Vlaams minister van Binnenlands Bestuur Hilde Crevits (CD&V) heeft een pot van 150 miljoen euro klaar om nieuwe gemeentefusies te faciliteren. Crevits mikt vooral op de kleinere gemeenten, al blijven fusies vrijwillig. Politicoloog Herwig Reynaert (UGent) waarschuwt voor een mogelijk gevolg. “Kunnen we het ons in deze tijden wel permitteren om de kloof tussen burger en politiek te vergroten?”, klinkt het.
Na de recente fusies in onze provincie tussen enerzijds Wingene en Ruiselede en anderzijds Tielt en Meulebeke wil Vlaams minister van Binnenlands Bestuur Hilde Crevits verdere fusies stimuleren. De minister voorziet daarvoor een pot van 150 miljoen euro. Gemeentebesturen die fusioneren kunnen in eerste instantie rekenen op een forfaitair bedrag van 1 miljoen euro om de eerste kosten te dekken, zoals personeelswijzigingen of IT-aanpassingen. Daarnaast kunnen de gemeenten ook rekenen op een overname van een deel van de schulden. Uit de verdeelsleutel die het kabinet-Crevits opstelde, valt af te leiden dat men daarbij vooral de kleinere gemeenten in het vizier neemt.
Maximum 20 miljoen euro
Voor gemeenten tot 20.000 inwoners neemt Vlaanderen 300 euro schuld per inwoner over. Tussen 20.000 en 30.000 inwoners voorziet men 400 euro per inwoner. In de volgende schijf, tot 40.000 inwoners, is het maximale bedrag van 500 euro per inwoner vastgelegd. Vanaf 40.000 inwoners daalt de tussenkomst opnieuw stelselmatig. De totale schuldovername wordt wel geplafonneerd op 16 miljoen euro, behalve als er minstens drie gemeenten in betrokken zijn. Dan komt het maximumbedrag op 20 miljoen euro. Mochten Wingene en Ruiselede met die nieuwe parameters gefusioneerd zijn, dan had dit de nieuwe fusiegemeente 7,1 miljoen euro opgeleverd. Dat is een pak meer dan de ruim vier miljoen euro die in 2025 ontvangen is.
“Waarom zou een financieel gezonde, kleine gemeente gaan fuseren?”
In West-Vlaanderen hebben slechts vijf gemeenten meer dan 40.000 inwoners: Oostende, Brugge, Kortrijk, Roeselare en Waregem. “Het is niet omdat je minder dan 40.000 inwoners hebt dat je geen slagkrachtig bestuur kan zijn”, zegt politicoloog Herwig Reynaert (UGent). Hij vindt het goed dat de kleintjes gestimuleerd worden om te fuseren, maar betwijfelt of dit de komende jaren ook effectief zal gebeuren. “In de meeste gemeenten zijn net de meerjarenplannen opgemaakt en goedgekeurd. Men heeft dus een perfect zicht op de eigen begroting. Als die rooskleurig blijkt te zijn, waarom zou men dan gaan fuseren?”, vraagt Reynaert zich af. “Fusies hebben veel voordelen, maar ook een heel belangrijk nadeel. Het kan de kloof tussen de burger en de politiek groter maken. De vraag is of we dit ons in deze tijden wel kunnen permitteren”, klinkt het.
Gemeenten die willen fuseren, moeten dit aangeven voor 31 december 2028. De komende twee jaar zullen dus cruciaal blijken. Na die deadline hebben de gemeenten de tijd om hun fusie voor te bereiden, zodat de nieuwe fusiegemeente een feit is voor de volgende gemeenteraadsverkiezingen van 2030.