De coronavirus-crisis: voorbij hype en doemdenkerij

We hoeven niet te panikeren, zeggen ze. ‘Ze’, dat zijn de minister van Volksgezondheid, de experts en diverse media. Los van het feit dat wij nooit eerder een overheid – noch hier, noch elders – ooit hebben horen oproepen tot paniek, is de mededeling geruststellend. Het coronavirus lijkt zich voorlopig maar met ‘mondjesmaat’ te verspreiden. En – voor zover wij daarover kunnen oordelen – is elke nieuwe besmetting in ons land traceerbaar en terug te brengen naar een bekende virushaard in China of Noord-Italië.
Mondmaskers
De mondkapjes kunnen voorlopig in de kast blijven en het hamsteren van niet-bederfbare voedingswaren – toch eens opzoeken welke dat dan zijn en of we die lusten, mochten we ooit in quarantaine moeten resideren – en van andere onmisbare attributen stellen we uit. We zijn gerustgesteld. De briefing van de minister elke ochtend om 10 uur bevestigt alleen wat we al dachten: we hebben die lichaams-hacker onder controle.
Vaar op het kompas van mensen die het kunnen weten
Tot we bij onze huisdokter om een voorschrift gingen. Of we ons meteen ook niet konden laten testen op dat coronavirus, zo vroegen we langs onze neus weg. Dat kon, zei ze, maar het staal zal niet onderzocht worden. Je bent onlangs niet in een risicogebied geweest. Dus, vroeg ik voor alle zekerheid, alleen wie recent in een risicogebied verbleef, kan zich laten testen? Zo is dat, zei de dokter. Logisch dus dat alle nieuwe besmettingen traceerbaar zijn, mogelijke andere worden niet eens onderzocht. Weg dus, ons gerust gemoed, weg ons geloof in de belofte van de minister om transparant te communiceren, weg onze hoop op onfeilbare wetenschappers…
Zouden ze er dan toch een boeltje van maken? De verleiding was ineens groot om ons in doemdenkerij te wentelen. Pas toen we vernamen hoe wetenschappers – ook van bij ons, zelfs in Amerika – zich reppen om een vaccin te ontwikkelen tegen Covid-19, raakten we uit de ban van dat doemdenken. Als er iets is dat nog nooit tot een oplossing heeft geleid, dan is dat wel die vervloekte doemdenkerij, wisten we ineens weer. En dus gingen we weer ons geloof belijden in die wonderboys and -girls van de wetenschap. Of zoals de Nederlandse premier het haast perfect wist te verwoorden: we stemmen onze koers af op het kompas van mensen die het kunnen weten. Het lijkt welhaast een levensles. Benieuwd wanneer wij nog eens zo’n wijsgerig premier van doen hebben.
Reageren? jan.gheysen@kw.be.
Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier