Kinderen pesten elkaar weer meer: na jarenlange daling stijgt het aantal West-Vlaamse CLB-dossiers opnieuw

© Olaf Verhaeghe
Olaf Verhaeghe

Het aantal leerlingen voor wie de Vrije CLB’s in West-Vlaanderen rond pesten zijn moeten tussenkomen, is vorig schooljaar opnieuw gestegen. In totaal gaat het om 527 leerlingen, 15 procent meer dan in het jaar daarvoor. En ook in de eerste helft van dit schooljaar lopen de cijfers verder op. “Hopelijk blijft de strijd tegen pesten prioritair voor scholen.”

Voorkomen blijft veel beter dan genezen, zeker in het geval van pesten op school. Maar als het toch misloopt, dan is het belangrijk dat de betrokken kinderen en jongeren geholpen worden. Vorig schooljaar moesten de Vrije Centra voor Leerlingenbegeleiding (CLB’s) in onze provincie 1.345 interventies uitvoeren op scholen, bij in totaal 527 leerlingen. Ruim 15 procent meer dan een jaar eerder. Ook dit schooljaar, iets voorbij halverwege, lopen de cijfers snel op: tot nu toe waren er al 509 interventies bij 261 leerlingen nodig.

De stijgende trend baart zorgen, zo geeft Stefan Grielens, algemeen directeur van het Vrij CLB Netwerk, aan. “We zagen de voorbije jaren dat die cijfers jaar na jaar verder daalden. Elk geval van pesten is er sowieso één te veel. Nooit zullen we de cijfers zo laag krijgen als we zelf zouden willen. Maar merken dat het aantal meldingen opnieuw oploopt, moet zeker onze aandacht trekken.”

Vraag is of de coronaperiode een rol speelt in de toename van het aantal CLB-dossiers rond pesten. In ‘19-’20 was er immers sprake van een wekenlange lockdown, waardoor de fysieke afstand tussen slachtoffer en dader groter werd. “De vrees is echter dat er niet minder gepest werd, maar dat het nog meer onder de radar bleef”, zegt Stefan Grielens. “Al jaren zien we een verschuiving naar cyberpesten, via sociale media. Het gevoel leeft dat de coronacrisis dat heeft versterkt.”

Topje van ijsberg

Vooraleer de CLB’s tussenkomen, moet er een zekere drempel worden genomen, hetzij door een leerling zelf, hetzij door ouders of leerkrachten. “Het aantal interventies van onze kant is dus vast en zeker een onderschatting van de werkelijke problematiek. Dit is slechts een miniem topje van de ijsberg”, aldus Stefan Grielens.

Het gevoel leeft dat de coronacrisis het cyberpesten heeft versterkt – Stefan Grielens, algemeen directeur Vrij CLB Netwerk

Dat zegt ook Loes Vandromme, onderwijsspecialist voor CD&V in het Vlaams Parlement en zelf leerkracht. “Lang niet elk pestdossier komt bij het CLB terecht”, zegt zij. “In eerste instantie wordt in de klas of binnen de schoolmuren gezocht naar toenadering of bemiddeling. Pas bij escalatie of echt ernstige dossiers wordt het CLB erbij gehaald.”

© Olaf Verhaeghe

Veel staat of valt dan ook met de manier waarop scholen het pesten zelf aanpakken. En dat durft eens te verschillen. “De ene school is er gevoeliger voor dan de andere, zowel op vlak van preventie als detectie”, oppert Stefan Grielens. “Een school die problemen of conflicten snel opmerkt, kan die vaak ook sneller oplossen. Dat komt alle partijen ten goede.”

Briefje aan de juf

In vrije basisschool De Stap in Lauwe is dat besef er absoluut, benadrukken directeur Maarten Samyn en zorgcoördinator Dorothée Staelens in koor. Op de school, goed voor zo’n 275 kleuters en lagereschoolkinderen, is een uitgewerkt antipestbeleid van kracht. “Wij werken in eerste instantie preventief en pro-actief”, zegt directeur Maarten. “Met een leuk, wisselend aanbod aan spelmateriaal proberen we ervoor te zorgen dat ze niet aan pesten toekomen. Heel vaak ontstaat zo’n gedrag ergens uit verveling.”

Daarnaast zet de basisschool ook fors in op praten en op het weerbaar maken van kinderen. “Ook zal zijn ze nog zo jong, wij vinden dat erg belangrijk”, zegt zorgleerkracht Dorothée. “Voor het ene kind is dat uiteraard makkelijker dan voor het andere. En net daarom hebben wij een systeem met kaartjes gemaakt waarmee ze eventuele problemen kunnen signaleren. Een ‘ik wil iets vertellen’-kaartje aan de juf of ‘ik wil sorry zeggen’-briefje voor een medeleerling kan de start zijn van een oplossing. We beginnen daar al bij de kleutertjes mee en ik moet zeggen: dat heeft wel resultaat. Hoe vroeger je de knop kan omdraaien, hoe beter.”

© Olaf Verhaeghe

“Wat wel is: kinderen nemen het woord pesten zelf heel snel in de mond”, pikt directeur Maarten weer in. “Terwijl pesten iets veel diepers is dan een conflict of een ruzie. Die laatste moeten er eigenlijk soms zijn, want daar leer je ook uit. Het zuivere pesten is ook veel minder zichtbaar, als school is het moeilijk om dat vast te stellen. Daar hebben we de hulp nodig van ouders die zulke zaken sneller opmerken in het gedrag van hun kind.”

Blijvend aandacht

“De band met ouders is bij ons gelukkig van die aard dat we signalen vroeg krijgen”, aldus Dorothée nog. “Ik denk ook dat ze weten dat we er effectief rekening mee houden, dat we ermee aan de slag gaan. We kunnen niet ontkennen dat pesten er is. En ook al moeten we er naar streven om het volledig te bannen, ik vrees dat het een utopie is om te denken dat je he-le-maal kan bannen. Als school moet je als doel hebben om een veilige plek te creëren voor alle leerlingen.”

Zoals De Stap in Lauwe zijn er volgens CLB-directeur Stefan Grielens gelukkig almaar meer. “De laatste jaren zijn er echt wel forse stappen vooruit gezet. Maar als je ziet wat we de voorbije maanden van scholen, leerkrachten en directies hebben gevraagd in kader van corona houd ik toch een beetje mijn hart vast”, zegt hij. “Ik hoop dat de strijd tegen pesten prioriteit is kunnen blijven, of dat die op zijn minst weer snel opgepikt kan worden.”

Zorgcoördinator Dorothée Staelens en De Stap-directeur Maarten Samyn.
Zorgcoördinator Dorothée Staelens en De Stap-directeur Maarten Samyn. © Olaf Verhaeghe

“School is er niet enkel om te leren of voor kennis”, zegt Vlaams Parlementslid Loes Vandromme daarover. “School is er ook om te leren omgaan met elkaar. Het probleem verdient onze grootst mogelijke aandacht. Aandacht voor het slachtoffer als voor de dader. Want ook dat is vaak iemand die het niet gemakkelijk heeft, die geholpen moet kunnen worden.”

“Dit thema moet áltijd op de eerste plaats komen”, is het laatste woord voor zorgleerkracht Dorothée. “Je goed voelen, ook op school, is een basisvoorwaarde om te kunnen opgroeien.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.