Het nieuws over het einde van de carrière van Eli Iserbyt sloeg donderdagavond in als een bom in de veldritwereld. Een dag later neemt de nog maar 28-jarige West-Vlaming tijd voor een openhartig gesprek over de zware beslissing die zijn leven zal veranderen. “Bij velen moet het leven nog beginnen op hun 28, en bij mij lijkt het alsof het nu gedaan is.”
De laatste medische evaluatie, begin december hakte er zwaar in voor Iserbyt. “Het advies toen was redelijk duidelijk. Vooral ook over wat er in de toekomst allemaal nog kan mislopen. Dat kwam heel hard binnen.” Iserbyt kampt al geruime tijd met een hardnekkige blessure aan de liesslagader van het linkerbeen. “Er waren twee opties: vijftig procent van de personen met die blessure geraakt erdoor en komt terug, de andere vijftig procent belandt in een traject dat niet meer stopt. Voor mij werd het helaas dat tweede.”
Verdere ingrepen zouden zijn been kunnen verlammen en dat risico wou hij absoluut niet lopen. “Ik zou het mezelf nooit kunnen vergeven als ik opeens niets meer met mijn been kon doen, en dat risico was er wel. Dus de laatste keer bij de dokters drong dat wel duidelijk door.”
“Ik zou het mezelf nooit kunnen vergeven als ik opeens niets meer met mijn been kon doen”
Toch bleef hij lang hopen, misschien zelfs te lang. “Ik ben misschien al medisch te ver gegaan. Ik zou het waarschijnlijk nog verder geprobeerd hebben, maar ik heb ook te veel pijn en miserie gehad tijdens en na de operaties. Dus dan was dit de logische keuze, hoe moeilijk ook.”
“Misschien is er wel een opluchting nu omdat het zware medische traject is afgelopen, maar voor de rest is er weinig opluchting. Het zorgt meer voor onzekerheid, pijn en verdriet, en dat zijn niet de emoties die ik had verwacht op deze leeftijd. 28 is nog jong, sommige dokters studeren zelf nog op hun 28ste. Bij velen moet het leven dan nog beginnen, en bij mij lijkt het alsof het nu gedaan is.”
Geen sport meer
Een duidelijke oorzaak voor zijn blessure zal Iserbyt wellicht nooit vinden. “Ik heb er al veel over gelezen, maar volgens alle criteria ben ik iemand die nooit een vernauwing zou mogen of kunnen krijgen. Dus het is eerder brute pech voor mij denk ik.”
Vandaag kan de West-Vlaming wandelen, maar daar houdt het zowat op. “Ik kan niet fietsen, niet lopen. Alles boven een hartslag van 100 zorgt voor pijn in mijn been.” Voor een topsporter als Iserbyt is dat natuurlijk een mokerslag. “Toekomstgericht een marathon lopen, een Hyrox of iets uitdagends doen, zal er niet meer inzitten.”
Wat volgt dan wel voor Iserbyt? “Ik denk dat ik het eerst een plek moet proberen geven, ik besef wel dat het nooit echt volledig een plek zal krijgen. Het zal altijd een soort litteken blijven, naast de lichamelijke littekens die ik nu al heb. Achteraf kan ik niet zeggen dat ik niks geprobeerd heb. Er valt mezelf weinig te verwijten.”
Toekomst in de cross
Cross kijken zit er voorlopig nog niet in voor Iserbyt. “Op dit moment is de cross nog te pijnlijk. Ik kan er moeilijk naar kijken, enkel voor Michael (Vanthourenhout) en de andere ploegmaten zou ik nog eens kijken. Maar ook dat is op dit moment nog heel lastig. Ik kreeg wel al veel steun van de collega’s uit het veld en al die warme berichtjes vullen wel deels de leegte die ik op dit moment voel.”
Of hij in de toekomst aan de slag gaat in het veld? “Ik heb daar wel al vaker over nagedacht. Er waren daar in het verleden ook al gesprekken over met Jurgen (Mettepenningen). Maar dat is voorlopig iets voor de toekomst en als het nu cross wordt of iets anders. Het enige dat ik niet zal verliezen, is mijn doorzettingsvermogen en mijn karakter. Ik moet beseffen dat dat ook basis zal zijn voor de toekomst.”
De zandbak in de tuin zal alvast niet verdwijnen. “Als er ooit kinderen komen kan die wel van pas komen (lacht). Maar die zandbak klinkt misschien als iets doms, maar daarnaast typeert het ook wie ik ben. Ik wou blijven verbeteren en dat zien liggen in de tuin gaf me altijd extra motivatie.”
Een palmares om trots op te zijn
Een klein lachje komt tevoorschijn bij Iserbyt wanneer het over de zandbak gaat en dat lachje roept ook de mooie herinneringen op aan zijn carrière. De veldrijder behaalde 54 overwinningen bij de profs. “Voor mij zijn vooral de mensen die ik heb leren kennen, en de plekken die ik heb bezocht belangrijk. Die overwinningen horen er bij en dat is mooi, maar het is niet dat dat het eerste is dat op terugkijk. Ik ben vooral dankbaar voor de kansen die ik gekregen heb, ook vanuit de ploeg, mensen die in mij geloofd hebben ook op momenten dat het moeilijk ging.”
Iserbyt werd ook wereldkampioen (bij de beloften), Europees kampioen en Belgisch kampioen en heeft zo alle mogelijke truien in zijn kast. “Op dit moment kijk ik niet graag naar die truien , ik ben er trots op, maar het doet nog te veel pijn. Op een bepaald moment wou ik ze zelf weg uit mijn huis, maar ik heb ze toch laten hangen voor de toekomst. Deze periode was het gewoon ook heel moeilijk door de kerstperiode, er waren veel crossen, maar eenmaal het eind februari zal zijn en de cross weer gaat rusten, zal het wel beteren. Ik moet het gewoon op mijn tempo verwerken en wat volgt zien we dan wel.”