“Trots op West-Vlaamse streekproducten”

Sandra Rosseel

“De gekapte vloerpistolets, karnemelk, grijze garnalen en Ostendaise-oesters… Onze provincie heeft heel wat unieke streekproducten en daar mogen we best trots op zijn”, benadrukt Willy Deschildre. De Oostendse slager mag dan al officieel met pensioen zijn, hij blijft gepassioneerd door streekproducten.

Zwienemutsen, kaantjes, piro, smout… Het zijn niet alleen poëtische namen, maar stuk voor stuk ook West-Vlaamse streekproducten. “Wij maken hier zoveel mooie producten, dat mogen we best wel in de kijker zetten”, aldus Willy Deschildre. De Oostendse slager, die afkomstig is uit Nieuwkerke, is al jarenlang een voorvechter voor streekproducten. “Al mag je niet zomaar alle lokaal geproduceerde producten streekproduct noemen, daarvoor moeten ze aan een aantal voorwaarden voldoen”, benadrukt Willy, die lokaal geproduceerde producten in drie categorieën onderverdeelt.

“Eerst en vooral heb je de hoeveproducten. Daarnaast heb je de producten van 100% West-Vlaams, die streekgebonden grondstoffen gebruiken en lokaal geproduceerd worden. Wil je echter een door het VLAM erkend streekproduct maken, dan moet je niet alleen binding met de streek hebben, maar moet het product ook al minstens 25 jaar op dezelfde manier gemaakt worden. Streekproducten zijn écht producten die gegroeid zijn in een streek, die eigen zijn aan de mensen van die streek”, legt Willy uit.

West-Vlaamse bloeling

“Neem nu onze eigen West-Vlaamse bloeling, die erkend is als streekproduct en die wij volgens een oud Zuid-West-Vlaams recept maken. Zelfs ik kan die niet onderscheiden van de bloedworst die je in restaurant Terminus aan de grensovergang in Watou kan eten, omdat zij hun bloedworst volgens datzelfde streekrecept bereiden. Streekproducten kun je dus niet toeschrijven aan één persoon, het zijn echt producten van het volk. Iemand die een eigen lokaal biertje bedenkt en produceert, maakt een regionaal product, maar geen streekproduct. Wat niet betekent dat dat biertje minder lekker zou zijn”, aldus Willy, die als jongeman de knepen van het vak leerde bij een slager uit Kuurne en later een eigen slagerij in Oostende opende.

Ondertussen is hij officieel met pensioen, maar hij blijft actief als voorzitter van de Vlaamse Streekproducenten én in Deschildre Streekproducten, het streekproductencentrum dat zoon Karel uitbaat in Oostende. “We krijgen er heel wat toeristen over de vloer, van wie de mond vaak openvalt van verbazing. Dat je hier in Vlaanderen echt goede restaurants hebt, weten ze al langer. Dat je hier ook unieke producten en uitstekende producenten hebt, dat is nog compleet onbekend. Het is hoog tijd dat daar verandering in komt.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.