"Het is al van bij de juniores dat ik geregeld last heb van een zitvlakblessure", doet Loran Cassaert (20) zijn lijdensweg uit de doeken. "Toen had ik er echter nooit heel lang last van en kon ik telkens snel hervatten. Toen ik tijdens de voorbije winter opnieuw wat hinder ondervond, maakte ik mij dus niet al te veel zorgen. Ik had daardoor wel wat achterstand opgelopen bij de start van het seizoen, maar geleidelijk aan ging het beter. Maar na mijn rustperiode na de Baby Giro in juni was het echt heel pijnlijk geworden. De sportdokter verwees mij meteen door naar een gespecialiseerde chirurg en die zei dat een operatie aan mijn zitvlak onvermijdeli...

"Het is al van bij de juniores dat ik geregeld last heb van een zitvlakblessure", doet Loran Cassaert (20) zijn lijdensweg uit de doeken. "Toen had ik er echter nooit heel lang last van en kon ik telkens snel hervatten. Toen ik tijdens de voorbije winter opnieuw wat hinder ondervond, maakte ik mij dus niet al te veel zorgen. Ik had daardoor wel wat achterstand opgelopen bij de start van het seizoen, maar geleidelijk aan ging het beter. Maar na mijn rustperiode na de Baby Giro in juni was het echt heel pijnlijk geworden. De sportdokter verwees mij meteen door naar een gespecialiseerde chirurg en die zei dat een operatie aan mijn zitvlak onvermijdelijk was geworden. De blessure was te groot om het door middel van rust goed te laten herstellen. Sindsdien heb ik geen fiets meer aangeraakt en dat is al zeker voor de komende twee weken nog het geval, want ik mag er niets van druk opzetten. Ik ben nu wel al enkele keren gaan lopen, maar dat is hetzelfde niet. Als ik pas ten vroegste binnen twee weken opnieuw op mijn fiets mag, is het veel te laat om nog iets van dit seizoen te kunnen maken. Daarom heb ik beslist om mijn focus naar volgend seizoen te verleggen."Ondanks de trainingsachterstand in de winter en de gezondheidsproblemen mag de Bevernaar van Lotto-Soudal U23 toch behoorlijk tevreden zijn met zijn prestaties in die omstandigheden. Zo werd hij 23ste in de eindstand van de Triptyque des Monts et Châteaux, terwijl hij in dienst reed van ploegmaat Brent Van Moer (ondertussen prof bij Lotto-Soudal, red.) en sprinter Arne Marit. In diezelfde rol legde hij ook beslag op de 25ste stek in de Tour du Loire-et-Cher, om vervolgens begin mei knap vierde te worden op het Belgisch kampioenschap tijdrijden. Zijn laatste wapenfeit van dit veel te korte seizoen was zijn deelname aan de Baby Giro."Doordat ik met mijn zitvlakblessure zo'n tien dagen aan de kant had gestaan, was de start van mijn seizoen wat twijfelachtig en was ik nog niet in vorm voor de seizoensopener Gent-Staden. Gelukkig ging het geleidelijk aan beter en vanaf het BK tijdrijden zat het gevoel goed. Ik vond het ook fantastisch om geselecteerd te zijn voor de Baby Giro. Het was de eerste keer dat ik een rittenkoers van meer dan een week betwistte. Een prachtige ervaring. Mijn seizoen is nooit echt top geweest, maar gezien de omstandigheden mag ik niet klagen. Hopelijk heb ik mijn deel van de pech nu gehad en kan ik volgend seizoen tonen wat ik in mijn mars heb", aldus de tweedejaarsbelofte uit Beveren.Ondanks de geruchten over de afslanking van de U23-ploeg van Lotto-Soudal gaat Loran ervan uit dat hij volgend seizoen nog altijd voor de Belgische formatie rijdt. "Ik heb ook het gerucht opgevangen dat ze de kern zouden afslanken, maar meer weet ik daar ook nog niet van. Ik ga er wel vanuit dat ik in 2020 nog voor de ploeg rijd, want ik heb al bijgetekend voor volgend jaar. Hopelijk is dat ook effectief het geval, want ik ben enorm gemotiveerd om mij volgend seizoen te tonen. Ik hoop dan onder meer op een nieuwe selectie voor de Baby Giro, zeker na de ervaring die ik dit jaar opgedaan heb", besluit Loran, die vorig jaar afgestudeerd is en nu alles op de koers zet. (SM)