De cirkel voor spits Timothy Van de Wouwer was rond na 20 jaar shotten en goals maken: “Het is echt mooi geweest”

Timothy Van de Wouwer met een van zijn Zilveren Ballen die hij kreeg als topschutter en (rechts) bij zijn laatste kunststukjes bij SV Ingelmunster waar hij voor de derde keer een passage maakte. (gf/foto a-Bart)
Wouter Vander Stricht

De carrière van Timothy Van de Wouwer zit er op: 20 jaar na zijn debuut bij ZK Dentergem stopt hij er nu als net geen 36-jarige. “Ik had altijd beloofd de cirkel rond te maken bij mijn moederclub, dat is gelukt. Maar een zware knieblessure dwingt me nu wel te stoppen.”

Tot zijn 12 jaar stond Timothy Van de Wouwer in doel bij ZK Dentergem. “Maar toen kwam er een andere keeper en besloot ik veldspeler te worden.” Het was het begin van een mooie carrière. Die startte ook bij zijn moederclub in de eerste ploeg. “Ik ben opgegroeid aan het speelpleintje dat paalt aan het voetbalveld, ik was amper 16 jaar toen ik al in het eerste elftal mocht aantreden. Drie seizoenen ben ik er gebleven, tot ik mezelf presenteerde bij KFC Aarsele. Jan Luts was er toen trainer, we speelden in tweede provinciale. We wonnen dat seizoen maar één keer en zakten dus, maar ik was wel topschutter van de reeks.”

Topschutterstitels

Dat had natuurlijk de nodige interesse gewekt. Het was het begin van een reeks omzwervingen, stap na stap ging het hogerop en meestal bleef Timothy ook maar één seizoen bij elke club. “In die tijd was mijn moeder samen met Jude Vandelannoite, die net terugkeerde uit Griekenland. Hij ging bij SV Ingelmunster aan de slag en ik trok met hem mee. Ideaal, ik kon met hem meerijden. Hij was toen al een stuk in de 30, maar als ex-prof stak hij er bovenuit. Het is dan ook de beste speler waarmee ik ooit voetbalde. Hij kon een bal over 60 meter met precisie klaar leggen. Op plaatsen 2 en 3 op het podium van favoriete medespelers komen Bart Syx en Nick Degroote. Met die eerste speelde ik bij drie verschillende ploegen samen, met die laatste bij KSK Oostnieuwkerke. Beiden hebben ze me tal van assists gegeven. In het seizoen bij KSK Oostnieuwkerke, waar we uiteindelijk geen kampioen werden omdat KSKV Zwevezele nog meer punten pakte, werd ik opnieuw topschutter. Ik kon in 28 matchen 36 keer de netten doen trillen.”

“In vergelijking met vroeger waren mijn eerste 5 meter waren nog even snel, de 30 die er op volgden wat minder” (lacht)

De titel met Ingelmunster in tweede provinciale, de promotie met Harelbeke en het topjaar in KSK Oostnieuwkerke blijven in zijn geheugen gegrift, de drie topschutterstitels die hem telkens de Zilveren Bal opleverden, eveneens. Net als de bijhorende feestjes. Niet enkel de West-Vlaamse teams kenden hem als speler of tegenstander, ook in Oost-Vlaanderen maakte hij furore. “Van Ingelmunster trok ik naar Sparta Petegem, maar in december liet KMSK Deinze me al tekenen. Opnieuw een stap hogerop naar derde klasse toen, maar ik wist niet dat die overstap zo gevoelig lag. Ik had toen al een tiental goals gescoord, daarna kwam ik niet meer veel aan de bak. Bij Deinze moest ik eerlijk gezegd wennen aan het niveau, de snelheid van uitvoering en de balbehandeling moesten beter. Maar uiteindelijk paste ik me aan, kwam ik in de ploeg en scoorde ik 14 keer in 20 matchen. Maar daar doken dan weer financiële problemen op, waarna ik naar KM Torhout trok. In de heenronde verliep het daar uitstekend, tot KSV Roeselare me kwam scouten en dat in mijn hoofd begon te spelen.”

Een transfer naar de tweedeklasser kwam er niet, een terugkeer naar Ingelmunster volgde wel. Het jaar erop stond hij samen in de spits met Vince Geryl bij de nieuwe fusieclub KVK Westhoek. “We wonnen dat jaar eens met 13-0 waar Vince vier keer scoorde en ik zes goals lukte.”

Maar toen trok Harelbeke aan zijn mouw. “Dat was een stuk dichter bij huis, met Pieter Merlier, Valentin Romont, Gianni Vanhaecke, Giovanni Delannoy en in het tweede seizoen ook Bart Syx was het top. In het derde seizoen verloor ik mijn basisplaats aan Dylan Descheemaecker, een gast waar ik goed mee overeen kom, en kon ik aan de winterstop naar Berlare met een semiprofcontract. Dat ging niet door, waarna we ons topjaar kenden in eerste provinciale.”

Belofte nakomen

Na een nieuw Oost-Vlaamse uitstapje naar SK Lochristi en SK Berlare, dat laatste samen met Merlier en Jonathan Meerschman, en een tussendoortje bij Dosko Kanegem keerde hij voor een derde passage terug naar Ingelmunster. “Maar ik was niet fit genoeg, ik ging dan maar met mijn maten bij Short Turn United liefhebbersvoetbal spelen.”

Maar er was nog één belofte die hij moest nakomen. “Filip Demeyer, de vader van mijn jeugdvriend Diego, is nog altijd voorzitter van ZK Dentergem. Ik had hem beloofd mijn carrière hier af te sluiten, maar een blessure zorgt er nu voor dat ik met onmiddellijke ingang er een einde moet aan maken. Mijn voorste kruisband is afgescheurd, de meniscus is geraakt,… Op 7 november word ik geopereerd door dokter Thomas Tampere, ook actief bij Club Brugge. Daarna zal het herstel uiteraard nog een tijd in beslag nemen.”

Padellen in Arenal

Uiteraard was Timothy ook niet meer de speler die 20 jaar eerder debuteerde bij ZKD. “Mijn eerste vijf meter waren wel nog even snel, de 30 die erop volgden wat minder”, lacht hij.

Een zuur einde, maar Timothy verliest er dus zijn lach niet bij. “Het is mooi geweest. Ik heb veel meegemaakt en ook veel vrienden er aan over gehouden. Ik hoop nog actief te blijven in het voetbal, straks als het weer lukt, ga ik misschien als T3 aan de slag bij Dentergem”, zegt de spits die beroepshalve aan de slag is bij veilinghuis ‘Openbare Verkopen’ en in een winkelstraat in Waregem woont. “Ik help ook nog in de bar van Arenal en eens terug fit hoop ik daar te kunnen padellen.”

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier