Om onder andere de aangetaste balkkoppen te verstevigen wordt er nog eens 545.820 euro geïnvesteerd in de restauratie van de lakenhallen en het belfort in Ieper. De Vlaamse overheid subsidieert daarvan 250.000 euro, de rest moet het Ieperse stadsbestuur ophoesten. Zo komt de totale investering voor de restauratie op ongeveer 18,5 miljoen euro.
In 2018 sloegen de Vlaamse Regering en Stad Ieper de handen in elkaar om een restauratiemasterplan voor het Ieperse belfort en de lakenhallen uit te werken. De restauratie werd de afgelopen vijf jaar uitgevoerd in vijf fases en loopt dit jaar op haar einde. Vlaams minister van Onroerend Erfgoed Ben Weyts maakt nu echter nog 250.000 euro extra vrij om de totaalrestauratie van de Lakenhallen en het Belfort in Ieper te voltooien.
18,5 miljoen euro
Dat brengt de totale Vlaamse investering in de restauratie op net geen 9 miljoen euro, op een totale kostprijs van zo’n 18,5 miljoen euro. Dankzij deze extra financiële injectie worden nu ook de aangetaste balkkoppen en kepers verstevigd en de bakgoten aangepast voor een betere waterafvoer. Ook de buitenluiken van de binnenkoer worden gerestaureerd of vernieuwd en aangepast om waterophoping te voorkomen. De totale kostprijs van deze bijkomende werken bedraagt 545.820 euro, waarvan Vlaanderen via het Agentschap Onroerend Erfgoed dus 46% op zich neemt. De Stad Ieper staat in voor de resterende kosten.
Draak Margriet
Deze extra investering is de kroon op heel veel werk van de afgelopen vijf jaar. De restauratiewerken lopen al sinds het najaar van 2020, toen de eerste stellingen verschenen op de Grote Markt. Het belfort kreeg van kop tot teen een poets- en herstelbeurt, en zelfs de draak Margriet op de top werd naar beneden gehaald voor een volledige restauratie. In 2021 waren de klokken aan de beurt en werd een gloednieuwe lantaarn op de toren gehesen. De jaren nadien volgden de restauratie van de westervleugel.
In 2023 werd de zijde van het In Flanders Fields Museum aangepakt. Ondertussen zijn de meeste stellingen verdwenen, maar tijdens de restauratie kwamen dus nog enkele bijkomende uitdagingen aan het licht: moerbalkkoppen bleken in uiterst slechte staat en bedreigen de stabiliteit van het dak, sommige metalen onderdelen zijn onvoldoende brandwerend, buitenluiken kampen met vochtproblemen en er zijn nog enkele verluchtingsproblemen.
Lakennijverheid
“Er is een reden waarom we de Lakenhallen na de Eerste Wereldoorlog weer volledig heropgebouwd hebben: dit is erfgoed dat we koesteren en dat we nooit kwijt willen”, zegt Vlaams minister van Onroerend Erfgoed Ben Weyts. “De lakenhallen met het imposante belfort zijn één van Europa’s grootste gotische burgerlijke gebouwen. In de middeleeuwen was dit het economische hart van de lakennijverheid. Het complex groeide uit tot een indrukwekkend geheel van hallen en doorgangen. Doorheen de eeuwen kreeg het diverse functies, van handelscentrum tot stadhuis, en onderging het talrijke uitbreidingen en restauraties.
Klaar voor de toekomst
Na de totale verwoesting in de Eerste Wereldoorlog werden de Lakenhallen minutieus heropgebouwd. Vandaag is het de thuis van het In Flanders Fields Museum en het Yper Museum en is het erkend als UNESCO-werelderfgoed. “Er zijn niet veel monumenten die het verhaal van Vlaanderen op zoveel verschillende manieren vertellen”, zegt minister Weyts. “Daarom houden we de Lakenhallen zo goed in ere. Met deze investering pakken we de laatste knelpunten aan en maken we het weer klaar voor de toekomst.”
“De Lakenhallen zijn het pronkstuk van onze stad. Dankzij deze investering is een degelijk en doelgericht herstel voor de komende decennia verzekerd”, zegt Iepers schepen van Onroerend Erfgoed Stephaan De Roo (Team Ieper). “Vijftig jaar na de heropbouw dreigde echter opnieuw verval, maar dankzij de restauratie komt de geschiedenis van dit gebouw opnieuw tot haar recht en versterkt het respect voor wie na de Eerste Wereldoorlog de enorme inspanning van de wederopbouw heeft geleverd.”
“Dankzij deze investering is een degelijk en doelgericht herstel voor de komende decennia verzekerd”