In Hangaar 1, de vervallen havenloods langs de Slachthuiskaai in Oostende, komt er géén superbordeel. De plannen gaan niet door. Tussen de eigenaar van het pand, het Autonoom Gemeentebedrijf voor Grond en Bouwbeleid (AGGB), en de private partner Lion Investment Fund, die het pand zou kopen en renoveren, is er een dispuut. Aan enkele opschortende voorwaarden in het contract zou niet voldaan zijn, waardoor AGGB het hele contract als nietig zou beschouwen.
...

In Hangaar 1, de vervallen havenloods langs de Slachthuiskaai in Oostende, komt er géén superbordeel. De plannen gaan niet door. Tussen de eigenaar van het pand, het Autonoom Gemeentebedrijf voor Grond en Bouwbeleid (AGGB), en de private partner Lion Investment Fund, die het pand zou kopen en renoveren, is er een dispuut. Aan enkele opschortende voorwaarden in het contract zou niet voldaan zijn, waardoor AGGB het hele contract als nietig zou beschouwen.Aan welke voorwaarden niet voldaan zou zijn, is onbekend. Beide partijen wijzen op de confidentialiteitsclausule in het contract en willen niet reageren. Het enige wat Kristof Vanfleteren, ceo van de projectontwikkelaar, kwijt wil is "dat zijn bedrijf de overeenkomst uitvoert". Het is zonneklaar dat de opvallende terughoudendheid te maken heeft met het juridische staartje dat dit dossier kan krijgen.Al twee decennia lang circuleren plannen om het historische pand aan te pakken. Onder het vorige stadsbestuur werd een ietwat ingewikkelde constructie bedacht om van Hangaar 1 een win-win-situatie te maken. AGGB - of zeg gerust de stad Oostende - zou het pand verkopen aan projectontwikkelaar Lion Investment Fund voor 1 euro. Die zou het volledige pand restaureren en renoveren. Daarna zou de stad Oostende de hangaar voor 27 jaar in erfpacht terugkrijgen, tegen een jaarlijks huurbedrag van 675.000 euro. De stad zou het vervolgens meteen doorverhuren aan Q Invest FDK nv, waarbij de stad jaarlijks 40.000 euro winst zou boeken én na 27 jaar het gerenoveerde pand voor 1 euro zou kunnen terugkopen.Vooral de investeringsplannen van meer dan 10 miljoen euro van uitbater Q Invest FDK nv zorgden voor veel belangstelling. Naast een brouwerij, brasserie en terras op het gelijkvloers, een lokaal voor voedselbedeling en coworking spaces zouden er ook een 30-tal 'ramen' komen. Zeg maar een superbordeel, naar analogie met het Antwerpse Villa Tinto. Ook daar zitten meerdere prostituees in één gebouw bij elkaar.Het stadsbestuur was dat toch wel opvallend plan genegen, omdat de centralisatie van de bordelen een pak voordelen met zich meebrengt. De uitbater kan rechtstreeks verhuren aan de sekswerkers, waardoor tussenpersonen (lees: pooiers) niet meer nodig zouden zijn. In het pand zouden een gezondheidscentrum én een politieloket komen, waardoor de meisjes van plezier in een veilige omgeving zouden kunnen werken. En door alles op één locatie te centraliseren zouden de stad en de politie bepaalde voorwaarden - de aanwezigheid van douches, de grootte van de kamers, prikklokken, etc. - kunnen opleggen en controleren. Bovendien zouden alle prostituees van het Hazegras naar 'Hangar d'Amour' verhuizen, waardoor die hele buurt opgewaardeerd zou kunnen worden.Het is tasten in het duister wat er nu met het sinds 1981 beschermde pand zal gebeuren. De hangaar staat er op dit moment totaal verkommerd bij. In betere tijden werd het gebruikt als discotheek The Oh!, fuifzaal en werkruimte voor de bouwafdeling voor het VTI. Tot heel recent gebruikte Colsol het pand voor voedselbedeling, maar de vzw verhuisde nadat er tweemaal ingebroken was. Vzw Oosteroever, die destijds de kat de bal aanbond, prefereerde altijd een maritieme invulling zoals een maritiem museum of een Noordzee-aquarium.