Een jaar nadat Vlaanderen de norm voor het pesticide-afbraakproduct 1,2,4-triazool tijdelijk versoepelde, wijst nieuw bronnenonderzoek op een complexe mix van oorzaken. Vlaams minister Jo Brouns werkt aan een Strategisch Plan Drinkwaterbescherming, maar volgens Lieven Stubbe (Groen) en schepen Miguel Gheysens (Team Ieper) wordt het een werk van lange adem om ons drinkwater pesticidenvrij te krijgen.
Precies een jaar geleden besliste Vlaams minister Jo Brouns (CD&V) om de norm voor 1,2,4-triazool, een afbraakproduct dat kan ontstaan uit pesticiden en schimmelbestrijders, te verhogen van 0,1 µg naar 1 µg (microgram) nadat in vier West-Vlaamse waterproductiecentra te hoge waarden werden gemeten. De Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) voerde het afgelopen jaar in opdracht van De Watergroep een bronnenonderzoek uit om de herkomst van deze verontreiniging te achterhalen.
Daaruit blijkt dat de problematiek het grootste is in De Blankaart, met verhoogde concentraties tot 0,7 μg/l in het drinkwater. “Analyse van meetgegevens wijst op een dominante bijdrage van lozingen door voedselverwerkende bedrijven en rioolwaterzuiveringsinstallaties”, zegt onderzoekster Liesa Brosens van VITO. “Daarnaast is er ook een bijdrage vanuit het landbouwkundig gebruik en een bijdrage vanuit Frankrijk.”
Voedselverwerkende bedrijven
De onderzoekers namen stalen van het afvalwater van zeven voedselverwerkende bedrijven. Onder andere Milcobel, Greenyard en Dejaeghere Flanders Best in Langemark-Poelkapelle, maar ook de aardappelverwerkende bedrijven in Poperinge en Vleteren. Bij alle bedrijven werden hoge concentraties 1,2,4-triazool gemeten, maar er is één uitschieter. Bij Solae, het bedrijf dat gevestigd is op de Ieperse industriezone pal aan het kanaal en eiwitten produceert uit sojabonen, werden 1,2,4-triazoolwaarden tot 32 μg per liter gemeten in het afvalwater.
Iepers gemeenteraadslid Lieven Stubbe (Groen) volgt de waterproblematiek al jaren op de voet en is niet verrast door de resultaten. “Het is geweten dat Solae heel wat soja invoert uit Zuid-Amerika, waar de sproeistoffennormen veel losser zijn dan bij ons”, aldus Stubbe. “Bij de verwerking van die soja komen die 1,2,4-triazolen in het afvalwater terecht dat dan weer geloosd wordt in het kanaal. Dat is de verklaring voor die piek.”
Schimmelbestrijders
Toch blijft Stubbe wijzen op de verantwoordelijkheid van de landbouw. “Er is ook veel triazolenvervuiling vanuit aardappelverwerkende bedrijven. Dat zijn de bedrijven die de aardappels verwerken die hier op de akkers groeien. Er is dus toch altijd een link met de landbouw. Het onderzoek geeft de indruk dat het vergoelijkend is naar de landbouw toe, maar het zijn wel degelijk de schimmelbestrijders die aan de oorsprong liggen.”
De veiligheid van ons drinkwater is en blijft een absolute prioriteit.
In de waterproductiecentra van Dikkebus en Zillebeke is de problematiek minder sterk, met lichte overschrijdingen van de drinkwaternorm tijdens de zomer. “Hier blijkt landbouw en het gebruik van triazoolhoudende gewasbeschermingsmiddelen de voornaamste bron”, licht Liesa Brosens toe. “Tijdens de drinkwaterproductie werd een toename van 1,2,4-triazool vastgesteld in de zomerperiode, wat wijst op complexe afbraakprocessen van moederstoffen en tussenproducten die verder onderzocht moeten worden.”
Gerichte maatregelen
“Dit onderzoek toont aan dat we samen met de betrokken sectoren en in het bijzonder de landbouw en industrie, moeten inzetten op gerichte maatregelen om deze verontreiniging aan te pakken”, zegt Vlaams minister van Landbouw en Omgeving Jo Brouns (CD&V). “Binnen de Vlaamse regering werken we hard verder aan het Strategisch Plan Drinkwaterbescherming. Dat plan biedt een sterk kader om onze drinkwaterbronnen beter te beschermen, gericht op de reële risico’s. De veiligheid van ons drinkwater is en blijft een absolute prioriteit.”

Op onze vragen of er al maatregelen zijn genomen en wanneer de normen weer verlaagd kunnen worden, kwam er geen antwoord vanuit het kabinet Brouns. “De minister werkt aan een plan en zal hiermee nog deze maand naar de regeringspartners gaan”, zegt Tom Demeyer, woordvoerder van minister Brouns. “De normafwijking is toegestaan tot december 2026, we gaan nog niet vooruitlopen of deze al dan niet wordt verlengd. We benadrukken wel dat er geen gevaar is voor de volksgezondheid.”
Bufferstroken
Iepers schepen van Omgeving Miguel Gheysens (Team Ieper) heeft wel weet van een aantal maatregelen. “De belangrijkste conclusie van het bronnenonderzoek is dat er geen éénzijdige oorzaak is, en dus ook geen eenvoudige oplossing. Net daarom is een integrale aanpak aan de bron essentieel”, zegt Gheysens. “Met het project ‘Water+Land+Schap Robuuste Waterlopen Westhoek’ werken we aan oplossingen op het terrein. Al sinds 2019–2020 wordt samen met landbouwers, waterbeheerders en lokale besturen gewerkt aan structurele oplossingen voor waterkwaliteit en waterbeheer rond de Kleine Kemmelbeek en Bollaertbeek, de beken die de drinkwaterproductiecentra in Dikkebus en Zillebeke bevoorraden. Hierbij werd sterk ingezet op onder meer de aanleg van bufferstroken langs waterlopen. Zo lag er in 2024 langs 63 procent van alle waterlopen een grasbufferstrook van 3 meter of meer. We pakken ook erosieknelpunten aan door erosiedammen te plaatsen en sensibiliseren en begeleiden landbouwers rond zorgvuldig gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en gebruik van betere alternatieven.”
De schepen benadrukt dat het kraantjeswater in Ieper en de ruimere omgeving perfect veilig is. “De maatregelen zorgen ervoor dat water en bodem beter beschermd worden tegen afspoeling en vervuiling”, vervolgt Gheysens. “Dat is ook zichtbaar in de resultaten: Dikkebus en Zillebeke liggen binnen het onttrekkingsgebied van De Blankaart, maar blijven relatief goed scoren op vlak van waterkwaliteit. Daarom blijven we daarop verder bouwen. Bufferstroken van 3 tot 5 meter langs waterlopen zijn intussen verplicht in heel Vlaanderen. Wat in onze regio al langer in de praktijk werd gebracht, is nu algemeen beleid. De aanpak van erosie blijft een belangrijk aandachtspunt, zeker op percelen waar bij hevige regenval nog risico’s bestaan. In de komende jaren werken we niet alleen samen met de landbouwers, maar met alle burgers, willen we de lozingen van huishoudelijk afvalwater aanpakken en zitten we samen met onze bedrijven om na te gaan hoe ook hun impact op de waterkwaliteit kan verbeteren. Zo blijft de kwaliteit van ons drinkwater verbeteren.”
Verbod op pesticiden
Volgens Lieven Stubbe zal dat echter niet voldoende zijn. “Een verbod op pesticiden zou een goed voorstel zijn, maar blijkbaar kan de aardappelteelt niet meer zonder die schimmelbestrijders. Een ander voorstel is om een grotere buffer, 5 à 6 meter, langs elke beekoever te vrijwaren van teelten en er beplanting op aan te brengen, bijvoorbeeld wilgen en elzen. Bomen die niet groot worden, maar die door de wortelwerking een buffer vormen. Sproeistoffen die in de grond zitten worden zo tegengehouden. Nu zijn er soms grasstroken, maar dat wortelt niet diep genoeg. Zeker zwarte els wordt door iedereen aangeraden. We hebben een heel goed voorbeeld: de Vleterbeek tussen Abele en Poperinge. De Provincie kocht destijds stroken van 10 à 15 meter aan weerszijden en plantte die aan. Daar zijn de problemen niet meer aanwezig.”