In tegenstelling tot de meeste duivenmelkers erfde Willy Vanhoutte (83) de microbe niet van zijn vader. "Als klein manneke van tien jaar ging ik de duiven lezen bij bakker Gaston Vergote in Dadizele", herinnert Willy zich. "Een bakker had niet de tijd om uren op de duiven te wachten, dus deed ik dat in zijn plaats. In ruil verwende hij mij met ijsjes en taart. De liefde voor de duivensport werd mij ingelepeld met zoetigheid!" (lacht)
...

In tegenstelling tot de meeste duivenmelkers erfde Willy Vanhoutte (83) de microbe niet van zijn vader. "Als klein manneke van tien jaar ging ik de duiven lezen bij bakker Gaston Vergote in Dadizele", herinnert Willy zich. "Een bakker had niet de tijd om uren op de duiven te wachten, dus deed ik dat in zijn plaats. In ruil verwende hij mij met ijsjes en taart. De liefde voor de duivensport werd mij ingelepeld met zoetigheid!" (lacht)Na zijn verhuizing naar Wevelgem in 1963 waren de duiven alom aanwezig. Willy kon een vliegende start nemen dankzij Roger Vanneste uit Marke, die had de beste duiven uit de streek."Ik kocht een achttal koppels oude, slechte duiven. Roger zei me wanneer ik ze moest koppelen, wat me prachtige duiven opleverde. Vanaf mijn eerste jaar was ik Wevelgems kampioen, je moet weten dat er toen nog meer dan 400 duivenmelkers waren op de gemeente!"In zijn lange carrière behaalde Willy Vanhoutte ontelbare prijzen, jaar na jaar. 1985 was zijn beste jaar ooit, dat jaar verdiende hij 475.000 Belgische frank met zijn sport. Hij werd ook meermaals Belgisch kampioen bij de Post. Is het dan echt allemaal een kwestie van geluk? "Vooreerst moet je de goede soort duiven hebben", verklaart hij zijn successen. "Je moet ook weten welke duiven je koppelt. Ik koppelde bijvoorbeeld nooit twee witogen. Regelmaat is ook belangrijk. Iedere dag, op hetzelfde moment kregen ze hun eten en liet ik ze uitvliegen. Altijd. Onze buur Georges Vaneeckhoutte hielp me daarbij, hij was daarin buitengewoon stipt."Echtgenote Jacqueline komt erbij zitten. Een vrouw van een duivenmelker heeft het niet onder de markt: thuisblijven op zondag, het stof van de duiven dat zich overal verspreidt... "Je wordt ook liefhebber, want je hoort een hele dag niets anders", lacht Jacqueline. "Alleen al hier op de hoek, tussen de Guldensporenstraat en de Kozakstraat, waren er 28 duivenmelkers. Er werd over weinig anders gepraat. Ik had trouwens mijn eigen kot en speelde ook mee." "Ze speelde ook goed. Op zondagmorgen had ik altijd veel bezoekers die kwamen kijken naar het vallen van de duiven, en ze supporterden allemaal voor mijn vrouw", lacht Willy.Op de tafel spreidt hij een map uit met herinneringen, veel foto's met glunderende gezichten en bekers. En opvallend, ook heel wat dankbrieven van beginnende duivenmelkers die mochten rekenen op de goede raad van Willy, die niet te beroerd was om oude duiven in bruikleen te geven aan de beginnelingen om eruit te kweken. Getuigenissen van Luc Cappelle en van Wilfried Vanneste die het in de duivenkrant zelfs heeft over 'professor' Vanhoutte. Nu zijn er geen dertig duivenmelkers meer in Wevelgem. "Het is moeilijk voor een beginnend duivenmelker", weet Willy. "Goede duiven zijn duur, de installatie is duur. Je kan er haast niets meer mee winnen." De laatste echte Vanhoutteduiven worden tot zondag geveild op www.pipa.be.