"We kennen elkaar al tien jaar", zegt Tonnie Dieleman, zoals Broeder Dieleman bij de burgerlijke stand van het Zeeuws-Vlaamse Axel bekend staat. "Ik was vroeger programmator in Middelburg en ik was fan van Wannes' muziek. We hebben samen gespeeld hier en daar. Op een gegeven moment vroeg een festival in Rotterdam of we samen liedjes konden schrijven. Dat heet Grensgeluid en nodigt ieder jaar een Vlaamse en Nederlandse muzikant uit om samen te werken. Wij mochten dat vorig jaar doen."
...

"We kennen elkaar al tien jaar", zegt Tonnie Dieleman, zoals Broeder Dieleman bij de burgerlijke stand van het Zeeuws-Vlaamse Axel bekend staat. "Ik was vroeger programmator in Middelburg en ik was fan van Wannes' muziek. We hebben samen gespeeld hier en daar. Op een gegeven moment vroeg een festival in Rotterdam of we samen liedjes konden schrijven. Dat heet Grensgeluid en nodigt ieder jaar een Vlaamse en Nederlandse muzikant uit om samen te werken. Wij mochten dat vorig jaar doen."Voor Tonnie voelt de samenwerking niet wezenlijk anders dan wat hij solo doet. "Liedjes schrijven, daar houden we allebei heel erg van. Met woorden en melodieën bezig zijn.""Met Het Zesde Metaal schrijf ik ook vaak samen met onze bassist Robin", pikt Wannes in. "Nu was het met Tonnie en Frans. Je krijgt een andere dynamiek, omdat je andere dingen gemeenschappelijk hebt. Wat voor mij ook tof was aan dit project was de vrijheid. Het mocht gewoon een liedje zijn op gitaar, met een beetje banjo en een beetje cello. Het hoefde geen popmuziek te zijn, terwijl het toch best poppy klinkt."Een van de vele toffe nummers op de cd heet 'Met Eten' waarbij het refrein - 'Ist met eten? Had dat dan toch direct gezeid' - voor een West-Vlaming herkenbaar in de oren klinkt. "Als je naar een feest gaat en het begint om 19.30 uur, hoe dikwijls kom je dan tegen dat je hoort dat je nog niet mocht gegeten hebben. Je denkt: het zal zonder eten zijn, dus passeer je nog langs de frituur. Dan kom je toe en vragen ze: je hebt toch nog niet gegeten? Je durft dan niet zeggen dat je al frieten binnen hebt... Ik heb dat al veel meegemaakt. Ik vind dat mensen daar duidelijker in moeten zijn. Bij iedere uitnodiging moet er staan: 'met eten' of 'zonder eten'." (Hilariteit, red.)Humor is een rode draad in de nummers van Wannes Cappelle, Broeder Dieleman + Frans Grapperhaus. "Ja, we zijn allebei heel grappig natuurlijk", knipoogt Tonnie. "Het zijn vrij serieuze onderwerpen die we aansnijden, dus het is belangrijk dat er ook wat lucht in zit, dat het niet zwaar is."Twee jaar beleefde Wannes Capelle met Het Zesde Metaal nog een triomftocht in de grote tent. Deze editie treedt hij met Broeder Dieleman en Frans Grapperhaus op in de kerk. Een wereld van verschil. "Ik doe alvast propere kleren aan om naar de kerk te gaan", lacht Wannes. "Het is wat gemoedelijker. Als je op het hoofdpodium staat, heb je minder interactie met het publiek. Je kan ook niet veel stiltes laten vallen. In de kerk kom je zoals je bent. Zit je ernaast, dan zeg je gewoon: ik zat ernaast. Op zo'n hoofdpodium moet het toch allemaal wat strakker zijn.""We zijn een vrij los gezelschap", pikt Tonnie. "Het verschilt van avond tot avond. Dat is ook oké. We accepteren het van elkaar. Dat voelt heel fijn.""Wat sowieso al tof is, is dat je backstage de sacristie is", zegt Wannes. "Dat geeft al een heel andere gevoel. Begin juli speelden we in Klein Tokio in Moorsele. Vlak voor het optreden hadden we per ongeluk in de sacristie een kader gebroken. Dus ja, we hebben dat meegenomen op het podium."Ook Broeder Dieleman speelde al eens op Festival Dranouter, maar zowel Wannes als Tonnie hebben ook mooie herinneringen aan de tijd dat ze het festival nog bezochten als festivalgangers. Kunnen ze zich nu nog incognito op de festivalweide begeven zonder aangeklampt te worden? "Zonder aangeklampt te worden niet, maar dat houdt me niet per se tegen", zegt Wannes. "Ik ga niet meer om 3 uur 's nachts naar de biertent gaan. Dan wordt het minder leuk. Overdag zijn de meeste mensen best oké en beleefd. Vanaf mijn 16 jaar was ik een vaste bezoeker van Dranouter en kwam ik ieder jaar. Dan heb ik dikwijls de biertent afgesloten. Mooie tijden." (TOGH)