De sportman die op zijn 80ste ook kunstschilder is: tienvoudig Belgisch Judokampioen Staf Lauwereins

(foto FRO)
Fons Roets
Fons Roets Medewerker KW

Al meer dan veertig jaar is Fons Roets (FRO) schrijvend actief in de regionale sportwereld. Als sportliefhebber pur sang leerde hij honderden mensen en hun verhaal kennen. Iedere week duikt hij in de archiefdoos vol herinneringen en anekdotes.

De 80-jarige Oostendenaar Staf Lauwereins leeft nog vrij en vrolijk. De succesvolle judoka kan terugblikken op een rijk gevuld leven in de sport, in de bedrijfswereld, in de horeca en in de kunst. Hij geniet ook nog volop van zijn eeuwige passie, aan boord van zijn boot Vetje, die al sinds 1997 naast de Kapellebrug in het Mercatordok aangemeerd ligt. Staf Lauwereins was en is nog altijd een ‘duizendpoot’.

Zeeman voor altijd

Staf Lauwereins is geboren en getogen in de Schippersstraat en begon te varen in de vakanties, toen hij amper twaalf jaar oud was. Hij huwde een eerste keer toen hij 19 was met Victoire Boutenghen, die 18 jaar The Jolly Sailor open hield en de moeder is van Stafs twee kinderen. Hij is ook zes keer opa en drie keer overgrootvader. Samen met zijn tweede vrouw, Annie Larangée, brengt hij zijn vrije tijd door op de boot, in zijn eigen huis op de Vuurtorenwijk en als het even kan trekken ze samen op reis.

“Wij waren thuis met negen”, vertelt Staf. “Mijn zeven jaar jongere zus en ik zijn nog in leven. Ik had van jongs af aan een druk leven. Ik was amper twaalf toen ik in de zomervakantie al mee ging op zee om op haring te vissen. Vanaf mijn veertiende ben ik echt gaan varen en toen ik 16 werd, voer ik op IJsland. Na elf maanden op de ferryboot Fabiola ging ik, toen vooraan in de 20, in dienst bij het Loodswezen en kon ik me ook meer uitleven in mijn sportieve passie, de judoclub van het Zeewezen, die na korte tijd samensmolt met Ostend Judo.”

“We trainden in de kelder van ’t stadhuis en in 1964 trokken we naar het sportcentrum. Omdat ik, mede door mijn judopassie, in discussie kwam met de grote baas van de loodsdienst, ben ik veranderd van job. Ik werkte dan 13 jaar in het sigarettendepot van de visserij. Ik richtte ook een eigen schildersbedrijf op aan de Baelskaai om schepen te zandstralen en te schilderen.

Ondertussen maakte ik zoveel mogelijk tijd vrij om te trainen en in vier jaar tijd stond ik aan de top in België. In 1964, ik was dan 23, behaalde ik mijn eerste zwarte gordel. In 1966 werd ik voor het eerst geselecteerd in de nationale ploeg. Ik begeleidde Yvan Vanhove, Roland Vandenbroucke en Robert Vande Walle op weg naar de nationale trainingen en hun internationale carrière. Robert was een krachtmens. Hij werd een Olympisch topjudoka. Ook Jean Marie Dedecker is één van mijn beste vrienden. Ik ging mijn eigen weg, in combinatie met mijn druk leven. Trainen deed ik als de beesten. Ik was vooral een technische judoka met een dodelijke worp. Misschien zat er ooit meer in, maar ik was, naast mijn sport, ook te druk bezig met mijn andere passies.”

In 1966 werd Staf Lauwereins voor het eerst opgenomen in de nationale judoploeg. (foto FRO)
In 1966 werd Staf Lauwereins voor het eerst opgenomen in de nationale judoploeg. (foto FRO)

Palmares

Tussen 1966 en 1972 werd lichtgewicht Staf Lauwereins zes keer Belgisch kampioen, later ook vier keer bij de Masters. Hij werd zeven keer geselecteerd voor het EK. In 1967 behaalde Staf Lauwereins zilver op het EK in Rome. Hij werd vijfde op het WK in Salt Lake City USA. In 1969 pakte hij brons op het EK in Warsaw, Polen. Op het WK in Mexico strandde hij weer op de 5de plaats. In 1972 was hij geselecteerd voor de Olympische Spelen in Munchen. Hij werd uitgeschakeld in de achtste finales. In totaal heeft Staf 120 internationale wedstrijden op zijn palmares.

Ik voel me goed en rijd nog dagelijks met de fiets naar mijn boot

Tussen 1989 en 1994 ging Staf ook trainen in de powerliftingclub van Freddy Sleuyter. Hij haalde totalen van +400 kg en werd vijf keer Belgisch Kampioen in zijn categorie. In die periode gaf Staf ook les in de jiu jitsuclub, waar hij zijn Annie leerde kennen. Staf nam na 2000 nog drie keren deel aan het tweejaarlijkse WK-judo voor Masters. In 2006 (Brazilië) werd hij vijfde, in 2008 (Brussel) pakte hij brons en in 2010 (Boedapest) stond hij met goud op het hoogste schavotje.

Toen hij 61 werd, stopte hij met werken en stond hij weer op de judomat. In 2008 behaalde hij nog zijn zesde dan. “Het intensief trainen en vechten leverde mij ook flink wat blessures op”, vertelt Staf nog. “Ik liep 13 keer een ontwrichting van mijn zwakke linkerschouder op.”

“Drie jaar geleden, op reis in Marokko, heb ik het geluk van mijn leven gehad. Bij het afdalen van een berg, met de mountainbike, ben ik met een platte band overkop gegaan en met mijn hoofd op een border gevallen. Ik was al aan het uitbloeden, maar een Marokkaanse vriend bracht me naar het ziekenhuis. Na weken herstel in Marokko hebben ze mijn hoofd in Oostende nog eens opgelapt. Ik hield er een diepe put in mijn voorhoofd aan over.

Deze zomer kreeg ik last van pijn in de borst en op 2 augustus 2021 werd ik geopereerd aan mijn hart. Ik kreeg drie overbruggingen. Voor die revalidatie ga ik nog driemaal per week trainen bij de kinesist in het AZ Damiaan. Ik voel me goed en rijd nog dagelijks, met de fiets, van het appartement op de Opex naar mijn boot, ons fantastisch vakantieverblijf in ’t midden van de stad. ’t Is hier een gezellig, huiselijk nestje op het water!”

Trots

Staf liet zijn scheepsschilderbedrijf over aan zijn zoon, zijn horecazaak aan zijn dochter en zijn kleindochter. Hij mag tevreden terugkijken op zijn druk verleden, want hij heeft goed ‘geboerd’. Een bezoekje, thuis bij Staf en Annie, leert ons ook dat Staf niet alleen een talentrijk sport- en zakenman is, maar ook een begenadigd kunstschilder. Zijn woonkamer hangt vol met wondermooie kunstwerken, van boten tot sierlijke vrouwen, alles van de hand van Staf.

“Ik ging drie jaar naar de tekenacademie toen ik een jongetje van tien, elf jaar was”, mijmert Staf. “15 jaar later heb ik er nog eens een vierde jaar olieverf bijgedaan. In 1973 zette ik mijn eerste schilderij, een boot, op doek. Mijn laatste werk, een driemaster van enkele vierkante meter groot, dateert van 2000. Ik ben trots op mijn werk en raak er niet nog altijd niet op uitgekeken.” (FRO)

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.