Ze zit midden in verbouwingen, dus het is niet dat Liesa Naert momenteel erg begaan is met een tweede verblijfje. Maar stél dat ze er eentje mocht kiezen, dan zou het niet aan zee liggen, maar wel in het bos. "Nee, ik heb niet echt een band met de zee of zo. Ik groeide op in Brugge, woonde ook een paar jaar in Zeebrugge, maar ook toen al vond ik dat eigenlijk niet zo bijzonder."
...

Ze zit midden in verbouwingen, dus het is niet dat Liesa Naert momenteel erg begaan is met een tweede verblijfje. Maar stél dat ze er eentje mocht kiezen, dan zou het niet aan zee liggen, maar wel in het bos. "Nee, ik heb niet echt een band met de zee of zo. Ik groeide op in Brugge, woonde ook een paar jaar in Zeebrugge, maar ook toen al vond ik dat eigenlijk niet zo bijzonder."Met Oostende heeft ze wél iets. Liesa, die toen nog aan haar laatste jaar aan het Gentse conservatorium moest beginnen, ging er tijdens Theater aan Zee in 2006 lopen met de Prijs voor Jong Theater. Haar versie van het theaterstuk 4.48 Psychosis van de Britse Sarah Kane greep jury en publiek naar de keel. "Dat gaf me een goed gevoel natuurlijk, en dat ben ik sindsdien blijven linken aan Oostende. Maar om nu te zeggen dat ik hier mijn hart verloren heb? Nee...""Ik herinner me dat ik dat stuk voor TAZ in theaterzaaltje De Illusie speelde, waar het toch wel een klein beetje naar champignons rook", lacht ze. "Een jaar later lag het hele gebouwtje tegen de grond. Ik wist meteen hoe vergankelijk alles is."Liefjes uit Oostende, die had ze ook. "Gewoon toeval, hoor. Ik liep ze tegen het lijf in Gent en dan bleken ze telkens uit Oostende te komen."En tristesse. Dat gevoel roept Oostende ook bij haar op. "Zeker 's winters zou ik hier liever niet willen wonen. Dan is het hier zo stíl. Denk ik tenminste. Ik zou me hier erg verlaten voelen. En depressief worden. Ik ben daar nogal vatbaar voor."Maar je woont gelukkig in Gent, met je gezin, werkt de laatste draaidagen voor een nieuwe serie af en blikt sketches voor 'De Ideale Wereld' in. Is het op vandaag gemakkelijk om werk te vinden als actrice?"Zoeken naar werk vind ik moeilijk. Er moet wel net iemand een rol bedacht hebben waar dan uitgerekend ik geschikt voor ben natuurlijk... Zelf een stuk schrijven? Ik denk er wel eens aan, maar voel me niet zeker genoeg. Er zijn ook al zo veel goeie schrijvers, wat zou ik daaraan kunnen toevoegen? Ik ben overigens best wel kritisch over de teksten die anderen schrijven, ik zou dus voor mezelf minstens even kritisch moeten zijn. En durven te mislukken: dat moet je als schrijver óók aankunnen. Ik ben daar allemaal te voorzichtig voor, denk ik.""Het houdt me wel bezig, hoor. Zeker theater is echt al te lang geleden, ik mis het. En toen ik twee jaar geleden een theaterrol aangeboden kreeg, was ik hoogzwanger. Het was mijn keuze om kinderen te hebben, maar ik voel dat ik daarnaast ook nog iets anders moet kunnen doen. Voor mijn gezin zorgen en acteren: ik wil het allebei, het zijn twee verschillende soorten geluk die me samen een 'compleet' gevoel geven."Was je ambitieus als beginnende actrice?"Ik zag het nogal idealistisch en was vooral heel enthousiast. Ik wist al van jongs af aan dat ik toneel wilde spelen, dat was een vanzelfsprekendheid voor mij. Eens afgestudeerd dacht ik 'laat maar komen'. En ik ben ook meteen na mijn opleiding beginnen te werken, eerst theater bij 4Hoog en vrij snel erna kwam Willy's en Marjetten. Toen was ik niet bezig met een carrièreplanning of zo. En ook nu ben ik daar niet echt berekend in, maar ik ben me wel bewuster van de keuzes die ik maak en de kansen die ik krijg. Ik ben nog altijd even gretig."Je houdt van zekerheid?"Ik houd van zekerheid in die zin dat het me wel comfortabel lijkt om maandelijks hetzelfde, vaste inkomen te hebben. Maar ik ben allergisch voor sleur, dus tegelijkertijd zou zo'n job niets voor mij zijn. Als je voorspelbaarheid en zekerheid wil, word dan zeker geen acteur! De afwisseling en de uitdaging van mijn acteerwerk wegen nog altijd op tegen de onvoorspelbaarheid van het beroep."Misschien toch iets waar je stiekem van droomt?"Een droom is een groot woord, maar ik heb vooral veel goesting in een rol waarvoor ik echt uit mijn kot moet komen. Zo'n rol waarvan ik op voorhand denk: 'Shit, die zal ik nooit aankunnen!'. Waarvoor ik echt mijn volledige potentieel moet benutten. Ooit wil ik heel graag de rol van Martha uit Who's afraid of Virginia Woolf? spelen. Of een vrouw uit een van de stukken van Tennessee Williams. Almodóvar mag ook altijd bellen trouwens."Je lijkt me een vrouw die goed in haar vel zit. Zelfzeker, geen complexen. Of zie ik dan vooral de actrice Liesa Naert?"Als ik me voor een rol engageer, doe ik er alles voor. Ik vraag me geen moment af hoe ik eruitzie of hoe ik overkom. Eerlijk, ik dénk gewoon niet aan het publiek als ik acteer. Ik speel en amuseer me. En zo gebeurt het dat ik nadien inderdaad schrik van mijn eigen kop op televisie. (lacht) Als ik speel, ga ik volledig op in het moment. Je moet soms durven lelijk te zijn, dat maakt acteren boeiend. Al steken ze me voor De Ideale Wereld soms in pakjes waarvan ik denk 'Jezus Liesa, moet dat nu écht!'. En toch denk ik ook dán weer dat ik maar beter all the way kan gaan in plaats van iets halfslachtigs neer te zetten." "Maar ook in het dagelijkse leven lig ik niet wakker van hoe anderen over me denken. Mezelf beter of anders moeten voordoen dan ik ben, lijkt me vooral vermoeiend. Ik ga zonder problemen in joggingbroek en met mijn bril op naar de winkel. Ik begrijp vrouwen die niet zonder make-up aan de schoolpoort durven te gaan staan gewoon niet."Word je vaak herkend en aangesproken?"Regelmatig. Maar altijd op een positieve manier, en ik doe dan ook mijn best om vriendelijk te reageren, zelfs als ik eigenlijk niet zo welgezind ben. Want eigenlijk ben ik geen sociaal beest. Ik denk dat ik goed met anderen overweg kan, maar al bij al ben ik graag alleen. Ik las onlangs een artikel over 'de extraverte introvert' en vond dat heel herkenbaar: over mensen die goed alleen kunnen zijn, maar daarom geen kluizenaars zijn. Ik ga echt graag alleen naar de stad of alleen een koffie drinken... En als iemand op zo'n moment binnenbreekt in mijn cocon is mijn eerste gedachte 'Laat mij nu toch eens gerust'. En vervolgens probeer ik toch vriendelijk te zijn."In nogal wat interviews krijg jij vragen voorgeschoteld over feminisme en rolpatronen. Een idee hoe dat komt?"Is dat zo? Zou best kunnen. Ik ben in elk geval erg gevoelig voor ongelijkheid tussen mannen en vrouwen. Mijn tenen krullen al als iemand nog maar eens durft te beweren 'dat die ongelijkheid toch al lang opgeheven is'. Ongelijkheid is er nog altijd en is dikwijls heel subtiel. Een van de werkmannen die momenteel bij ons aan de slag zijn, sprak mij onlangs aan met 'meisje'. Ik denk niet dat hij mijn vriend 'ventje' zou noemen. Dat is seksisme. Veel mannen beséffen niet eens dat ze seksistisch bezig zijn. Ze vinden dat normaal. Het is vaak subtieler dan een ongevraagde kneep in je billen. Maar even irritant."Ga je dan de confrontatie aan?"Dit soort confrontaties liever niet. Maar ik hou wel van discussies. Een gesprek aangaan met iemand die ergens heel andere ideeën over heeft dan ik, vind ik boeiend en onderhoudend. Het mag wel ergens over gaan voor mij, ja. Ik leer daar ook van bij. Het is zeker al gebeurd dat ik een andere en betere kijk op iets kreeg door te luisteren naar hoe een ander het ziet.""Ik hou van openheid en duidelijkheid. Ook in relaties. Als er iets schort, moet dat uitgesproken worden. Ik kan dan echt niet verder doen alsof er niks aan de hand is. Niet dat dat altijd gemakkelijk is, maar in elk geval wel gezonder."Je liet bij het begin van dit gesprek verstaan dat je vatbaar bent voor zwaarmoedigheid. Hoe ver gaat dat?"Dat had ik als kind al. Ik was een denkertje. Maakte mijn oma overstuur door haar op mijn vijfde te vragen waar mensen naartoe gaan als ze sterven. Toch vind ik niet van mezelf dat ik een pessimist ben, eerder een realist. Ik kan mezelf geen blaasjes wijsmaken. Als iets fout gaat, gaat het fout.""Wat niet betekent dat ik dan in een hoekje ga zitten wenen. Ik probeer er wel door te geraken. Ik ben dus eigenlijk een optimistische pessimist." (lacht)"Er overvallen mij soms onverwacht heel zwarte gedachten. Dan sta ik op het filmfestival te midden van feestende mensen en denk ik 'al die mensen hier zijn eindig, ze zullen allemaal verdwijnen'. Of ik vraag me af welke ellende er achter al die gezichten schuilgaat. Ik verdring die gedachten niet, maar ik probeer ze wel af te bakenen. Even laten bestaan en me dan op iets anders richten. Anders raak ik overspoeld. Het zit gewoon in mijn aard. En niet alles is een keuze. Dus aan adviezen als 'kop op' of 'bekijk het positief' heeft niet iedereen altijd een boodschap. De blauwdruk van je aard kun je niet zomaar veranderen."Gaat je voorliefde voor realityseries daar ook op terug?"Ja! De menselijke aard, waarom iemand iets doet, het fascineert me mateloos. Bovendien heb ik iets met gevangenissen. Soms kom ik voorbij die van Gent en zie ik daar mensen aanschuiven om de gevangenen te bezoeken. Ik zou dan willen weten wat hen daar gebracht heeft, hoe ze zich voelen, hoe ze ermee omgaan. Ik volg een reeks over vrouwen die een moord begingen; dat intrigeert me. Hoe je leven in een fractie van een seconde compleet om zeep kan zijn, door één foute handeling: het is bijna niet te bevatten. In de gevangenis belanden, is mijn ergste nachtmerrie. Ik mag er niet te lang over nadenken, want dan kan ik de fysieke paniek zo al voelen..."