Het Collage-theeservies dat Brent en Giel ontwikkelden voor Serax weerspiegelt als geen ander de unieke combinatie van duurzaam, functioneel en esthetisch, waarden die de twee designers ook persoonlijk uitdragen. De gietijzeren theepot is zo goed als onverwoestbaar, terwijl de houten kopjes warm aanvoelen én ook duurzaam zijn. Een voor een breed publiek toegankelijke collectie was een must. En die kon niet gerealiseerd worden zonder de twee hun inbreng voor een efficiëntie productie.
...

Het Collage-theeservies dat Brent en Giel ontwikkelden voor Serax weerspiegelt als geen ander de unieke combinatie van duurzaam, functioneel en esthetisch, waarden die de twee designers ook persoonlijk uitdragen. De gietijzeren theepot is zo goed als onverwoestbaar, terwijl de houten kopjes warm aanvoelen én ook duurzaam zijn. Een voor een breed publiek toegankelijke collectie was een must. En die kon niet gerealiseerd worden zonder de twee hun inbreng voor een efficiëntie productie.Als ontwerper meedenken over het brede verhaal, dat typeert het duo dat elkaar leerde kennen op de Biënnale Interieur in 2014. "Onze filosofie sluit nauw aan bij design for disassembly (het proces waarbij producten uit elkaar gehaald kunnen worden om de componenten te recycleren of te hergebruiken, red.). Vandaag klinkt dat voor velen vaak ingrijpend, terwijl dat eigenlijk de basic mindset zou moeten zijn."En die zit eraan te komen, zo menen de heren. De grootste trend die de twee voorspellen is dat bedrijven hun waarden, de zogenaamde corporate values, zullen herbekijken. "We zitten in een economie die vooral focust op groei", aldus Brent. "Alleen dringt de vraag zich op: kunnen we dat blijven volhouden? Want we zitten heel dicht bij het ethisch plafond. Tijdens het recente Wereld Economisch Forum in Davos had Trump het bijvoorbeeld over de economiecijfers, maar kwam duurzaamheid nooit aan bod. Eigenlijk is dat waanzin." In hun eigen werk zijn ze er al even mee bezig, al bekijken ze volop hoe ze dat efficiënte proces op grotere schaal kunnen doorvoeren. "Moeten we bijvoorbeeld niet onze eigen houtsoorten opwaarderen? Zelf zoeken we naar oplossingen om tropische houtsoorten te vervangen door lokalere houtsoorten en die beter toe te passen. Wat vinden we zelf nog verantwoord?" Zo is er vandaag een jonge Duitse firma waar de twee mee samenwerken. Daar herwerken ze rotan tot kleine vierkantjes. "Ze maken er vervolgens fineerlagen van, die niet alleen interessante toepassingen hebben in de meubelindustrie. Zo zijn er al samenwerkingen tussen hen en grote automerken voor hun conceptcars."Als het over trends gaat, wordt urbanisatie ook alsmaar belangrijker, merkt Giel op. "In de klassieke meubelwinkels vind je vandaag nog vaak gigantische zetels en opstellingen, maar hoe ga je daarmee om als we kleiner gaan wonen? Hetzelfde geldt voor het buitenleven, met alsmaar meer soorten tuinen en onze warmere zomers.""Ik verwacht ook een zekere shift in het nomad-principe, waarbij we meer richten op sharing in plaats van zelf eigendom te bezitten. Dat kan gaan over een woning maar ook over meubels. De ideologie - sharing en nomad - is iets wat we al enkele jaren zien op bijvoorbeeld de Dutch Design Week en het Salone de Mobile in Milaan. Maar met de opkomst van meer servicedesign naast productdesign wordt dat ook haalbaarder voor het bredere publiek. Dat opent in elk geval mogelijkheden." Duurzaamheid in de breedste zin van het woord is voor het duo geen loos begrip. "Een tijdloos en doordacht ontwerp is nog altijd onze coredoelstelling."