Annette Linthout (71) is gids en gefascineerd door WOI: “Gidsen is mijn kindje en corona heeft het afgepakt”

Annette: “13 maart 2020 zal ik nooit vergeten.” (foto TGHL)
Tom Gheeraert

Annette Linthout mag dan wel 71 zijn, het liefst zou ze nog iedere dag met haar Australische klanten van Camalou Battlefield Tours de slagvelden van de Eerste Wereldoorlog willen afschuimen. Helaas, door corona heeft ze sinds maart 2020 geen Australiër meer gezien en er is niet meteen beterschap in zicht. “De volgende aanvraag is voor november 2023”, zucht ze.

Aan haar Franse tongval is al te horen dat Annette Linthout (74) geen Ieperling is. Ze werd geboren in Ronse, waar ze naar het Franstalig onderwijs ging. Pas nadat ze haar man Christian Delplace, afkomstig van Roesbrugge-Haringe, leerde kennen werd ze Vlamertingenaar en herontdekte ze haar fascinatie voor de Eerste Wereldoorlog. “Als klein kind ging ik ieder jaar naar de herdenking van de Bevrijding van Merkem in april. Mijn grootvader was een van de veteranen. Ik was altijd heel trots dat ik bloemen mocht neerleggen bij het monument voor de gesneuvelden. Vaak vroeg ik wat er precies gebeurd was tijdens de oorlog, maar hij zei altijd: ‘je moet dat niet weten’. Toen ik later trouwde met een man van deze regio volgde ik een cursus over de Eerste Wereldoorlog. Ik dacht: nu wil ik weten waarom mijn grootvader niet wou antwoorden op al die vragen. Zo ben ik gids geworden.”

Hoe lang gids je al?

“Meer dan dertig jaar. Ik werkte eerst voor een Frans bureau en gidste vooral Bretoenen die hier veel gesneuvelden hadden. Mensen hebben nu familie overal ter wereld en zo is mijn verhaal als gids terecht gekomen bij een incoming bureau (een soort reisbureau, red.) in Australië. Sindsdien gidste ik almaar meer Australiërs. Zij boeken een jaar op voorhand waardoor er geen plaats meer is voor de Britten. Daardoor ben ik niet zo bekend op de Britse markt.”

Waarom ben je zo gefascineerd door het gidsen?

“Iedereen gidst graag Australiërs. Ze zijn een beetje zoals Vlamingen. Genieters. Als ze moeten werken, werken ze. Als ze uitgaan, gaan ze uit en drinken en eten ze. Je komt in contact met heel veel mensen en hoort heel veel verhalen, meestal heel triestige. We staan onder de Menenpoort. Dat zijn allemaal mensen die nooit terug naar huis gegaan zijn. Ik hou ervan om uit te pluizen wat er gebeurd is met die mensen. Iedere naam op deze muur is een verhaal. Zoals het verhaal van Cornelius Mahony, een prachtige jonge man.”

Iedere naam op deze muur is een verhaal en ik hou ervan om uit te pluizen wat er gebeurd is

Wie was Cornelius Mahony?

“Hij was weduwnaar. Zijn vrouw stierf bij de geboorte van hun zoontje. Bij de Australiërs waren er veel weduwnaars die naar hier kwamen omdat ze geld nodig hadden om hun kind op te voeden. Patriottisme was er bij de Australiërs heel weinig. Maar hij is niet teruggekeerd. Op 9 oktober 1917 werd hij als vermist opgegeven. Blijkbaar hebben ze hem in Passendale begraven, maar hebben ze zijn graf nooit meer teruggevonden. Na opzoekingswerk vond ik waar hij ongeveer gesneuveld was. Toen ik er langsging met zijn familie gaf de eigenaar van de boerderij een klein stukje schrapnel. Voor hen was dat als een goudklompje. Later werd er een stuk bot gevonden. De Commonwealth Wargraves Commission heeft dat onderzocht, maar niet kunnen identificeren. Hij is herbegraven op het Buttes New British Cemetery bij het Polygoonbos, als onbekende soldaat. De familie heeft dat graf geadopteerd. Als het hem niet is, dan is het misschien wel iemand die hij kende.”

Ontroeren zulke verhalen jou nog steeds?

“Jazeker. Ook omdat die verhalen nog steeds een impact hebben. De zoon van Cornelius Mahony kwam terecht bij de grootouders, die hem vervolgens op kostschool stuurden. Daar heeft hij nooit enige affectie gekend en dat zorgde ervoor dat hij later ook zijn eigen kinderen nooit knuffelde. De kleinkinderen van Cornelius Mahony hadden dus geen goeie herinneringen aan hun papa en dat allemaal door WOI. Zo zie je dat die oorlog generaties later nog altijd een grote impact heeft.”

Welke impact had corona?

“13 maart 2020 zal ik nooit vergeten. Op 24 april, ANZAC day, hadden we een hele bus Australiërs, maar dat werd snel geannuleerd. Toen wist ik dat het moeilijk zou worden voor ons. Sinds maart vorig jaar hebben we geen Australiërs meer gezien.

Hier en daar hadden we wel eens een Belg of een Nederlander, maar heel weinig. Mijn eerstvolgende aanvraag is pas voor augustus 2023. Het probleem is dat de Australiërs altijd reserveren in de winter, maar nu het slecht is met covid, boekt er niemand.”

Je bent intussen 71. Nog niet gedacht aan stoppen?

“Het gidsen, dat is mijn kindje. Ik ben daar met veel plezier aan begonnen en corona heeft dat afgepakt. We zien wel wat de toekomst en de campagne ‘Winter in Ieper’ nog oplevert. Helaas startte de campagne tegelijk met de vierde golf. Een ander project van Westtoer viel samen met de derde golf. Dus we hebben ook een beetje pech.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.