De welbekende rode kledingcontainers die rijkelijk verspreid staan over Vlaanderen, zamelen al jaren tweedehandskledij in om die een nieuw leven te geven. De organisatie achter het ophalen van die oude kleding is Wereld Missie Hulp. Zij verkopen wat nog draagbaar is als tweedehands, de rest wordt verwerkt tot nieuw textiel.
...

De welbekende rode kledingcontainers die rijkelijk verspreid staan over Vlaanderen, zamelen al jaren tweedehandskledij in om die een nieuw leven te geven. De organisatie achter het ophalen van die oude kleding is Wereld Missie Hulp. Zij verkopen wat nog draagbaar is als tweedehands, de rest wordt verwerkt tot nieuw textiel. "Dat was niet altijd zo", getuigt Wevelgemnaar Joost Cottyn (55), die het project trekt. "Het doel van de vzw is nog steeds wereldwijd mensen te steunen in kleinschalige, duurzame ontwikkelingsprojecten. Vroeger werd een deel van de opgehaalde kleding, zaken die echt niet meer doorverkocht konden worden, verbrand. Dat gebeurde dan vaak nog in landen zoals Pakistan en India, waar men eigenlijk een enorme afvalberg creëerde." Zo werkt de lineaire economie: de grondstoffen worden verwerkt tot een product, dat na gebruik weggegooid of vernietigd wordt. Dat moest anders, vond Wereld Missie Hulp, en ze werden al snel de eerste Vlaamse circulaire textielinzamelaar die een deel van de kleding circulair kan verwerken.Veertig procent van de kleding, die van de slechtste kwaliteit, wordt nu quasi volledig gerecycleerd in nieuw materiaal. Wat niet evident is, het is niet makkelijk om textielvezels terug uit elkaar te halen zonder dat ze breken. Maar het lukt. Onder de merknaam be the fibre worden onder meer tassen, handdoeken en T-shirts uitgebracht. Een heel recent gegeven, aangezien de website pas op 15 augustus online kwam. Afgelopen maandag opende ook de eerste winkel in Boechout, de thuisbasis van Wereld Missie Hulp.Wereld Missie Hulp vroeg aan Joost Cottyn om die transitie van lineair naar circulair textiel te begeleiden. Hij deed dat met zijn bedrijf Tubata, en noemt zichzelf een matchmaker. Tubata geeft medewerkers de kans hun talenten verder te ontwikkelen door tijdelijk te werken in een ander bedrijf. Wie in de ene job uitgeblust is, kan in een andere job net weer zijn sterke kanten ontplooien. De managers van die werknemers krijgen in ruil sterkere mensen terug, die op een nieuw elan verder werken. "Een uitwisseling kan enkele weken duren, maar het kan ook dat we enkele mensen samenbrengen gedurende één dag om de uitdaging waar een bepaalde organisatie mee zit, aan te pakken", zegt Joost. "Zo zaten we op 22 januari 2018 met een aantal mensen samen in een zogenaamde sprintsessie voor Wereld Missie Hulp, waarbij we tot het besluit kwamen dat hun verdienmodel eindig was. Onze uitdaging was om nieuwe businessideeën te ontwikkelen voor Wereld Missie Hulp. Een van de ideeën was om iets uit te werken rond circulariteit."Twee jaar later is er als voorlopig sluitstuk het circulaire merk be the fibre. De transitie laat de organisatie toe om het uiteindelijke doel, het ondersteunen van projecten in het zuiden, te blijven nastreven.Wanneer je een gebruikte jas in de rode container stopt, kan je er dus van op aan dat die in de circulaire economie gebracht wordt. Twee van de drie R's van de circulaire economie Repair, Reuse, Recycle worden in de praktijk gebracht. De betere kwaliteit wordt hergebruikt, de slechtere kwaliteit komt na recyclage in een hip product terecht. Zoals een draagtas voor een laptop. Die dan toch niet echt goedkoop is? "Daar heb je gelijk in", knikt Joost Cottyn. "Klanten willen wel een circulair product kopen, maar dan wel aan de fast fashion-prijs. T-shirts van vijf euro zijn echter niet duurzaam. Als je die koopt, sta je ook niet stil bij de werkomstandigheden van de arbeidskrachten die ze fabriceren. Soms zijn onze producten inderdaad duurder, maar ze zijn wel steeds duurzaam. De dag dat mensen zullen beseffen en aanvaarden dat circulariteit een prijs met zich meebrengt, zal deze business boomen."Info: www.bethefibre.be