"Wie denkt dat luxe om geld en materiële zaken gaat, die heeft het verkeerd voor, is verblind door de blingbling. Luxe, dat is vandaag de dag tijd. Tijd hebben voor de dingen die je belangrijk vindt. Dat is pas echte rijkdom." Stephan Vanfleteren zegt het met nadruk.
...

"Wie denkt dat luxe om geld en materiële zaken gaat, die heeft het verkeerd voor, is verblind door de blingbling. Luxe, dat is vandaag de dag tijd. Tijd hebben voor de dingen die je belangrijk vindt. Dat is pas echte rijkdom." Stephan Vanfleteren zegt het met nadruk.De fotograaf weet als geen ander hoe belangrijk tijd is, en hoe weinig tijd er soms is. Het laatste jaar voerde hij zijn eigen strijd tegen de klok, op een manier zoals hij nog nooit gedaan had. Hij dook negen maanden lang onder in zijn archief in de kelder van het voormalige bankgebouw in Veurne, waar hij woont en werkt. Zijn doel: uit alle foto's die hij ooit nam een overzichtstentoonstelling van zijn carrière puren. Negen maanden lang leefde hij als een kluizenaar, doorzocht hij kartonnen dozen en bekeek hij duizenden en duizenden negatieven. Het resultaat is Present, een prachtige overzichtstentoonstelling in Fotomuseum Antwerpen én een gelijknamig boek met daarin maar liefst 505 foto's die hij nam tussen 1988 en nu."Twee jaar geleden kreeg ik van het Fotomuseum de vraag om eens samen te zitten. Vroeger heb ik er al tentoongesteld (Met zijn 'Belgicum'-foto's, red.) en ze wilden eens weten waar ik mee bezig was. Het was een heel spontane brainstorm, waarbij ook het feit dat ik in 2019 50 zou worden ter sprake kwam en dat een overzichtstentoonstelling wel leuk zou zijn. Een grote, waarbij we het volledige museum zouden innemen."En zo gezegd, zo gedaan. "Het was en is zeer intens", bekent Stephan wanneer we hem een grote week voor de opening van de tentoonstelling spreken. "En ja, ik durf wel eens mijn eigen grenzen te vergeten als ik met een project bezig ben, maar dat is uit enthousiasme en uit perfectionisme. Uit mijn sterk verantwoordelijkheidsgevoel tegenover anderen ook. Het Fotomuseum geeft mij deze mogelijkheid, dan mag ik toch geen half werk afleveren? Dat ik dan offers moet brengen, neem ik er met plezier bij. Ik wil achteraf niet moeten denken 'had ik toch maar in het weekend doorgewerkt'. Als ik mooie kansen krijg, dan wil ik die ook grijpen."En dus werkte Stephan de voorbije maanden non-stop aan de expo en het boek, waarvoor hij trouwens ook de teksten zelf schreef. Eén weekend nam hij vrijaf, toen hij 50 werd. Omdat hij moest van vrouw en vrienden. "Ik zat er op dat moment echt wel door. Ook nu voel ik trouwens dat ik serieus over mijn grenzen ga, maar de eindmeet is in zicht. Nog even doorbijten, en dan hopen dat de weerbots niet te groot is. Daar heb ik wel schrik voor.""Dat, eens de expo geopend is en het boek er ligt, mijn lichaam aan de rem zal trekken. Nu heb ik gewoon geen tijd om ziek te worden."Altijd meer dan zijn best doen, het zit duidelijk in het DNA van Stephan. "In tegenstelling tot wat sommige mensen denken, ligt de rode loper ook niet altijd klaar voor mij. Ik moet ook knokken, ik heb ook mijn parcours moeten lopen. Iets waar ik bij het maken van Present ook mee geconfronteerd werd. Ik werd echt teruggeflitst in de tijd. Het is de film van mijn leven, in stilstaande fragmenten. Al heb ik ook gemerkt dat het geheugen een raar ding is. Meer dan eens heb ik mijn compagnons van toen moeten vragen waar een bepaalde foto genomen was. Of vastgesteld dat ik vergeten ben wat zij nog wisten, en omgekeerd."De foto's nemen je mee naar binnen- en buitenland. Er zijn warme portretten, maar ook beelden waarbij je spontaan de rillingen over je rug voelt lopen. De goede en de kwade kanten van de mens. In het boek vertelt Stephan ook over de gruwel die hij zag, onder meer in Rwanda ten tijde van de genocide, over hoe hij ternauwernood ontsnapte aan een ontvoering in Beiroet en hoe hij een straatboefje moest redden van een woedende menigte in Nairobi..."En dan zijn er nog de vele 'net niet' ongelukken, want als fotograaf leg je heel wat kilometers in de wagen af, de arrestaties, de keren dat je op je gezicht krijgt, het feit dat je heel vaak weg bent van je gezin... Dat hoort er allemaal bij. Mijn leven als fotograaf is heel vol en intens, maar maakt me ook kwetsbaar. Dat is wel iets waar ik bij stilsta, waar ik me heel bewust van ben. Ik ben er ook van overtuigd dat dat besef ervoor zorgt dat ik veel intenser en gelukkiger in het leven sta. Ik mis mijn vrouw wanneer ik op reportage ben, maar dat zorgt er wel voor dat we altijd blij zijn als we samen zijn. Ik probeer het leven altijd als een kans te zien en hoop dat wie de tentoonstelling bezoekt dat ook zal doen. Het leven is een geschenk."Al beseft hij ook dat dat niet altijd evident is, vertelt hij er in één ruk bij. "Hoeveel mensen zijn er niet die nooit de kans gekregen hebben om hun talent te ontdekken? Ik heb het geluk gehad dat ik in een erg warm gezin ben opgegroeid, dat heel ruimdenkend was. En dat mijn ouders, toen ik niet bleek te voldoen aan de hoge eisen van het Veurnse College (Stephan heeft dyslexie, wat een invloed had op zijn punten, red.), mij naar het kunstonderwijs gestuurd hebben, waar ik ontdekte dat ik talent had voor fotografie. En dat mijn vader me zijn fototoestel gaf, zodat ik dat talent voort kon ontwikkelen. Ik ben een van de gelukkigen."Zijn eerste foto's nam Stephan goed 33 jaar geleden bij ons in West-Vlaanderen, in de duinen van Oostduinkerke, waar hij woonde. En na jaren in Brussel gewoond en gewerkt te hebben, keerde hij terug naar de streek, naar Veurne. "Ik heb jaren de wereld rondgetrokken, nu haal ik de wereld naar West-Vlaanderen, naar mijn fotostudio hier in Veurne", lacht hij."Mijn West-Vlaamse roots zijn trouwens heel belangrijk voor mij. De connectie met de zee, met de duinen, met de taal ook. Ik herken heel veel van die typisch West-Vlaamse trekjes in mezelf. Het wroeten én de leute, de gastvrijheid, het bourgondische ook. Lekker eten, nog wat meer eten, en dan toch nog dat dessertje en die pousse-café binnenspelen, om vervolgens ook nog wat te dansen. Het zijn kenmerken die ik ook herken bij mensen als een Willem Hiele, Kamagurka, Arno, Wim Opbrouck en zelfs bij iemand als een Sergio Herman, die toch ook een halve West-Vlaming is. Ze kunnen heel ernstig zijn, heel kritisch ook, maar ook vol overgave plezier maken. Dat is zo schoon. West-Vlamingen zijn gul, op bijna alle vlakken. Enkel aan het leren delen van onze gevoelens hebben we misschien nog wat werk.""Deze foto is de recentste van de vijf, die heb ik dit jaar nog genomen. Ik ben bezig met een reeks over dode dieren. Waarom dode? Levende dieren vluchten weg, daar kan je niet mee doen wat je wil. Met dode dieren wel. Die kan je laten liggen tot het licht perfect valt, die kan je veranderen van positie... Als fotograaf heb je een bijna totale controle, waardoor het contrast met levende dieren nog duidelijker wordt.""Deze bruinvis vind ik fascinerend. Het dier is aan onze kust aangespoeld, terwijl het jaren rondgezwommen heeft door de oceaan, een plek die geen grenzen kent. Wij mogen wel spreken van de Noordzee en de Atlantische Oceaan en zo, maar als er een ijsblokje op Antarctica smelt, dan kan dat water op een gegeven moment ook gewoon hier bij ons passeren. In deze tijden is dat echt een mooi symbool.""Ik ben graag onderweg. Wanneer ik autorij, dan kijk ik rond, dan geniet ik, en zoek ik naar mooie beelden. Het was mistig toen ik in Bredene-Sas deze constructie zag staan. Het is een gebouw dat vragen oproept. Wellicht was het ooit een molen, die dan deels is afgebroken en waar later lukraak een kotje op gezet is. Toen ik het zag, ben ik onmiddellijk gestopt. Ik heb mijn camera gepakt, ben over de draad geklommen en ben beginnen te fotograferen. Eerst horizontale beelden, maar op een bepaald moment heb ik mijn camera gedraaid en net op dat moment kwam die duif aangevlogen. Voor mij als fotograaf was dat een geschenk. En voor de meerwaardezoeker: als je goed kijkt, kan je ook een poes op de foto ontdekken.""Ik had van de provincie West-Vlaanderen de vraag gekregen of ik de bunkers langs onze kust wou fotograferen. Eerst zag ik niet veel in dat voorstel. Ik vond het wat cliché, bunkers spraken ook niet echt tot mijn verbeelding - als kind van de kust waren ze gewoon een plek om te spelen - en was het, zoveel jaar na de oorlog, ook niet gewoon veel te laat om ze nog vast te leggen voor het nageslacht? Maar aan de andere kant: misschien zou ik wel deugd hebben van dit project. Ik hou van werken in de natuur, van geschiedenis. En dus besloot ik om me niet te beperken tot West-Vlaanderen, maar de volledige Atlantic Wall, of wat er nog van overblijft, in beeld te brengen. Iets wat nog nooit gedaan was, en uiteindelijk een erg hedendaags project bleek te zijn.""De bunkers verwijzen immers niet alleen naar de gruwel van de oorlog, maar staan ook symbool voor wat er met onze aarde aan het gebeuren is. Bunkers die ooit op tientallen meters van de kustlijn stonden, dreigen nu in zee te vallen, verzakken in het zand... Het is dus ook een reeks over de opwarming van de aarde. En een les in nederigheid: alles verdwijnt, zelfs constructies in gewapend beton. De bunker op de foto ligt tussen Oostduinkerke en Nieuwpoort. Ik heb er als kind zoveel gespeeld, maar toen ik die foto nam, in de mist, leek het alsof het de eerste keer was.""Dit is een portret dat me heel na aan het hart ligt, net zoals de persoon op de foto. Marius was ooit een IBIS-jongen, en heeft daarna van alles gedaan op zee. Zo was hij ooit IJslandvaarder. Ik leerde hem kennen toen ik foto's wou nemen van de garnaalvissers te paard in Oostduinkerke. Marius heeft niet alleen een prachtige kop, maar is ook een heel uitgesproken figuur met wie ik onmiddellijk een klik had. Hij is een meesterverteller, een leermeester ook voor mij.""Als ik bij hem op bezoek ga en hij zijn zeekaarten bovenhaalt, hang ik aan zijn lippen. Hij staat zo dicht bij de natuur, weet zo veel van de zee, ziet ook hoe die verandert door de klimaatopwarming, welke vissen er verdwijnen en welke erbij komen... Neem nu de pieterman, toen ik klein was, kwam die amper voor aan onze kust, nu zou je bijna bang zijn om zonder schoenen in zee te wandelen... Marius is een wijze oude man, bij wie ik me thuis voel en voor wie ik ontzettend veel respect heb.""Marius is de wijze oude man, Sean de jonge onschuld. Het was fantastisch om hem en de andere IBIS-kinderen te fotograferen. Ze waren heel beleefd én heel geduldig. Ik vond dat ongelofelijk, hoe die kinderen zonder morren gewoon konden wachten tot ze aan de beurt waren. Een zeldzaamheid vandaag de dag, wat aantoont dat IBIS een heel bijzondere school is. Vroeger was dit een school voor visserskinderen, nu zitten er heel veel kinderen uit gezinnen die het sociaal moeilijk hebben, die nooit structuur in hun leven gehad hebben. De school zorgt daar wel voor door op een ontzettend gestructureerde manier te werken, door automatismen in te bouwen.""Sommige mensen vinden de werkwijze misschien niet meer van deze tijd, maar ik weet dat de school er zo in slaagt om vicieuze cirkels te doorbreken, om die kinderen kansen te geven. Ze vissen die kinderen op uit een woelige zee en zetten ze op het droge. Ik weet ook dat niet al die kinderen die kansen zullen grijpen, maar zij die dat wel doen, zullen er dankzij dit maritieme onderwijs zeker in slagen om een mooi leven op te bouwen. Net zoals ik vroeger kansen heb gekregen en gegrepen.