“Rechtkrabbelen na een tegenslag: topsport is echt een metafoor van het leven”

Redactie KW

Met enige zin voor overdrijving zouden we ietwat oneerbiedig kunnen zeggen dat ze allebei met ‘professioneel sportief pensioen’ zijn. Maar laat er vooral geen twijfel over bestaan: Aagje en Rik Vanwalleghem zijn nog altijd alive and kicking. Beide Wevelgemnaren hebben behoorlijk wat gemeen: passie voor topsport, liefde voor muziek en zelfs een familiale band die niet zo ver lijkt als je zou durven vermoeden. Gewezen topturnster Aagje en ex-journalist Rik Vanwalleghem halen hun familiebanden aan.

Als Aagje en Rik elkaar ontmoeten in de gastvrije Wevelgemse bib duurt het niet lang vooraleer allerlei anekdotes over kleurrijke en inspirerende familiefiguren worden uitgewisseld. De familie Vanwalleghem was altijd al een merkwaardige bende met heel wat persoonlijkheden die er op positieve wijze uitspringen. Rik keek er dan eigenlijk ook niet zo raar van op toen zijn nicht Hilde besliste om een Braziliaans ukkie van amper vier maanden oud – Ana Maria Pereira Da Silva, alias Aagje Vanwalleghem – te adopteren.

“Pas op, we spreken over bijna dertig jaar geleden”, opent Rik. “Adoptie was toen lang niet zo gangbaar en ingeburgerd. Toch verbaasde het me niet echt, net omdat onze familie een bont allegaartje van boeiende persoonlijkheden was. Ik ben tot mijn zestiende grotendeels opgegroeid met Hilde en haar broers Bart en Hedwig. Robert en Albert, onze respectievelijke vaders, hadden namelijk een groot huis gebouwd dat bestond uit twee grote delen – een voor elk gezin – en elkaars spiegelbeeld waren. Toen ik later biologie studeerde in Gent deelde ik een kot met Bart, die er prat op ging alle 400 boeken van Georges Simenon te hebben…”

“Sport kan echt onbarmhartig zijn en dan heb je daar jaren van je leven voor opgeofferd”

“Ik heb enorm veel gehad aan ‘vake’ Albert, mijn grootvader”, neemt Aagje over. “Meesterke Vanwalleghem, zoals iedereen hem kende, was gek op klassieke muziek, hield ontzettend van Beethoven en inspireerde mij om op mijn derde al viool te leren spelen. Later leerde ik ook piano – ik behaalde ooit zelfs een internationale prijs in een vierhandenwedstrijd – en drums. Voor viool had ik echt talent, het spijt me nog altijd dat ik daar amper iets mee heb gedaan. ‘Vake’ heeft ook altijd een belangrijke rol gespeeld in mijn carrière, hoewel hij niet naar wedstrijden kwam kijken. Hij kon de gedachte dat ik misschien teleurgesteld zou zijn of de kans op een blessure moeilijk verdragen. (geëmotioneerd) Eigenlijk was hij ontgoocheld toen ik besliste om alles op topsport te zetten. Twee jaar geleden is hij gestorven, vier weken voor hij zijn 100ste verjaardag zou vieren.”

Hoe ben jij eigenlijk met turnen begonnen, Aagje?

Aagje: “Ik was vijf jaar toen mijn ma me liet kennismaken met gymnastiek. Mijn trainsters merkten vrij vlug dat ik talent had en snel dingen oppikte. Door mijn wendbaarheid en explosiviteit viel ik ook altijd goed. Ik brak door tijdens de European Youth Olympic Days in 2001 in Murcia.”

Rik: “Ik heb jouw carrière eigenlijk nooit echt op de voet gevolgd. In die periode was ik wielerjournalist bij Het Nieuwsblad en slorpte de koers me helemaal op. Bovendien is gymnastiek een sport die weinig in de belangstelling komt, behalve dan op echt grote kampioenschappen en de Olympische Spelen. Toen volgde ik het wel wat via de krant, maar dus altijd op een afstand.”

Zeker als gymnaste moet je, letterlijk en figuurlijk, blijk geven van een enorme veerkracht. Aan welke pieken en dalen denk je nog vaak terug?

Aagje: “Het hoogtepunt blijven de Olympische Spelen van Athene in 2004, toen ik als eerste Belgische ooit de allroundfinale heb gehaald. Maar ook mijn bronzen plak in de sprongfinale van het EK in Debrecen 2005 zal ik nooit vergeten. Mijn grootste ontgoocheling was het missen van de Olympische Spelen in Peking in 2008, net nadat ik gerevalideerd was van een zware knieblessure. Omdat mijn sprongoefening door de jury ondergewaardeerd werd, kwam ik vijf honderdste van een punt te kort om de beste Belgische te zijn. Ik heb gehuild als een klein kind toen ik de openingsceremonie van de Spelen in Peking thuis op het televisiescherm moest volgen.”

Rik Vanwalleghem

© VDB

Privé

Rik Vanwalleghem werd geboren op 9 oktober 1952. Hij is afkomstig uit Wevelgem, maar woont tegenwoordig in Brugge met zijn echtgenote Hilde Perneel. Hij is vader van Maud (29, historica) en Andrea (24, volgt studies verpleegkunde).

Verleden

Hij studeerde af als bioloog en werkte eerst bij de Rijksdienst voor Monumenten en Landschappen, maar vond later zijn roeping in de sportjournalistiek. Hij werd hoofdredacteur van Het Nieuwsblad en directeur van het Centrum Ronde van Vlaanderen. Hij schreef ook talrijke sportboeken.

Heden

Rik amuseert zich sinds zijn pensioen met het schrijven van columns en boeken. Hij houdt ook voordrachten en is gegeerd als moderator van debatten.

Wat doen jullie zoal tijdens jullie ‘sportief pensioen’?

Rik: “Vandaag ben ik bezig met voordrachten geven, debatten modereren en schrijven, natuurlijk. Ik ben volop bezig met een boek over wijlen Hein Verbruggen (gewezen voorzitter van de UCI, de internationale wielerfederatie, red.) af te ronden. Daarnaast werk ik samen met mijn dochter Maud, die historica is, aan een boek over hoe mijn grootvader de Eerste Wereldoorlog heeft beleefd. We baseren ons daarvoor vooral op dagboeken uit die tijd. Bovendien heb ik een oude liefde herontdekt: pianospelen. Ik volg daar nu weer lessen voor, al is het te laat om nog de Koningin Elisabethwedstrijd te winnen.” (lacht)

Aagje: “Ik ben ook weer met piano begonnen. Het klavier waar ik destijds op leerde spelen, staat nu bij mij thuis. Onlangs kocht ik enkele partituren, waarmee ik aan de slag ben gegaan. Het is iets dat ik graag weer wil oppikken. Daarnaast ben ik pas mama geworden van een tweede kindje. Vanzelfsprekend slorpt die enthousiaste kroost ook heel wat tijd op. Ik heb echter niet de luxe om fulltime mama te zijn. Via lezingen probeer ik mensen te inspireren, door hen vanuit mijn verhaal de principes van veerkracht te leren ontdekken. Daarnaast stimuleer ik als personal trainer in een bedrijf de werknemers voor een gezonde levensstijl met meer beweging.”

Aagje Vanwalleghem

© VDB

Privé

Aagje Vanwalleghem kwam ter wereld op 24 oktober 1987 in Brazilië. Toen ze vier maanden oud was, werd ze als adoptiekind opgenomen in het gezin van Hilde Vanwalleghem in Wevelgem. Ze is intussen getrouwd met polsstokspringer Denis Goossens en mama van Noa (4) en Nael (6). Ze woont nu in Oudenaarde.

Verleden

Ze was in 2004 de eerste Belgische turnster ooit in de allroundfinale op de Olympische Spelen in Athene. Ze presteerde sterk in diverse grote tornooien en pakte brons op de sprong tijdens het EK van 2005. Vijf jaar geleden stopte ze met topsport.

Heden

Aagje werkt als personal trainer en geeft vanuit haar eigen ervaringen lezingen over veerkracht.

Rik: “Vijf honderdste van een punt: onvoorstelbaar. Sport kan soms echt onbarmhartig zijn. In sporten zoals turnen, boksen of wielrennen wordt een seconde van onoplettendheid of pech ongenadig afgestraft. Dan heb je daar maanden, jaren van je leven voor opgeofferd. Je kan eigenlijk maar beter een spits in het voetbal zijn, die per wedstrijd diverse kansen krijgt.”

“Ik heb gehuild als een klein kind toen ik de Spelen in Peking thuis op tv moest volgen”

Aagje: “Turnen is in die zin toch wat onrechtvaardig. Je blijft afhankelijk van de beoordeling van de jury, die soms wat subjectief kan zijn. Bij atletiek bijvoorbeeld heb je alles meer in eigen handen: de tijd of een andere parameter zorgt voor een objectieve waardemeter. Kijk naar het polsstokspringen, de sport van mijn man Denis (Goossens, red.): je gaat over de lat of niet.”

In de aanloop naar de Olympische Spelen van Londen kondigde je je afscheid aan, omdat het Belgisch turnteam zich niet kon kwalificeren. Hoe kijk je terug op die periode?

Aagje: “Het was mijn eigen keuze om te stoppen. We waren goed bezig om ons te plaatsen, maar kwamen een punt te kort en werden eigenlijk genekt door… Brazilië, mijn geboorteland. De ironie van het lot, zeker? Bovendien was ik daarvoor al drie keer door mijn knie gegaan. Voor het team wou ik nog voortdoen, maar toen we ons niet plaatsten, kon ik het niet opbrengen om het helse gevecht individueel weer aan te gaan, in de wetenschap dat mijn lichaam bijna op was door zoveel topsport. Ik had geen zin mijn lichaam volledig naar de knoppen te helpen en wou ook niet afglijden naar een lager niveau.”

Aagje Vanwalleghem op de Olympische Spelen van 2004 in Athene, waar ze als eerste Belgische turnster ooit de allroundfinale haalde. (Foto Belga)
Aagje Vanwalleghem op de Olympische Spelen van 2004 in Athene, waar ze als eerste Belgische turnster ooit de allroundfinale haalde. (Foto Belga)© BELGA

Hoe ging je daar mee om?

Aagje: “Op zulke momenten ervaar je dat topsport eigenlijk een mentaal spelletje is. Uiteraard heb ik daarvan afgezien, maar ik kon die emoties snel relativeren nadat ik voor het tv-programma ‘All you need is love’ mijn oorspronkelijke familie in Brazilië had bezocht. Als je ziet in welke omstandigheden de mensen daar moeten leven, vergeet je snel je eigen zorgen.”

Was je bang voor het spreekwoordelijke ‘zwarte gat’ toen je met topsport kapte?

Aagje: “Vroeger moest ik met dat begrip lachen. Tot je beseft dat je je echt wel moet heroriënteren. Voor andere jongeren die naar school gaan, eventueel verder studeren en vervolgens werk zoeken, is het carrièrepad vrij duidelijk. Als topsporter ben je goed in je eigen discipline, maar kan je natuurlijk niet tot je 65ste blijven meegaan. Het duurt even voor je een idee hebt van wat je nog in je mars hebt en wat je daarmee kan gaan doen. Bovendien palmt topsport je helemaal in. Ik trainde tot 32 uur per week, combineerde het zelfs met studies communicatiemanagement in Kortrijk. Tijd om van het studentenleven te genieten, was er echter niet.”

“Ik heb gehuild als een klein kind toen ik de Spelen in Peking thuis op tv moest volgen”

Rik: “Een leven als topsporter is onverbiddelijk en vergt, zeker in sporten zoals wielrennen en turnen, een enorme tijdsinvestering. In de jaren als een profatleet heb je geen mogelijkheid om nog iets anders te doen: het gaat om trainen, rusten en wedstrijden betwisten. Mensen zijn erg geboeid door de ervaringen van topsporters, die moeten leren omgaan met topmomenten en ontgoocheling, rechtkrabbelen na tegenslagen en weer successen boeken. Topsport is echt een metafoor van het leven.”

Rik, jij vierde net je 65ste verjaardag en bent dus officieel met pensioen.

Rik: “Inderdaad. Ik heb me nog geen seconde verveeld. Integendeel, ik geniet ontzettend van de vrijheid om alleen nog de dingen te doen die ik echt wil. Tijdens mijn carrière als journalist – eerst in het wielrennen, vervolgens ook in het algemeen nieuws – werd ik eigenlijk geleefd. Dat was ook het geval toen ik directeur van het Centrum Ronde van Vlaanderen werd. Ik wou me vooral om het inhoudelijke bekommeren, maar moest om de haverklap allerlei kleine en grote praktische en financiële problemen behartigen. Dat is eerder gesneden koek voor een manager en dat lag me niet zo.”

Rik Vanwalleghem

© VDB

Privé

Rik Vanwalleghem werd geboren op 9 oktober 1952. Hij is afkomstig uit Wevelgem, maar woont tegenwoordig in Brugge met zijn echtgenote Hilde Perneel. Hij is vader van Maud (29, historica) en Andrea (24, volgt studies verpleegkunde).

Verleden

Hij studeerde af als bioloog en werkte eerst bij de Rijksdienst voor Monumenten en Landschappen, maar vond later zijn roeping in de sportjournalistiek. Hij werd hoofdredacteur van Het Nieuwsblad en directeur van het Centrum Ronde van Vlaanderen. Hij schreef ook talrijke sportboeken.

Heden

Rik amuseert zich sinds zijn pensioen met het schrijven van columns en boeken. Hij houdt ook voordrachten en is gegeerd als moderator van debatten.

Wat doen jullie zoal tijdens jullie ‘sportief pensioen’?

Rik: “Vandaag ben ik bezig met voordrachten geven, debatten modereren en schrijven, natuurlijk. Ik ben volop bezig met een boek over wijlen Hein Verbruggen (gewezen voorzitter van de UCI, de internationale wielerfederatie, red.) af te ronden. Daarnaast werk ik samen met mijn dochter Maud, die historica is, aan een boek over hoe mijn grootvader de Eerste Wereldoorlog heeft beleefd. We baseren ons daarvoor vooral op dagboeken uit die tijd. Bovendien heb ik een oude liefde herontdekt: pianospelen. Ik volg daar nu weer lessen voor, al is het te laat om nog de Koningin Elisabethwedstrijd te winnen.” (lacht)

Aagje: “Ik ben ook weer met piano begonnen. Het klavier waar ik destijds op leerde spelen, staat nu bij mij thuis. Onlangs kocht ik enkele partituren, waarmee ik aan de slag ben gegaan. Het is iets dat ik graag weer wil oppikken. Daarnaast ben ik pas mama geworden van een tweede kindje. Vanzelfsprekend slorpt die enthousiaste kroost ook heel wat tijd op. Ik heb echter niet de luxe om fulltime mama te zijn. Via lezingen probeer ik mensen te inspireren, door hen vanuit mijn verhaal de principes van veerkracht te leren ontdekken. Daarnaast stimuleer ik als personal trainer in een bedrijf de werknemers voor een gezonde levensstijl met meer beweging.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.