In het prille voorjaar mocht Lotte Popelier in Veldegem al het zegegebaar maken. In de Diestse deelgemeente Schaffen sloot ze op 28 september haar seizoen in stijl af. "Het was heel plezant om mijn laatste wedstrijd van het jaar te kunnen winnen. Eigenlijk was de koers niet zo spectaculair, maar de aankomst liep een beetje bergop. Ik ben vroeg beginnen te sprinten en kon zo de sprint van het peloton winnen. Het was een typische eindeseizoenskoers, met een stuk of dertig rensters aan de start."
...

In het prille voorjaar mocht Lotte Popelier in Veldegem al het zegegebaar maken. In de Diestse deelgemeente Schaffen sloot ze op 28 september haar seizoen in stijl af. "Het was heel plezant om mijn laatste wedstrijd van het jaar te kunnen winnen. Eigenlijk was de koers niet zo spectaculair, maar de aankomst liep een beetje bergop. Ik ben vroeg beginnen te sprinten en kon zo de sprint van het peloton winnen. Het was een typische eindeseizoenskoers, met een stuk of dertig rensters aan de start." Over haar seizoen kan de juniore van het Equano Cycling Team alleen maar tevreden zijn. "Ik ben blij dat ik weer een stap vooruit heb gezet. Ik heb me beter leren positioneren, de koers beter leren lezen, ook het klimwerk gaat weer beter. Over mijn tijdritten van het voorbije jaar ben ik wel teleurgesteld. Ik had er toch een beetje op gefocust, ook omdat ik het een leuke discipline vind." Het goede seizoen resulteerde uiteindelijk in een knappe tweede plaats in WestSprint. "Daar ben ik blij mee. Jade Leenaers is gewoon sterker en heeft de kampioenschappen mogen doen. Het is mooi om tweede te zijn na haar."Lotte Popelier houdt van een stevig stukje klimwerk, maar komt in eigen provincie dus niet aan haar trekken. "Het is jammer dat er in België zo weinig klimkoersen zijn. Gelukkig is er wel Vresse-sur-Semois en heb ik met de nationale ploeg de Watersley Ladies Challenge kunnen rijden." De 18-jarige renster uit Ruddervoorde was immers aangeduid als reserve met het oog op het WK in het Engelse Yorkshire. "Dat had ik totaal niet zien aankomen. In het begin van het seizoen was ik ook wel al eens geselecteerd voor een rondje, maar toen heb ik door ziekte moeten afzeggen."Uiteindelijk bleven alle geselecteerden fit en moest Popelier de strijd om de regenboogtrui op televisie volgen. "Op de beelden leek het toch vooral een vlak parcours en dat is niet echt mijn ding. Het is jammer dat de parcoursen in de andere categorieën wel lastiger waren. Op een lastiger parcours was ik er misschien wel bij geweest, maar nu was het een terechte selectie." Ook het EK in het Nederlandse Alkmaar was dit seizoen geen spek voor haar bek. "Ik heb echt pech. Vorig jaar waren het wel zwaardere parcoursen, maar toen was ik er als eerstejaars nog niet klaar voor."Volgend seizoen wacht de enorme overstap van de juniores naar de eliterensters. "Sommigen kunnen je mama zijn. (lacht) Toch kijk ik er enorm naar uit, daar wordt tenminste echt gekoerst. Bij de juniores wordt constant naar elkaar gekeken en valt het altijd stil." Dankzij haar team Equano-Wase Zon kon Lotte Popelier dit jaar ook al een paar keer van het echte werk proeven. "Ik kon starten in UCI-koersen zoals Le Samyn. Uitrijden zat er natuurlijk nog niet in. Als voorbereiding heb ik wel al een paar gewone elitekoersen uitgereden. Dat zal volgend jaar ook het belangrijkste zijn. Het wordt sowieso een leerjaar, zonder verwachtingen. Als het goed loopt, kan ik misschien bepaalde doelen stellen."Om zich optimaal voor te bereiden op het nieuwe wegseizoen zal de Ruddervoorde de piste deze winter links laten liggen. Trainingen op de mountainbike staan wel op de planning. "Ik ben niet zo behendig, maar dat wil ik op die manier bijschaven. Ik heb de grote impact van positionering bij de elites al ervaren. Het wordt dus belangrijk van daaraan te werken. Tot vorig jaar speelde ik in de winter ook volleybal. Ik vond het een leuke combinatie, die voor veel afwisseling zorgde." (ACL)