Ze is een kind van de stad. En van Brugge, zegt ze meteen, bij het begin van het gesprek. Ze woonde in het centrum van de stad, als kind, en dwaalde zorgeloos door de vele steegjes.
...

Ze is een kind van de stad. En van Brugge, zegt ze meteen, bij het begin van het gesprek. Ze woonde in het centrum van de stad, als kind, en dwaalde zorgeloos door de vele steegjes. Hannah Roels: "Ik bewaar heel goede jeugdherinneringen. Weet je, Brugge was een heel fijne stad om kind in te zijn. Ik mocht vrij door buurten lopen en op straat spelen, door de vele steegjes wandelen en zwerven. Alleen of met vriendinnetjes. Het was een heerlijke tijd.""Ik ben opgegroeid met boeken. Kijk, we hadden geen televisie thuis. Op het ogenblik dat VTM met uitzendingen begon, deden mijn ouders hun tv weg. Boeken kwamen in de plaats. Het is niet dat het huis volgestouwd stond met boeken, we gingen ze halen in de bibliotheek. In de Biekorf, maar vooral de kleinere bibliotheek Lode Zielens in de buurt van Oud Sint-Jan. Mijn ouders lazen extreem veel voor. En niet alleen louter kinderboeken. Ik was tien jaar toen ze mij de drie delen van Tolkiens In de ban van de ring voorlazen.""Dat weet ik nog niet zo zeker. Als kind was het voor mij al vrij vroeg duidelijk dat mijn leven zich rond boeken zou afspelen. Ik ben ook vrij vroeg begonnen met schrijven. In dagboeken, maar ook verhalen. Ik dacht daarbij nooit aan uitgeven. Dat was voor andere mensen. Misschien was dat voor een deel uit zelfbescherming, misschien dacht ik wel dat ik mijn goesting om te schrijven niet wou laten afhankelijk zijn van wat de buitenwereld daarover denkt. Maar de vraag was of lezen en schrijven wel zo verschillend van mekaar zijn. Ik denk het dus niet. Als ik een boek goed vind, kan ik er helemaal in op gaan. Dat is met schrijven niet anders, het gaat om hetzelfde plezier een verhaal tot leven laten komen het is alleen intenser dan lezen.""Ik dacht natuurlijk aan meer exotische plaatsen. (lacht) Nee, maar ik dacht toch 'oei'. Ik kom natuurlijk nog heel geregeld in Brugge op bezoek bij mijn ouders. Maar dat is anders. Toen ik hier twee weken geleden arriveerde, vond ik het toch zo helemaal anders dan de stad waar ik al een jaar of tien woon, Brussel. Maar bij nader inzien valt echt wel iets te doen met de stad, met de toeristen, er valt veel van onder de straatstenen te halen en het hoeft niet per se nog eens een keertje een Pieter Aspe te zijn.""Nee. En ik heb lang een speciale verhouding met Brugge gehad. Na het Atheneum ben ik aan de Gentse universiteit gaan studeren. Gent was aantrekkelijk en levendiger dan Brugge. En na mijn studie Romaanse filologie ben ik een jaar op reis geweest doorheen Azië. Toen ik terugkwam, had ik het moeilijk met wonen in Vlaanderen." "Ik had daar eigenlijk helemaal geen zin in. Ik herinner mij nog heel goed hoe ik na die wereldreis vanuit Zaventem richting Brugge spoorde, onder een grijze hemel. Het was alsof iemand hier het licht had uitgedaan. Na die wereldreis leek het alsof ikzelf veranderd was, maar de plekken niet.""In Brussel kan je echt opgaan in de anonimiteit. Bovendien is er geen stad in onze land die zo multicultureel is als Brussel. Die stad laat zoveel indrukken op je na. Het is dubbel met Brussel. Het is een heel onbestemde stad. Ze kan heel deprimerend overkomen en tezelfdertijd ademt ze vrijheid. Ik heb een tijd erg geworsteld met de plaats waar ik thuishoor. Ik heb ooit de trein vanuit Brussel naar Oostende genomen. In Gent uitgestapt en rondgewandeld en gevoeld of ik hier kan wonen, van Gent ging het naar Brugge en vervolgens naar Oostende: ik heb op al die plaatsen rondgelopen met de vraag 'kan ik hier wonen'.""Brussel leek voorlopig de enige plek waar ik kon blijven. Nu heb ik niet langer het gevoel dat ik moet kiezen tussen Brussel, Gent en Brugge bijvoorbeeld. Ze hebben hun plaats in mijn leven, ik hoef niet te kiezen...""Eerste vaststelling was dat de stad veel toeristischer is dan vroeger. En dat er met die toeristen ook meer kitsch in de stad aanwezig. Het toppunt van kitsch is toch dat belachelijke gedoe in de winter met die ijspiste op de markt. Het centrum van de stad is een beetje een lunapark geworden voor de toeristen. Ik stel ook vast dat haast iedereen zich ergert aan die toeristen.""Nee, ik vind dat zoiets net zijn charme heeft. Ik hou ervan om 's avonds door een rustig Brugge te lopen." "Ik heb inderdaad bokslessen gevolgd, maar dat had eigenlijk niets met Brussel te maken. Ik ben op zoek geweest naar een club waar ik dat kon leren en ik ben in een boksclub in Molenbeek met bijna enkel mannen terecht gekomen.""In het begin zag ik iedereen kijken met een blik van 'wat komt die hier doen?' Maar naderhand was ik er thuis en dat heeft me echt positief verrast. Ik werd een van hen...""Er is een park waar ik als kind heel veel heb gespeeld. Ik ben daar zeker meer dan tien jaar niet meer geweest. En toen ik hier op verkenning wat aan het rondslenteren was, kwam heel toevallig weer bij de poort van dat park. En ineens herkende ik dat. En heel merkwaardig haalde dat vooral de herinnering op aan hetgeen waarover ik als kind droomde.""Dat weet ik niet meer. Het was die plek het Sebrechtspark dus die dat feit van dat dromen naar bovenhaalde. Niet de dromen zelf.""Misschien niet meteen een herinnering, maar eerder een gezicht, een vrouwengezicht, dat opdook in mijn dagdromen. Ik had natuurlijk iets met portretten. Na mijn studie was ik van plan om te doctoreren omtrent de portretten in de schilderkunst en in de literatuur. Dat project werd gesteund door een promotor, maar finaal kreeg ik er geen beurs voor en zette ik het doctoreren stop. Maar... het leverde me wel de grondidee voor Het Portret.""Waarschijnlijk wel. Ik heb mijn vader vaak aan het werk gezien voor zijn schilderijen. Ik zat vaak bij hem te spelen, terwijl hij schilderde...""Neen, ik ben nog volop aan het rondwandelen. Ik vrees dat twee weken echt te weinig is om zo'n verhaal hier helemaal af te hebben. Ik moet nog een en ander zien..." "Dan zeg ik zonder aarzelen: de keuken van mijn moeder. Het is een cliché als een berg, maar mijn ouderlijk huis blijft de beste plek om te eten, vooral als het om gemarineerde haas, parelhoen of paling 'in de pan' gaat. Op de tweede (en vegetarische) plaats komt Nine Van Belle, met haar uitstekende project 'Roof Food' in Gent.""In Brugge zijn dat het Godshuis Meulenaere, het Sebrechtspark en de Leeuwenbrug. En in Brussel ga ik voor de tuin van de Abdij van Ter Kameren, de Matongéwijk en het Josaphatpark.""Mij doe je geen plezier met winkelen... Behalve als het om boeken gaat. Een bijzondere plek is het Ivoren Aapje in Brussel. En de Striep in Brugge, daar zou ik kunnen wonen, dat was als kind al zo."En natuurlijk ook boekhandel De Reyghere in Brugge, waar ze in residentie verblijft. Ze sprak er vorige week in de bovenzaal van de boekhandel op de Markt over haar roman voor een schare fans van haar werk. "De beste herinneringen bewaar ik aan reizen in India en Nepal, vooral aan de Himalaya's... En de schitterende Andamaneilanden.""Ik blijf terugkeren naar de boeken van Antonio Tabucchi, Laurence Durrell, Albert Cossery, Romain Gary, Álvaro Mutis, Nabokov en James Salter. Dat zijn heel uiteenlopende auteurs."