Starten doen we op de Markt van Poperinge, de thuisbasis van onze chauffeur Wout Caron. Pompier-ambulancier bij B-FAST, maar ook een levensgenieter en een echte West-Vlaming. Die verschillende passies combineerde hij eerst in Rondje Westhoek, waarmee hij toeristen sinds 2014 de streek van 't Goede Leven laat ontdekken, en sinds kort ook in Westhoeker, zijn eigen tripel.
...

Starten doen we op de Markt van Poperinge, de thuisbasis van onze chauffeur Wout Caron. Pompier-ambulancier bij B-FAST, maar ook een levensgenieter en een echte West-Vlaming. Die verschillende passies combineerde hij eerst in Rondje Westhoek, waarmee hij toeristen sinds 2014 de streek van 't Goede Leven laat ontdekken, en sinds kort ook in Westhoeker, zijn eigen tripel. We krijgen het brouwsel voor onze neus gezet op onze eerste stopplaats: Het Mysterie in Poperinge. Het interieur verduidelijkt die naam enigszins, want de muren en het plafond hangen vol met al wat met hekserij te maken heeft. Cafébazin Lut Pelgrims laat zich zelfs als ekse aanspreken door de vaste tooghangers. De echte reden van ons bezoek bevindt zich evenwel achterin de zaak, waar een zaaltje vol oude volksspelen is opgetrokken.Ze bestaan in vele vormen en varianten, met oog-handcoördinatie als het grote toverwoord. Deze spelen doen zelfs de tamste competitiebeesten rechtveren, want als er in één keer duizend punten te scoren vallen, zijn de haantjes er natuurlijk als de kippen bij. Het mikken lijkt sommigen beter af te gaan met een vol glas in de hand, slechter met een leeg glas. Het is dan ook meteen duidelijk waarom dit onze eerste halte was. Una paloma blanca... De jukebox bepaalt de sfeer tijdens de tweede stop, café De Helleketel in Poperinge. Maar ook cafébazin Lena Masson laat zich graag opmerken van achter haar toog. Met veel sier zwaait ze haar frigo open. "Picon vin blanc, het wonderwindel dat alles voor even geneest." Zoals elke herbergier heeft ook Lena haar eigen, geheime recept. De twee vuistregels wil ze wel kwijt. "Je mag er Parijs niet doorheen zien, anders zit er te veel wijn in. En er mogen geen ijsblokken in", drukt ze ons op het hart.Met die kennis op zak steken we de grens over, tot in Herzeele. Café Des Orgues is een waar fenomeen. Het bescheiden voordeurtje doet het helemaal niet vermoeden, maar leidt ons naar een grote danszaal met drie authentieke, metershoge dansorgels van de Antwerpse orgelbouwer Mortier. De diskjockey van dienst neemt ons zelfs even mee naar de achterkant en toont ons met gepaste trots zijn verzameling orgelboeken, van rumba tot rock en van samba tot twist.Wij moeten even bekomen van die onverwachte vipbehandeling, maar Annie en Georges uit Diksmuide zijn hier habitués. Zij komen elke zondagnamiddag speciaal naar hier gereden om te dansen. "We hebben hier al veel vrienden gemaakt, de Fransen zijn heel vriendelijk. Voor hen is dit kermis, zij komen af in costume-cravate", vertellen de zeventigers ons tussen twee partnerruils door. Jawel, hier wordt er nog geswingd!Tot slot bollen we nog naar eetcafé In De Zwaan in Westouter voor een welgekomen boerestuute en een laatste trappist aan het haardvuur. Tijd ook voor wat toogfilosofie. "Sommige volkscafés zijn meer dan honderd jaar oud en moeten er ook zo blijven uitzien, maar wat dan met de brandveiligheid en de witte kassa? In vele gevallen zijn de uitbaters al even bijzonder als de cafés zelf. Hebben die cafés nog wel een toekomst als de huidige waard komt te overlijden?", werpt ons gezelschap op.Het laatste rondje besluiten we dan ook wijselijk te goed te houden voor dit weekend. Die volkscafés moeten we koesteren als West-Vlamingen!