Een interview in Aalbeke, ten zuiden van Kortrijk, heeft altijd wel iets te bieden. Aan de oostzijde kun je vanop de A17 het indrukwekkende heuvellandschap van houtimporteur Vandecasteele bewonderen. Aan de westzijde zie je vanop de E17 van kilometers ver prominent De Sjouwer boven de horizon uitsteken. Het 35 meter hoge monument werd in 1974 opgericht ter ere van de vele West-Vlaamse seizoensarbeiders die de in Frankrijk gingen werken, maar daar heeft Harm Vanhoucke nooit zijn slaap voor gelaten. Voetballen bij KFC Aalbeke en supporteren voor Club Brugge, dat wel. En dromen van een carrière zoals zijn favoriete speler van toen, Ivan Perisic. Althans, dat was wat Harm als 12-jarig ukje tijdens zijn eerste interview ooit vertelde. Het verscheen op vrijdag 26 februari 2010 op de regionale voetbalpagina's van deze krant.
...

Een interview in Aalbeke, ten zuiden van Kortrijk, heeft altijd wel iets te bieden. Aan de oostzijde kun je vanop de A17 het indrukwekkende heuvellandschap van houtimporteur Vandecasteele bewonderen. Aan de westzijde zie je vanop de E17 van kilometers ver prominent De Sjouwer boven de horizon uitsteken. Het 35 meter hoge monument werd in 1974 opgericht ter ere van de vele West-Vlaamse seizoensarbeiders die de in Frankrijk gingen werken, maar daar heeft Harm Vanhoucke nooit zijn slaap voor gelaten. Voetballen bij KFC Aalbeke en supporteren voor Club Brugge, dat wel. En dromen van een carrière zoals zijn favoriete speler van toen, Ivan Perisic. Althans, dat was wat Harm als 12-jarig ukje tijdens zijn eerste interview ooit vertelde. Het verscheen op vrijdag 26 februari 2010 op de regionale voetbalpagina's van deze krant.Harm bleef echter geen voetballer. Hij werd wielrenner, gestimuleerd door vader David, zelf een gewezen renner. En met dank aan een fietsreis in de Franse Alpen. In de Savoie, de regio waar hij jaren later zijn doorbraak als groot klimtalent kende, ontdekte Harm zijn passie voor de bergen.Vanhoucke: (denkt even na) "De Gendt zeker? Op de Stelvio. (corrigeert zichzelf) Of neen, hij won daarna ook op de Ventoux." (De Gendt won op de Stelvio in de Giro van 2012 en op de Mont Ventoux in de Tour van 2016, red.)Vanhoucke: "Wellens in de Giro (in 2016 op Roccaraso, red.). En Jelle Vanendert op Plateau de Beille (in de Tour van 2011, red.) natuurlijk ook, hé. Dat weet ik, want ik reed die klim vorig jaar omhoog in de Ronde de l'Isard."Vanhoucke: (fronst de wenkbrauwen) "Pfff... Ik zou het echt niet weten."Vanhoucke: "Ah, nu weet ik het. Michel Pollentier! In de Tour van 1978, zeg je. Is het echt al 40 jaar geleden dat een West-Vlaming een bergrit in een grote ronde kon winnen? Ongelofelijk, hé."Vanhoucke: (grijnst) "Juist ja, die affaire met de peer. Lap, dan moeten we nog verder teruggaan en weet ik het zeker niet."Vanhoucke: "Dat we geen klimmers hebben, hé. Het is eigenlijk zelfs een beetje triestig als je het zo bekijkt. Pas op, in België zijn er momenteel heel wat renners die goed bergop rijden. Maar echte klimmers of pure ronderenners... Neen, die zijn er niet."Vanhoucke: "Het is moeilijk om nu al voorspellingen te doen. Men praat wel over Bjorg Lambrecht, Stef Crass en mij, maar om ons bij de profs tot ronderenner te ontwikkelen, is er nog een lange weg af te leggen. Daar zijn enorm veel opofferingen voor nodig en misschien kun je dan beter toespitsen op een ritzege. Nu, ik zal de komende jaren sowieso eerst kijken hoe ik evolueer."Vanhoucke: (lacht) "Bjorg zegt dat ze steenhard rijden, dat er bergop een pak sneller wordt gereden. Maar goed... Zie maar hoe Bernal (Colombiaanse neoprof bij Team Sky die tweede werd in Romandië en momenteel schittert in Californië, red.) rijdt. Vorig jaar reed hij in de bergritten met mij en Bjorg omhoog. Oké, er waren ook dagen dat hij ons helemaal zoek reed, maar er waren ook dagen dat we hem konden volgen. Al blijft hij echt indrukwekkend. Met voorsprong de sterkste renner van onze lichting!"Vanhoucke: "Armstrong? Of misschien Contador?"Vanhoucke: (schudt het hoofd) "Neen. Wel ken ik de verhalen vanop tv, maar ik heb hem nooit bewust meegemaakt."Vanhoucke: "Contador en Schleck die in de Tour aan het duelleren waren en Schleck die op een berg (de Port de Balès, red.) zijn ketting erdoor trok. Ik was fan van Schleck. Zijn stijl van rijden en aanvallende manier van koersen stonden me aan. Ik had het meer voor hem dan voor Contador. Waarom? Ja, hoe komt zoiets, hé..."Vanhoucke: (proest het uit) "Klopt, maar het is nu ook niet zo dat ik hier op grote hoogte woon. Ik ben redelijk laat beginnen te koersen. Ik was al een jaar of 15, 16. De twee jaar ervoor deed ik hier wel al mijn ritjes. Ja, ook met enkele hellinkjes, zoals Bellegemberg. En de Marionettenberg uiteraard! (grijnst) Een redelijk steil stukje, hoor. Dat was toen zo'n beetje mijn Alpe-d'Huez, hé."Vanhoucke: "Een hele koers reed ik er in de aanval. Eerst met zes, maar toen Pascal Eenkhoorn (nu prof bij Team LottoNL-Jumbo, red.) op de tweede klim doortrok, bleven we met twee over. Je zag toen al wel aan mijn bouw dat ik veel kleiner en magerder was dan de andere juniores. Op het vlakke kon ik mee, maar het verschil maken lukte niet. Ik had in de Bakala Academy ook al tests gedaan en daar zeiden ze: jij moet in de bergen gaan koersen. Mijn ritzege als eerstejaarsbelofte in de Tour des Pays de Savoie was het begin van alles. Daarvoor had ik wel al het gevoel dat ik prof wilde worden, toen besefte ik dat ik het kon worden."Vanhoucke: "De dag na mijn zege in de Ronde van Lombardije (op 2 oktober 2016, red.) belde ploegleider Kurt Van De Wouwer me op om te zeggen dat ik kon tekenen. Ergens logisch. Bij de profs wordt die koers als een monument beschouwd en als je als eerstejaars en als eerste Belg ooit kunt winnen, blijft dat bij.""Afgelopen winter mocht ik al twee keer met de profploeg mee op stage naar Mallorca. Het was een toffe ervaring en er was een goeie sfeer. Ik voelde me meteen welkom. (lacht) Ja, de meeste renners kenden me wel al. Ik denk dat het wel binnensijpelt als er een renner van het belofteteam goed presteert."Vanhoucke: "Ja, er is verschillende keren gezegd dat ik veel kleiner moet rijden. Of ik dat dan doe? Bij momenten, als ik erop let. Maar het is moeilijk om iets wat je al je hele leven doet plots te veranderen. Ze hebben mij verteld wat het verschil is met iemand als Tim Wellens, die wel heel klein rijdt. Op een helling haalde hij tien tot 20 omwentelingen per minuut meer, ik 80 en hij 95. (lacht) Over een volledige training geeft dat toch een verschil van 10.000 toeren."Vanhoucke: "Leren luisteren. (grijnst) Ik ben nogal impulsief met mijn trainingen. Ik wil soms te veel doen en dat is niet goed. Zo heb ik vorig jaar in het begin van het seizoen een klop gekregen en dit seizoen maakte ik hetzelfde mee. Gelukkig heb ik net op tijd een rustperiode ingebouwd."Vanhoucke: "Klopt, het parcours in Innsbruck is lastig, heel lastig. Ik zal wel al bij de profs rijden - men sprak al van de Ronde van Polen of de Tour de Wallonie - maar sowieso rijd ik met de bond de Ronde van de Toekomst, de Ronde van Slovakije en het WK."Vanhoucke: (opgetogen) "Zelf zie ik dat ook zo. En dan kan ik meteen zien waar ik bergop sta."Vanhoucke: "Voor de rondekes in de bergen probeer ik nu ook al goed op mijn voeding te letten. Voor een klimmer is de verhouding tussen het vermogen en lichaamsgewicht nu eenmaal heel belangrijk. Een hoogtestage deed ik wel nog nooit. De ploeg plant er wel eentje in juli en misschien kan ik meegaan. Ja, ik denk dat ik op verschillende vlakken nog progressie kan boeken."