Sterren van Morgen (2): (veld)loper Willem Renders (18): “Uiteindelijk is dit gewoon iets dat ik graag doe”

Willem Renders won in Lagoa zowel individueel als met het Belgische landenteam Europees goud in het veldlopen. (foto Belga)
Tom Vandenbussche

Willem Renders liep in 2025 twee keer naar Europees goud bij de junioren: op de piste (5.000 meter) én in het veld. Zaterdag neemt hij in Florida deel aan het WK veldlopen voor U20. De 18-jarige Vlissegemnaar werd dan ook terecht genomineerd voor onze Sterren van Morgen. “Maar te veel druk leg ik mezelf niet op.”

In deze reeks Sterren van Morgen stellen we elke week een West-Vlaams toptalent voor. We laten telkens het talent zelf aan het woord, maar ook een bevoorrechte getuige. Aflevering 2: (veld)loper Willem Renders (18) uit Vlissegem.

Renders verscheen op zesjarige leeftijd aan de start van zijn eerste loopwedstrijd, de jaarlijkse kermisloop in Vlissegem, en begon drie jaar later zijn atletiekcarrière bij AV Jabbeke.

In maart 2020 kreeg hij de kans om deel uit te maken van het Youth Runners’lab Athletics Team, een project van Tim Moriau en Thomas De Bock. David Maréchal, een kinesitherapeut uit Brugge, werd Renders’ persoonlijke coach.

“Het Runners’lab Athletics Team was een verzameling van afstandsatleten van een bepaald niveau die samen trainden op de atletiekpiste in Huizingen”, legt Maréchal uit.

“Tijdens de schoolvakanties organiseerde het team jeugdkampjes in Sport Vlaanderen Gent. Willem was daar een fervent bezoeker. Toen zijn trainingen bij AV Jabbeke tijdens de coronaperiode wegvielen, nam hij contact op met Thomas om te vragen hoe hij toch kon blijven trainen. Zo is Willem bij mij terechtgekomen.”

De Put van Vlissegem

Al snel kwam het talent van Willem bovendrijven. In 2021 en 2022 veroverde hij bij de cadetten (U16) Belgische titels op de 1.500 meter en in het veldlopen. In 2023 en 2024 behaalde hij bij de scholieren (U18) twee nationale veldlooptitels. In 2024 werd hij in Banska Bystrica zesde op het EK 3.000 meter voor scholieren en behaalde hij een 15de plaats op het EK veldlopen voor junioren (U20) in Antalya.

“Vanaf het begin van onze samenwerking kwam hij supergemotiveerd over”, benadrukt Maréchal. “Hij had meteen iets speciaals. Terwijl elke loper duurlopen op normale routes afwerkt, trok Willem zijn schoenen aan om door schapenweiden en langs De Put van Vlissegem, nog altijd zijn favoriete trainingsterrein, te lopen. Toen al was duidelijk dat hij heel graag croste.”

(foto Belga)

“Zijn eerste nederlaag op een BK, in 2024 in Hulshout tegen Sem Serrano, deed pijn, want daardoor werd zijn streak van zoveel nationale titels na elkaar verbroken. Toch is Willem altijd heel rustig gebleven. Het is een introverte jongen die zijn voetjes op de grond houdt en nog altijd even verslaafd is aan lopen. Als hij een dag niet mag trainen, is er een klein probleem.”

“Hij denkt zelf ook heel goed na over welke verdere stappen er nodig zijn om als atleet progressie te blijven maken. Het is een heel dankbare atleet om mee te werken.”

Schema’s van Tim Moriau

Een verdere upgrade in de omkadering van Willem drong zich wel op. Sinds zijn eerste EK-deelname stelt Tim Moriau, de ex-trainer van Isaac Kimeli en tegenwoordig Head of Performance bij Club Brugge NXT, de trainingsschema’s op. Maréchal neemt de dagelijkse opvolging op zich.

“Tim heeft meer kennis, alleen beschikt hij niet over de tijd om de trainingen van Willem te volgen. Ik neem lactaattests af, rijd soms met de fiets mee en was er vorige zomer ook bij tijdens zijn hoogtestage in Sankt-Moritz.”

In 2025 volgde Willems definitieve doorbraak bij de junioren (U20) met een Europese titel op de 5.000 meter in Tampere, dubbel Europees veldloopgoud in Lagoa, een vierde Belgische crosstitel in Hulshout en nationale juniorenrecords op zowel de 3.000 meter (7’47″02 in Kessel-Lo) als 5.000 meter (13’31″12 in Oslo).

Zijn Europese titel op de piste in Finland was speciaal. “Vooral voor de buitenwereld was dat een verrassing”, vertelt Willem. “Door naar de selectietijden te kijken, besefte ik zelf dat er iets mogelijk was, al weet je nooit hoe goed iedereen zal zijn.”

Wat zich naast de piste in Tampere afspeelde, was des te mooier. “Tim en ik stonden voor aanvang van Willems wedstrijd naast elkaar”, vertelt Maréchal. “Ik zei: ik denk dat er hier iets speciaals staat te gebeuren. Waarop Tim mij aankeek en reageerde: ik denk het ook. We wisten welke trainingen Willem had afgewerkt en welke progressie hij had geboekt, maar de dominante manier waarop hij de klus klaarde, in de sprint nota bene, was echte klasse.”

“Wat vroeger een groot werkpunt was, aan de start van een veldloop of op het einde van een pistewedstrijd, bleek nu na een harde race een kracht van hem.”

Werken aan core

Toch blijft zijn sprintsnelheid een werkpunt dat Willem altijd zal moeten meenemen. “Ook mijn kracht en stabiliteit zijn nog niet top”, voegt hij eraan toe. Maréchal: “De meeste atleten zijn daar snel mee weg, maar bij hem heeft dat iets meer tijd nodig.”

“Omdat ik als kinesitherapeut in Kortemark aan de slag ben, hebben we voor Willem iemand dichter bij huis gezocht, zodat hij daar onder begeleiding meer op zijn core kan werken.”

De kwaliteiten van Willem staan echter buiten kijf. “Hij is erg plichtsbewust en blijft onder alle situaties rustig”, vindt Maréchal. “Op fysiek vlak maakt de ondergrond – straat, piste of veld – niet uit. Willem loopt zo krachtig dat hij bijna overal dezelfde snelheid haalt. Dat geeft hem een groot voordeel tegenover andere lopers.”

“Het wordt moeilijk om voor de ereplaatsen mee te doen, maar ik ben heel benieuwd naar wat ik op mondiaal niveau kan betekenen”

Vier weken geleden werd Willem Europees veldloopkampioen. “Het was toch een verrassing, zeker na mijn gebrekkige voorbereiding”, vertelt hij. “Eind oktober werd ik op de terugweg van een les in Gent door een auto aangereden en brak ik mijn elleboog. Ik heb veel geluk gehad dat het alleen maar dat was.”

Maréchal: “Willem heeft eind oktober en begin november tweeënhalve week niet gelopen. Daardoor heeft hij zijn vormpeil de voorbije vier weken makkelijk kunnen doortrekken. Het is echter heel moeilijk te voorspellen wat er op dit WK mogelijk is, want we kennen de tegenstand niet.”

“De enige referentie die we hebben, is de 30ste plaats van Kimeli in 2013. Los daarvan moet Willem deze ervaring absoluut meepikken. Er wordt daar niets van hem verwacht. Genieten is de boodschap.” Willem knikt. “Het wordt moeilijk om voor de ereplaatsen mee te doen, maar ik ben heel benieuwd naar wat ik op mondiaal niveau kan betekenen.”

Ingebrigtsen en Laros

Wat de toekomst brengt, durft niemand te voorspellen. “Ik vind zelf dat ik er nog niet zoveel voor doe”, vertelt Willem. Dat hij talent heeft, is heel duidelijk. Slechts twee Europeanen – de Noor Jakob Ingebrigtsen (13’17″06 in 2018) en de Nederlander Niels Laros (13’23″01 in 2023) – liepen op 18-jarige leeftijd ooit sneller. “Voor mij zijn dat buitenaardse prestaties.”

“Hun niveau haal ik nog lang niet. Het is moeilijk om in te schatten of dit ooit wel mogelijk zal zijn. Ik ga ervan uit dat ik elk jaar progressie zal blijven maken, maar er kan van alles gebeuren. Atletiek is een van de moeilijkste sporten om in door te breken, omdat er weinig aandacht voor is. Jammer, maar het is niet anders.”

“Atletiek doe je omdat je het graag doet. Alleen daardoor houd je het vol. Ik probeer me ook niet bezig te houden met wat anderen doen. Voor mij volstaat dat.”

Het WK U20 op de piste in Eugene (begin augustus) en het EK veldlopen in Belgrado (december) worden Willems hoofddoelen in 2026. Daarnaast is er een kans(je) dat hij al in aanmerking komt om in augustus aan zijn eerste EK outdoor bij de senioren deel te nemen.

“Tim en ik weten heel goed wat Willem de voorbije jaren al gedaan heeft”, legt Maréchal uit. “Dat waren bijna allemaal basistrainingen. Daar was niets speciaals aan. Geen zogenaamde sexy trainingen, waarmee sommige atleten durven uit te pakken. Wat intensiteit betreft zit er echt nog veel rek op. Het doet ons hopen dat Willem kan evolueren richting tijden die hem naar de Olympische Spelen kunnen brengen.”

Zelf blijft Willem heel bescheiden. “Als je te veel op resultaten focust en jezelf te veel druk oplegt, komt het er niet altijd uit. Ik gebruik liever mijn gezond verstand. Uiteindelijk is atletiek gewoon iets dat ik graag doe. Als dat niet zo was, zou ik het niet volhouden.”

Partner Expertise