelers zoals Thomas Van den Keybus, Ignace Van der Brempt en Maxim De Cuyper kregen een unieke kans”, stelt Rik De Mil. (foto Belga)©KRISTOF VAN ACCOM BELGA
“Oudere spelers zoals Thomas Van den Keybus, Ignace Van der Brempt en Maxim De Cuyper kregen een unieke kans”, stelt Rik De Mil. (foto Belga)©KRISTOF VAN ACCOM BELGA
Redactie KW

Thomas Van Den Keybus, Ignace Van Der Brempt, Maxim De Cuyper: elke fan van Club Brugge kent deze namen. Dankzij een jaar profvoetbal in 1B. In die afdeling rolt de bal niet meer. Behalve bij vice-kampioen Seraing dat in twee duels met Waasland-Beveren om een ticket voor 1A strijdt. Club NXT sloot de competitie als achtste en laatste af. Met 13 punten uit 28 matchen: twee zeges, zeven puntendelingen, 19 nederlagen. Trainer Rik De Mil, hét gezicht van Club NXT, maakt de balans op.

Teambalans: 5,5 op 10.

“Zes of zeven op tien kan ik niet geven. Want het werk is niet af. We moeten nog dominanter voetballen, we moeten meer doelrijpe kansen scheppen, we moeten efficiënter worden. Inzake progressie is dit project geslaagd, maar in voetbal draait het ook om punten. Op dat vlak is onze missie niet volledig geslaagd. Vandaar 5,5 op tien.”

Wat was goed?

“Bij de opstart van dit project was het eerste doel de kloof met het eerste elftal, de beste ploeg van België, kleiner maken. Het verschil tussen profvoetbal op het hoogste niveau en een gewone beloftencompetitie is gigantisch. In de loop van dit seizoen in 1B zijn we een pak dichter bij Club 1 gekomen. Jonge talenten maximaal de kans geven om zich te ontplooien was een ander doel. Ook dat is gelukt. Noah Mbamba was pas 15 toen hij bij ons kwam. Nu traint hij elke dag met de A-kern. Ook Denzel De Roeve, Cisse Sandra en Mathis Servais hebben zich in 1B kunnen tonen. In een beloftencompetitie zoals we die vroeger kenden was dat nooit gelukt.”

Carl Hoefkens is dé link tussen beide ploegen, hij is overal aanwezig

“Toen we bij de winterstop een eerste voorlopige balans opmaakten, moesten we toegeven dat Union, Seraing, Lommel en Westerlo voor ons te sterk waren. Begin oktober verloren we met 6-1 bij Seraing. Na Nieuwjaar verloren we in Seraing met 2-1 na een tumultueuze slotfase en verloren we thuis met 0-1 nadat we negentig minuten de beste ploeg waren. In het tweede deel van de competitie is het tegen iedereen echt match geweest. We zetten onze voet naast Seraing, Westerlo en Lommel. Enkel Union bleef te sterk. Ook op mentaal vlak zette deze jonge groep stappen, eveneens een goed punt. Die gasten waren niet gewoon veel te verliezen. Toch stonden ze er elke week opnieuw. Ook na de pandoeringen bij Seraing en Union.”

Wat was niet goed?

“Voor aanvang van de competitie hadden we op meer punten gehoopt, dat kunnen we niet ontkennen. Zeker in het begin van de competitie waren we niet goed genoeg. De organisatie stond er snel, maar het balbezit was te klein en duelkracht kwamen we tekort. Op stilstaande fasen slikten we heel wat doelpunten. Door een gebrek aan fysieke kracht. Dat kostte ons punten.”

Rik De Mil.©JOHAN EYCKENS BELGA
Rik De Mil.©JOHAN EYCKENS BELGA

Wie waren de verrassingen?

“Ik heb heel wat jongens van amper 16 gunstig zien evolueren. Jongens van wie ik aanvankelijk dacht dat ze die stappen nog niet zouden zetten. En de kerels die al een beetje ouder zijn, hebben een unieke kans gekregen en ook gegrepen. Zoals Thomas Van den Keybus, Ignace Van der Brempt en Maxim De Cuyper.”

Persoonlijke balans als proftrainer?

“Ik ben drie jaar proftrainer, maar dit was mijn eerste seizoen in een professionele competitie. Het is een gigantisch boeiend jaar geweest, heel leerrijk ook. We verloren veel matchen, maar ook daar leer je uit. Als trainer was ik niet gewoon om veel te verliezen. Wat vooral positief is: de weg die we bij de start van dit project uitstippelden zijn we blijven volgen. Ook al was die weg soms hobbelig. Als trainer maakte ik eveneens progressie. Dat ik plots, tijdens een corona-uitbraak, drie keer Philippe Clement moest vervangen was een interessant extraatje. Dat we tegen Kiev niet naar de achtste finales van de Europa League konden doorstoten, was teleurstellend. Dat was één van de ontgoochelingen die ik heb moeten verwerken.”

Hoe was de wisselwerking met Club 1?

“In België is die uniek. In het Basecamp hebben we één grote open bureau, garant voor een goeie communicatie. Bij Club 1 wisten ze altijd wat er bij ons gebeurde. Ook de analyses deden ze met ons. Ze namen er altijd hun tijd voor. Carl Hoefkens is de link. Hij is bij alles aanwezig. En met Philippe Clement werkte ik heel goed samen.”

Wat volgend seizoen?

“Laat ons hopen dat we dit project kunnen verderzetten, wat goed zou zijn voor het Belgisch voetbal in het algemeen. Het zou zonde zijn indien dit geen navolging krijgt. Integratie in het voetbal voor volwassenen in, in de laatste fase van de opleiding, van goudwaarde. Ooit willen we er in 1B staan.” (Hans Fruyt)

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.