Nieuwste Oostendse reddingsboot Orinoci is onzinkbaar

Schipper Marc Vanderwal, motorist Gaillen Verstraete, matroos Pascal Pauwels, waarnemend directeur VLOOT Frank Aerssens, minister Lydia Peeters en administrateur-generaal MDK Nathalie Balcaen (v.l.n.r.) aan boord van het nieuwe reddingsschip Orinoco. © ML
Marc Loy
Marc Loy Medewerker KW

Recent vervoegde het reddingsvaartuig R7-Orinoco de eenheden van overheidsrederij VLOOT in Oostende. Bevoegd minister Lydia Peeters (Open VLD) voer in het voorbije weekend mee.

De R7-Orinoco is een SAR-vaartuig dat ontworpen is om reddings- en transportoperaties uit te voeren op zee. De reddingsboot is gebouwd op de Baltic-werf in Estland. Het 20 meter lange search & rescue-vaartuig met een diepgang van 1 meter, dat een topsnelheid van 25 knopen (zo’n 45 kilometer per uur) haalt, kan 20 drenkelingen aan boord nemen en vijf brancards. Al op zee kan de eerste medische assistentie geboden worden. De nieuwe eenheid, een zusterschip R6-Orca, heeft ook Oostende als thuishaven en telt drie bemanningsleden een schipper, machinist en een matroos.

Het vaartuig vervangt de vroegere R5-Dolfijn en wordt dit najaar in zijn thuishaven gedoopt. Alle reddingsvaartuigen van VLOOT dragen overigens namen van walvisachtigen. Alle reddingsboten zijn zo ontworpen dat ze in alle weer en wind kunnen uitvaren en in principe onzinkbaar zijn. Kostprijs 2,5 miljoen euro.

370 noodoproepen

Oostendenaar Pascal Pauwels (48) is matroos aan boord van de R7-Orinoco: “De zee en scheepvaart heeft mij als Oostendenaar altijd aangetrokken. Na mijn middelbare monsterde ik aan op de Oostende-Doverlijn en heb ik nog de laatste jaren meegemaakt van de RMT o.a. als matroos aan boord van de Prins Filip en ook op de Supercat. Dan ben ik overgestapt naar zeebouwer Jan De Nul. Het loon lag er hoog, maar ik was telkens zes weken van huis en dat gaat stilaan wegen op het sociale en het gezinsleven. In 2019 solliciteerde ik bij DAB VLOOT en sindsdien werk ik hier in het ploegensysteem van de reddingsdienst: 12 uur effectieve wacht van 9 tot 9 uur gevolgd door 12 uur stille wacht waarbij we standby zijn en bij een oproep binnen de 10 minuten aan boord moeten zijn.”

Erg zware reddingsoperaties heeft Pascal in die drie jaar nog niet meegemaakt. “Vorig jaar kwamen zo’n 370 noodoproepen binnen via het Maritiem Reddings- en Coördinatiecentrum. De interventies worden uitgevoerd met het reddingsteam van VLOOT soms in samenwerking met andere reddingsdiensten aan onze kust. We kunnen voor zowat alles opgeroepen worden gaande van drenkelingen, vermiste en verloren gelopen kinderen op het strand, door de stroming op zee afgedwaalde surfers en zwemmers, ongevallen op vissersvaartuigen, ronddobberende vluchtelingenbootjes…” (ML)

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.