De vergeten tweedeverblijvers: West-Vlamingen met een tweede woonst in de Ardennen

West-Vlamingen met een tweede verblijf in de Ardennen (foto: Durbuy), mogen daar pas ten vroegste vanaf 8 juni naartoe. © Getty Images/iStockphoto
Redactie KW

Wie tweedeverblijvers hoort, denkt meteen aan de mensen die een appartement aan onze kust hebben. Maar tientallen West-Vlamingen hebben ook een tweede verblijf in de Ardennen. En zij maken dezelfde problemen mee: ze mogen nog niet naar hun tweede eigendom, ze kunnen het niet onderhouden en ze mogen het niet verhuren. “Over ons wordt nooit gesproken”, klinkt het.


Chris Dobbels: “Geen enkel perspectief: dat is het ambetante”

Chris Dobbels, samen met zijn trouwe viervoeter Flake.
Chris Dobbels, samen met zijn trouwe viervoeter Flake.© gf

Chris Dobbels kocht een zevental jaar geleden een tweede verblijf voor zichzelf in de streek van Houffalize. “Maar dat is wat uit de hand gelopen”, lacht de 36-jarige Bruggeling. Intussen woon ik hier permanent, werkt er als zelfstandige aannemers en heb ik twee vakantiewoningen: The Nordic en The Lodge. Het leven is er hier veel aangenamer. Minder stress, vriendelijke mensen… Een ander leven. maar momenteel is het hier doods.”

“Pakweg 80 procent van de woningen hier zijn vakantieverblijven. Er is momenteel niets en niemand. Iedereen wacht op perspectief. Mochten we weten dat het vanaf 8 juni weer mag, dan kunnen we alles klaarmaken. Nu weten we niets. Dat is het ambetante. Mijn chalets zijn voor 5 personen, dus voor één gezin. Dat is toch net hetzelfde als thuisblijven? In de Ardennen is plaats genoeg. Je komt niemand tegen als je wandelt. We begrijpen het echt niet. Je mag in rijen aan de kassa’s staan, maar niet met je gezin in de frisse lucht verblijven.”

Gasten die in de lockdownperiode geboekt hadden, mochten gratis een nieuwe datum kiezen tot eind 2021. “Gelukkig heeft iedereen dat voorstel heel hartelijk onthaald. Ik wilde zeker niet dat ze hun centen kwijt waren, want heel veel mensen zijn vaste klanten. Natuurlijk kost dat wel iets, maar onze klanten zijn het allerbelangrijkste dat we hebben. Gelukkig ben ik nog zelfstandig aannemer, want anders viel ik terug op niets. Omdat het een verhuur van een privéwoning en geen zelfstandige zaak is, kunnen wij op geen enkele compensatie beroep doen. Ondertussen blijven de facturen wel komen. Hoeveel ik verloor? Dat zal de voorbije twee maanden toch snel 25.000 euro zijn. Dit was dan ook de topperiode: de paasvakantie en veel verlengde weekends. En niet alleen voor mij, maar voor alle collega’s in de buurt. Velen hebben nu geen enkel inkomen…”

“Als alles vanaf nu normaal zou zijn, oogt de toekomst zeer goed. Normaal ben ik 100 procent volzet. Maar het bangelijke is dat we niet weten of de lockdown terugkomt of niet. We kunnen niet blijven incasseren. Er zullen er nu al heel veel dicht moeten blijven, vrees ik.”

Ronny Neirinck: “De dag dat het weer mag, spring ik in mijn auto”

De vergeten tweedeverblijvers: West-Vlamingen met een tweede woonst in de Ardennen
© Wouter Meeus

Tieltenaar Ronny Neirinck (65) kan je gerust een halve Ardenees noemen. Als sinds 1987 bezit hij, samen met zijn zus Martine, een eigen vakantiehuisje in Alle-sur-Semois, een dorpje op de grens van provincies Namen en Luxemburg. “Al sinds mijn achtste trek ik naar daar”, zegt hij. “Eerst met mijn ouders, broers en zussen en nu hebben we er al 33 jaar onze eigen stek.”

In normale omstandigheden ruilt Ronny, die zijn hele carrière huisfotograaf van Roularta was, Tielt een negental keer per jaar in voor de Ardennen. “Vorig jaar heb ik er voor het eerst meer dan 100 dagen doorgebracht. Het is stilaan meer dan mijn tweede thuis geworden, alleen mag ik er nu jammer genoeg niet meer naartoe.”

Eind februari spendeerde Ronny nog een weekje op Ardeense bodem, maar sindsdien zit hij noodgedwongen op zijn appartement in het centrum van Tielt. “Normaal was ik er al een vijftal keer naartoe gereden. Om uit te rusten, maar ook om alles te onderhouden. Ik geniet ervan om daar mijn gras af te rijden en de haag te snoeien. Maar nu kan dat gewoon niet. Normaal haal ik rond Pasen mijn hogedrukreiniger uit om het terras te poetsen, nu kan ik niets doen. Terwijl ik er een erezaak van maak om ons huisje tot in de puntjes te verzorgen.”

Ronny begrijpt niet dat dat de Ardeense tweedeverblijvers over dezelfde kam geschoren worden als die aan de kust. “Aan zee zal het snel weer koppen lopen zijn, bij ons is het áltijd rustig. Ik zit er ook middenin de natuur. Hier in Tielt wonen we met acht gezinnen in één appartementsgebouw, daar ben ik alléén. Dan lees ik in coronatijden mijn krant liever in Alle-sur-Semois. Bovendien is sinds dit jaar de tweedeverblijftaks van de gemeente van 350 naar 500 euro gestegen, maar we de toegang wordt ons wel ontzegd. Ik mag er mijn buren of vrienden gaan bezoeken, maar er blijven slapen is not done. In de garage van mijn vakantiehuisje ligt een kajak. Met die mag ik de Semois op. Maar nadien in mijn zetel neerploffen? Dat is verboden. Onbegrijpelijk.”

Ronny hoopt dat hij op 8 juni opnieuw naar zijn vakantiestek kan afreizen. “Dan spring op de avond voordien al in mijn auto en kruip ik om middernacht in Alle-sur-Semois in bed. Dan zal ik ein-de-lijk weer thuis zijn.”


Chris Dobbels: “Geen enkel perspectief: dat is het ambetante”

Chris Dobbels, samen met zijn trouwe viervoeter Flake.
Chris Dobbels, samen met zijn trouwe viervoeter Flake.© gf

Chris Dobbels kocht een zevental jaar geleden een tweede verblijf voor zichzelf in de streek van Houffalize. “Maar dat is wat uit de hand gelopen”, lacht de 36-jarige Bruggeling. Intussen woon ik hier permanent, werkt er als zelfstandige aannemers en heb ik twee vakantiewoningen: The Nordic en The Lodge. Het leven is er hier veel aangenamer. Minder stress, vriendelijke mensen… Een ander leven. maar momenteel is het hier doods.”

“Pakweg 80 procent van de woningen hier zijn vakantieverblijven. Er is momenteel niets en niemand. Iedereen wacht op perspectief. Mochten we weten dat het vanaf 8 juni weer mag, dan kunnen we alles klaarmaken. Nu weten we niets. Dat is het ambetante. Mijn chalets zijn voor 5 personen, dus voor één gezin. Dat is toch net hetzelfde als thuisblijven? In de Ardennen is plaats genoeg. Je komt niemand tegen als je wandelt. We begrijpen het echt niet. Je mag in rijen aan de kassa’s staan, maar niet met je gezin in de frisse lucht verblijven.”

Gasten die in de lockdownperiode geboekt hadden, mochten gratis een nieuwe datum kiezen tot eind 2021. “Gelukkig heeft iedereen dat voorstel heel hartelijk onthaald. Ik wilde zeker niet dat ze hun centen kwijt waren, want heel veel mensen zijn vaste klanten. Natuurlijk kost dat wel iets, maar onze klanten zijn het allerbelangrijkste dat we hebben. Gelukkig ben ik nog zelfstandig aannemer, want anders viel ik terug op niets. Omdat het een verhuur van een privéwoning en geen zelfstandige zaak is, kunnen wij op geen enkele compensatie beroep doen. Ondertussen blijven de facturen wel komen. Hoeveel ik verloor? Dat zal de voorbije twee maanden toch snel 25.000 euro zijn. Dit was dan ook de topperiode: de paasvakantie en veel verlengde weekends. En niet alleen voor mij, maar voor alle collega’s in de buurt. Velen hebben nu geen enkel inkomen…”

“Als alles vanaf nu normaal zou zijn, oogt de toekomst zeer goed. Normaal ben ik 100 procent volzet. Maar het bangelijke is dat we niet weten of de lockdown terugkomt of niet. We kunnen niet blijven incasseren. Er zullen er nu al heel veel dicht moeten blijven, vrees ik.”

Vicky Vanparys en Frederik Debruyne: “Hoopte er als verpleegster mijn gedachten te kunnen verzetten”

Vicky Vanparys en Frederik Debruyne, samen met dochtertjes Ella (5) en Oona (9).
Vicky Vanparys en Frederik Debruyne, samen met dochtertjes Ella (5) en Oona (9).© gf

Vicky Vanparys (34) en Frederik Debruyne (38) uit Roeselare investeerden vorig jaar in november in een vakantiewoning in de Ardennen. In vakantiepark Sunclass Durbuy, op 2,5 kilometer van het bekende stadje, kochten ze de bungalow De Bosdriehoek. Voor zichzelf, maar ook om te verhuren. “Drie à vier weekendjes per jaar trekken we eropuit”, vertelt het koppel. “Als we alles bij elkaar telden, kwamen we toch aan een grote som uit. We gingen op zoek naar iets dat we ook konden verhuren, waardoor onze eigen weekendjes gratis zouden zijn. Dat was ons opzet.”

Maar zij mogen al maanden niet naar hun huisje. “In mei hadden we enkele schilder- en onderhoudswerken gepland, om klaar te zijn voor het hoogseizoen. Ook straks kunnen we die niet doen, want van 12 juni tot en met eind september hebben we niets meer vrij. Intussen lopen de vaste kosten door en hebben we al heel veel boekingen moeten afbellen. De paasvakantie, de verlengde weekends… Alles was volzet. Zij kunnen kosteloos herboeken voor het volgend jaar. Als er nog iemand zou afbellen, denken we dat we zelf zullen gaan want onze eigen buitenlandse reis gaat niet door…”

“We begrijpen niet waarom we niet mogen gaan. De huisjes staan ver genoeg van elkaar, iedereen heeft zijn eigen sanitaire voorzieningen. Het gemeenschappelijk zwembad, speelplein en de brasserie kunnen perfect afgesloten worden. Ik vrees dat we de speelbal zijn van een politiek spelletje, want nergens wordt een echte reden gegeven waarom het niet mag. Wij zijn wel de dupe. Ik werk als verpleegster in het AZ Delta, mijn man werkt verplicht thuis en vangt terwijl de kindjes op. We hadden gehoopt om de komende twee weekends er even onze gedachten te kunnen verzetten… Het enige voordeel dat we hebben is dat ons huisje in een park ligt, waar een parkmanager een oogje in het zeil houdt. Inbraak, diefstal of vandalisme hoeven we niet te vrezen. En van de tijd wordt gebruik gemaakt om het speelplein en dergelijke in orde te zetten.”


Ronny Neirinck: “De dag dat het weer mag, spring ik in mijn auto”

De vergeten tweedeverblijvers: West-Vlamingen met een tweede woonst in de Ardennen
© Wouter Meeus

Tieltenaar Ronny Neirinck (65) kan je gerust een halve Ardenees noemen. Als sinds 1987 bezit hij, samen met zijn zus Martine, een eigen vakantiehuisje in Alle-sur-Semois, een dorpje op de grens van provincies Namen en Luxemburg. “Al sinds mijn achtste trek ik naar daar”, zegt hij. “Eerst met mijn ouders, broers en zussen en nu hebben we er al 33 jaar onze eigen stek.”

In normale omstandigheden ruilt Ronny, die zijn hele carrière huisfotograaf van Roularta was, Tielt een negental keer per jaar in voor de Ardennen. “Vorig jaar heb ik er voor het eerst meer dan 100 dagen doorgebracht. Het is stilaan meer dan mijn tweede thuis geworden, alleen mag ik er nu jammer genoeg niet meer naartoe.”

Eind februari spendeerde Ronny nog een weekje op Ardeense bodem, maar sindsdien zit hij noodgedwongen op zijn appartement in het centrum van Tielt. “Normaal was ik er al een vijftal keer naartoe gereden. Om uit te rusten, maar ook om alles te onderhouden. Ik geniet ervan om daar mijn gras af te rijden en de haag te snoeien. Maar nu kan dat gewoon niet. Normaal haal ik rond Pasen mijn hogedrukreiniger uit om het terras te poetsen, nu kan ik niets doen. Terwijl ik er een erezaak van maak om ons huisje tot in de puntjes te verzorgen.”

Ronny begrijpt niet dat dat de Ardeense tweedeverblijvers over dezelfde kam geschoren worden als die aan de kust. “Aan zee zal het snel weer koppen lopen zijn, bij ons is het áltijd rustig. Ik zit er ook middenin de natuur. Hier in Tielt wonen we met acht gezinnen in één appartementsgebouw, daar ben ik alléén. Dan lees ik in coronatijden mijn krant liever in Alle-sur-Semois. Bovendien is sinds dit jaar de tweedeverblijftaks van de gemeente van 350 naar 500 euro gestegen, maar we de toegang wordt ons wel ontzegd. Ik mag er mijn buren of vrienden gaan bezoeken, maar er blijven slapen is not done. In de garage van mijn vakantiehuisje ligt een kajak. Met die mag ik de Semois op. Maar nadien in mijn zetel neerploffen? Dat is verboden. Onbegrijpelijk.”

Ronny hoopt dat hij op 8 juni opnieuw naar zijn vakantiestek kan afreizen. “Dan spring op de avond voordien al in mijn auto en kruip ik om middernacht in Alle-sur-Semois in bed. Dan zal ik ein-de-lijk weer thuis zijn.”


Chris Dobbels: “Geen enkel perspectief: dat is het ambetante”

Chris Dobbels, samen met zijn trouwe viervoeter Flake.
Chris Dobbels, samen met zijn trouwe viervoeter Flake.© gf

Chris Dobbels kocht een zevental jaar geleden een tweede verblijf voor zichzelf in de streek van Houffalize. “Maar dat is wat uit de hand gelopen”, lacht de 36-jarige Bruggeling. Intussen woon ik hier permanent, werkt er als zelfstandige aannemers en heb ik twee vakantiewoningen: The Nordic en The Lodge. Het leven is er hier veel aangenamer. Minder stress, vriendelijke mensen… Een ander leven. maar momenteel is het hier doods.”

“Pakweg 80 procent van de woningen hier zijn vakantieverblijven. Er is momenteel niets en niemand. Iedereen wacht op perspectief. Mochten we weten dat het vanaf 8 juni weer mag, dan kunnen we alles klaarmaken. Nu weten we niets. Dat is het ambetante. Mijn chalets zijn voor 5 personen, dus voor één gezin. Dat is toch net hetzelfde als thuisblijven? In de Ardennen is plaats genoeg. Je komt niemand tegen als je wandelt. We begrijpen het echt niet. Je mag in rijen aan de kassa’s staan, maar niet met je gezin in de frisse lucht verblijven.”

Gasten die in de lockdownperiode geboekt hadden, mochten gratis een nieuwe datum kiezen tot eind 2021. “Gelukkig heeft iedereen dat voorstel heel hartelijk onthaald. Ik wilde zeker niet dat ze hun centen kwijt waren, want heel veel mensen zijn vaste klanten. Natuurlijk kost dat wel iets, maar onze klanten zijn het allerbelangrijkste dat we hebben. Gelukkig ben ik nog zelfstandig aannemer, want anders viel ik terug op niets. Omdat het een verhuur van een privéwoning en geen zelfstandige zaak is, kunnen wij op geen enkele compensatie beroep doen. Ondertussen blijven de facturen wel komen. Hoeveel ik verloor? Dat zal de voorbije twee maanden toch snel 25.000 euro zijn. Dit was dan ook de topperiode: de paasvakantie en veel verlengde weekends. En niet alleen voor mij, maar voor alle collega’s in de buurt. Velen hebben nu geen enkel inkomen…”

“Als alles vanaf nu normaal zou zijn, oogt de toekomst zeer goed. Normaal ben ik 100 procent volzet. Maar het bangelijke is dat we niet weten of de lockdown terugkomt of niet. We kunnen niet blijven incasseren. Er zullen er nu al heel veel dicht moeten blijven, vrees ik.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.