Diep in Tasmanië woont een fan van de Vlaamse boysband Get Ready. Nu ik het zo opschrijf klinkt het nog gekker dan het in werkelijkheid al was. Voor alle duidelijkheid: Tasmanië ligt aan de andere kant van de wereld en Get Ready is toch al enige jaren over zijn hoogtepunt heen. En toch is het zo. Door een speling van het lot beland ik aanstaande maandag in Poatina. Het geïsoleerde dorp in het groene hart van Tasmanië doet mij aanvankelijk aan een ex-Sovjetnederzetting denken. Alle huizen hebben felgekleurde daken en lijken op elkaar. Aan het benzinestation ontmoet ik een man die mij enige duiding geeft. "Dit dorp diende v...

Diep in Tasmanië woont een fan van de Vlaamse boysband Get Ready. Nu ik het zo opschrijf klinkt het nog gekker dan het in werkelijkheid al was. Voor alle duidelijkheid: Tasmanië ligt aan de andere kant van de wereld en Get Ready is toch al enige jaren over zijn hoogtepunt heen. En toch is het zo. Door een speling van het lot beland ik aanstaande maandag in Poatina. Het geïsoleerde dorp in het groene hart van Tasmanië doet mij aanvankelijk aan een ex-Sovjetnederzetting denken. Alle huizen hebben felgekleurde daken en lijken op elkaar. Aan het benzinestation ontmoet ik een man die mij enige duiding geeft. "Dit dorp diende vroeger als huisvesting voor de arbeiders die bij de elektriciteitscentrale werkten, nu behoort het toe aan Fusion Australia, een nationale christelijke jeugd- en gemeenschapsorganisatie die zich toelegt op het helpen van probleemjongeren."Chris troont me mee naar het centrale pleintje. Rond een kort gemaaid grasplein staan uniforme gebouwen waarin een tearoom, kunstgalerie en kruidenierswinkel zijn gevestigd. Terwijl ik een praatje sla met de enthousiaste kruidenierster, krijgt Chris een telefoontje. Uit zijn nerveuze gedraai kan ik afleiden dat er iets niet klopt. "Het was Michael Cleary. Hij is de directeur en wil je graag onder vier ogen spreken", zegt hij met geknepen stem. Wanneer ik aan een plechtstatig bureau mijnheer Cleary zit op te wachten, voel ik me opnieuw een gestrafte puber. "Kijk, laat me duidelijk zijn", zegt een rijzige man in een katoenen trainingspak. "Wij proberen een open gemeenschap te zijn, maar niet iedereen is daarvan overtuigd. Sommigen beschouwen ons als een sekte. Dat heeft alles te maken met de oprichter van Fusion", zegt hij zuchtend.Mal Garvin richtte in de jaren zestig het jeugdprogramma op met vestigingen in Australië en ver daarbuiten. Maar in 2009 liep het grondig fout. "Marvin werd hier in Poatina door een jonge vrouw beschuldigd van seksueel misbruik. De oprichter 'verdween' stilletjes uit het dorp dat hij zelf had opgebouwd. En hij niet alleen, want vandaag wonen hier nog amper 100 mensen. En dat is enorm jammer, maar we gaan door. Sinds de bouw van een groot kunstencentrum kunnen we opnieuw meer jongeren opvangen", zegt de directeur met enige voorzichtigheid. "Kom, ik neem je mee naar daar."In het kunstenatelier staan twee mannen met een lange stok in een vuur te poken. Het zijn glasblazers. De jongste van het duo vraagt waar ik vandaan kom. "België?", roept hij enthousiast. "Ik was onlangs nog in Lommel. Daar wonen ook glasblazers." "Lommel of all places?", vraag ik verbaasd. "Ja, ik heb daar zelfs een boysband leren kennen." Zijn warrige kapsel, gouden brilmontuur en vintage kledij doen hem nochtans eerder in het vakje 'hipster' passen. "Sla me dood, hoe heten ze ook weer?" Hij zingt een refrein met woorden als 'liefde', 'diep' en 'zee'. Mijn brein legt de link: Get Ready. "Ja, dat was het! Fantastische jongens!"Ik sta in een christelijk dorp diep in de Tasmaanse highlands naar iemand te luisteren die tamelijk feilloos Diep zo diepvan Get Ready zingt. Veel gekker hoeft het niet te worden.