Ze doen het nog altijd graag, maar het wordt lastiger. Petra (51) en Regina (39) werken al zo’n zes jaar als chauffeur voor De Lijn. In die tijd zagen ze de verbale agressie toenemen. Petra trad vorige week nog op als burgerlijke partij in de rechtbank, Regina zag een klacht geseponeerd worden, maar de angst blijft. “Als ik alle regels zou toepassen, heb ik elke dag ambras.”
“Als hij had gekund, hij had mij vastgehad”, is Petra Vanderstraeten (51) uit Eernegem overtuigd. Ze kan die avond van 12 februari 2023 nog helder voor de geest halen. Ze reed toen met haar lijnbus van Oostende naar Torhout, lijn 51 is dat. “Opeens rook ik de geur van rotte vis en zag ik een man in een stokvis bijten. Ik zei hem dat er op de bus niet gegeten of gedronken mocht worden. Er ontstond discussie en ik vroeg hem de volgende halte af te stappen.”
“Ik hou mijn adem al in als ik zie als iemand dronken is of onder invloed van drugs is” – Regina Vandenbroucke
Hij vertelde zijn twee metgezellen dat hij haar de kop zou inslaan, waarop Petra benadrukte dat zij de baas is op haar bus. En dat werkte als een rode lap op een stier. “Hij sprong recht, schold me uit en spuugde richting mijn gezicht. Ik kon me net wegtrekken. Toen hij afstapte, maakte hij een snijdende beweging over zijn keel.”
Ze trok daags nadien met haar verhaal naar de politie. Afgelopen week zat ze in de rechtbank als burgerlijke partij, waar ze een schadevergoeding van 1.000 euro vroeg. Haar aanvaller, een 57-jarige man, riskeert een celstraf van vier maanden. Of het daarmee opgelost zal zijn, betwijfelt ze. “Ik ben zeker blij dat er gevolg aan gegeven werd, maar de man blijft wel opstappen op mijn bus. Ik negeer hem, dat lijkt me het beste.”
Droom
Petra werkt sinds zes jaar als buschauffeur bij De Lijn, via een bedrijf in onderaanneming. “Het was altijd een droom om met een bus of vrachtwagen te rijden. Dat laatste zag mijn man niet zitten, dus ging ik voor het eerste. Eerst schoolvervoer, tot ze bij De Lijn chauffeurs zochten. Nog altijd een droomjob, maar al het geen erbij komt begint tegen te steken”, vertelt ze. “Na de feiten in februari ben ik gecrasht en ben ik acht weken thuisgeweest. Nu kan ik zeggen dat ik het weer graag doe.”
Die aanval was dan ook geen alleenstaand feit. In 2022 werden er 338 feiten van fysieke agressie geregistreerd tegen chauffeurs en controleurs van De Lijn en haar exploitanten, in dat jaar werden ook 595 gevallen van verbale agressie gemeld. Alles samen was dat goed voor 3.524 dagen van werkonbekwaamheid.
Ook haar collega Regina Vandenbroucke (39) uit Hooglede werd het slachtoffer. Zij werkt sinds 2017 als buschauffeur voor De Lijn. “Ik werkte als verpleegkundige, maar had van kleins af al de droom om met de bus te rijden. Toen de opportuniteit zich voordeed, dacht ik ‘nu of nooit’ en zo ben ik een opleiding gestart bij de VDAB en kon ik meteen bij De Lijn beginnen.”
Ook zij diende een klacht in na een beangstigend voorval op 6 juni vorig jaar. Ze kreeg een melding van een collega die ook de lijn 60 Kortrijk-Roeselare reed dat ze een agressieve klant niet op de bus gelaten had. Tijdens Regina’s rit stapte hij op. “Ik was er niet gerust op en meldde dat via het oproepsysteem. Toen hij afstapte, ging de deur niet meteen open. Buiten is hij dan voor de bus komen staan en beginnen foto’s nemen, terwijl hij stond te roepen. Echt intimiderend. Hij verweet me hem te hebben gegijzeld.”
De klacht werd uiteindelijk geseponeerd, maar voor Regina zorgt het ervoor dat ze net als Petra elke werkdag meer op haar hoede is. “Ik hou mijn adem al in als ik zie als iemand dronken is of onder invloed van drugs is. Sinds het voorval hou ik ook gewoon mijn mond. Als ze eten of drinken, spreek ik de reizigers er niet meer op aan. Mocht ik dat toch doen, was het elke dag ambras.”
Evolutie
In de zes jaar dat ze werken, zien ze een enorme evolutie. “De bedreigingen zijn enkel gegroeid”, aldus Petra. Regina beaamt dat. “Zeker sinds corona. Het is alsof mensen niet meer vriendelijk kunnen zijn.”
De mensen, dat is echt iedereen. Van jong tot oud, van man tot vrouw. De verbale agressie komt uit alle hoeken. Toch zijn er enkele opvallende. “De jonge gasten zijn veel mondiger geworden. Ze proberen er alles aan te doen om niet te hoeven betalen. Ze weten ook dat we geen minderjarigen mogen weigeren.”
Petra wijst nog op een terugkerend fenomeen. “Als vrouw word je ook niet gerespecteerd door mannen van andere origine. Zij willen geen orders nemen van een vrouw”, vertelt ze. Petra herinnert zich in dat opzicht nog levendig de eerste keer dat ze verbaal aangevallen werd. “Twee mannen eisten dat ik tussen twee haltes zou stoppen om hen af te zetten. Toen ik dat weigerde omdat dat niet mag, stak er ene zijn hoofd door de ruit en wees hij met zijn vinger.”
Dagelijkse kost dus. Dat horen ze ook bij andere vrouwelijke collega’s. “Eén iemand werd vanachter haar stuur getrokken door dezelfde man die mij bedreigd had”, zegt Regina. “Een andere collega is dan weer gestopt omdat ze het geweld niet meer aankon. Erg. Het is niet omdat wij vrouwen zijn, dat we ons als boksbal moeten laten gebruiken.”
Respect
Het gaat volgens hen om een kwestie van respect. “Wij staan in voor onze bus en kuisen die dan ook zelf op. Wat je allemaal vindt, je houdt het niet voor mogelijk. Gebruikte condooms of zakdoeken”, haalt Regina haar neus op. Petra doet er nog een schepje bovenop. “Onlangs nog een vol zakje weed. Maar het ergste was een gebruikte tampon.”
Geen respect, dat is duidelijk. En dat uit zich dus in agressie, bedreigingen en meer. “Je kan er een boek over schrijven”, klinkt het. Dat de beide mannen die Petra en Regina lastigvielen vrij rondlopen én nog de bus kunnen nemen, verontrust hen. “Je weet niet wat er kan gebeuren. Zeker als je weet dat als je de dispatch oproept, je niet weet wanneer ze komen. Als ze al zullen komen.”
Liefde voor de job
Zo groot de angst geworden is, zo groot ook blijft de liefde voor de job. “Het rijden op zich is een hobby. Fysiek is onze job niet zwaar, maar mentaal is het enorm lastig. En dat door een marginale minderheid”, meent Petra. Regina knikt. “Het is pure ontspanning. En je hebt uiteindelijk wel heel wat dankbaarheid. Een babbeltje met de vaste klanten, daarvoor doe je het ook.” (JDr)