Callens begon in 1975 aan zijn missie. "Een beetje uit onvrede met de hiërarchie in het wielrennen", legt de Blankenbergenaar uit. "Je had in die periode de Superprestige als de maatstaf, maar ik vond dat ik een beter en eerlijker klassement op touw kon zetten. (glimlacht) Nu, we zijn intussen 42 jaar later en ik heb mijn puntenquotering al elfendertig keer aangepast. Ik denk dat ik nu eindelijk de juiste barema's heb gevonden, maar als ik heel eerlijk ben, moet ik toegeven dat die eigenlijk gewoonweg niet bestaan."
...

Callens begon in 1975 aan zijn missie. "Een beetje uit onvrede met de hiërarchie in het wielrennen", legt de Blankenbergenaar uit. "Je had in die periode de Superprestige als de maatstaf, maar ik vond dat ik een beter en eerlijker klassement op touw kon zetten. (glimlacht) Nu, we zijn intussen 42 jaar later en ik heb mijn puntenquotering al elfendertig keer aangepast. Ik denk dat ik nu eindelijk de juiste barema's heb gevonden, maar als ik heel eerlijk ben, moet ik toegeven dat die eigenlijk gewoonweg niet bestaan."Er was voor Callens nog een belangrijkere reden om halverwege de jaren 70 een nieuw wielerjaarboek tot leven te roepen. "Toen al bestonden de bekende jaarboeken van Velo, maar daarin werden enkel de profs en toenmalige liefhebbers (nu beloften en eliterenners zonder contract, red.) belicht. Ik vond dat ook nieuwelingen en juniores erbij mochten. En in een latere fase kwamen daar bij mij ook nog de aspiranten bij."Een wielerjaarboek maken is een ononderbroken werk, zo blijkt. "Als het ene klaar is, begin ik aan het volgende", lacht Callens. "Ik moet nu wel eerlijk toegeven dat ik daar momenteel nog geen zin in heb, maar die goesting komt snel terug. Het is verslavend.""Weet je, in 1975 dacht ik: binnende zeven jaar ben ik multimiljonair, want iedereen zit op dit boek te wachten. Wel, er waren er precies toch wat minder dan begroot. (grijnst) De continuïteit van mijn wielerjaarboeken was enkel haalbaar door zoveel mogelijk zelf te doen. Het heeft veel arbeidsintensiteit gekost en dat is het trouwens nog altijd. Maar op die manier doe ik ook veel kennis op. Het is een passie. Stel dat ik morgen familielid x of supporter y van coureur z tegen het lijf loop, ik zal meteen een situatieschets van de renner in kwestie kunnen geven, wie dat ook mag zien."Die parate kennis in het kwadraat heeft natuurlijk ook gevolgen. Gevolgen die wel eens tot grappige situaties kunnen leiden. Callens kan er talloze anekdotes over oprakelen. "Neem nu een regenachtige namiddag in juni 1985, toen ik in mijn stamcafé belandde en iemand anders beweerde dat hij ex-wielrenner André Rosseel was. Enig probleem: die was al 20 jaar dood. Ik geloofde hem dus niet. Wat gebeurde er? Op een bepaald moment telefoneert er iemand naar de vaste lijn van het café gsm's bestonden toen nog niet en de persoon aan de andere kant van de lijn vroeg naar persoon x, toevallig de man die beweerde André Rosseel te zijn. Wel, die man is weggegaan zonder iets te zeggen en zonder iets te betalen.""Neen, ze kunnen mij niet veel wijsmaken, denk ik. Als een aspirantje aan de overkant van de straat zit en ik hem hoor stoefen dat hij al 17 koersen heeft gewonnen, zal ik zeggen: wablieft? Plots klinkt het dan van: oké, het kunnen er ook dertien zijn. Waarop ik dan moet corrigeren: het zijn er vier!"Bernard Callens staat in wielermiddens bekend voor zijn sterk uitgesproken mening. Zo ook over het jeugdwielrennen. "Ik vind dat er daarin te weinig gemeten wordt. Er is te weinig duiding naar talenten toe. Persoonlijk zou ik het zoals in de atletieksport aanpakken: tijdens als norm nemen. Neem nu de 12-jarige aspiranten. Laat hen een 200 meter met vliegende start en een 500 meter met staande start afwerken. En verbind de tijden met hartslagmeting.""Het is ver gezocht, maar ik ben ervan overtuigd dat het werkt. Ik ben er ook zeker van dat er in landen als Australië en Groot-Brittannië wel op die manier gewerkt wordt. Dat noem ik screening." In het Wielerjaarboek 2017-2018 geeft Callens ook zijn visie over Peter Sagan. "Ik vind dat een schitterende coureur, maar prijs hem alstublieft niet de hemel in. Het is geen Kelly, Merckx of De Vlaeminck hé."Callens stelde voorbije jaren ook vast dat almaar meer coureurs een hogere opleiding genoten hebben. "Het is verbazend, de tienerachtergrond van tegenwoordig. Heel veel tieners volgen in deze tijden een bachelor- of masteropleiding. Nog nooit is het peloton zo intelligent geweest. Meer zelfs, als je geen diploma hebt, word je volgens mij geen coureur meer. Neem nu de wielerscholen. Ik zeg niet dat die slecht zijn, maar jonge renners die niet willen studeren, zullen geen coureur worden. Ze zijn op school bezig met koers en ze zijn buiten school met koers bezig. Dat is gewoon te veel.""Sven Vandousselaere is een passend voorbeeld. Hij is voor mij het grootste talent van de voorbije 15 jaar. Wel, ze hebben hem kapotgemaakt. Ik hoop dat verzadiging de enige reden voor zijn mislukking is. Wielrennen moet, ook voor de decompressie, afgewisseld worden met studies. Om hoofd en lichaam in balans te houden, zodat je, tegen dat het écht nodig is, de drijfveer hebt om volledig voor een wielercarrière te gaan. Voorbeelden van traag- én langbloeiers genoeg, hoor. Ferdi Van den Haute, Marc Sergeant, Greg Van Avermaet ook..."Ook over de toekomst van zijn eigen wielerjaarboek heeft Callens een duidelijke mening. "Het nadeel is dat je op papier werkt, hé. Voor de huidige en komende generatie is dat een nadeel. Het moet tegenwoordig allemaal snel en flitsend zijn. Meer zelfs, mijn boek is net als de papieren kranten ten dode opgeschreven, vrees ik. Ik zie dat genoeg aan mijn eigen kleinkinderen."Tot slot lanceert Callens nog een belangrijke oproep. "Noodzakelijk, want anders is het binnen tien, 15 jaar gedaan met de wielerwedstrijden hier. De overheid moet het jeugdwielrennen redden. Een verpletterende verantwoordelijkheid, dat besef ik. Men moet signaalgevers belonen en de besturen van de organiserende clubs redden. De mensen daarin zijn allemaal zeventigers of tachtigers. En als er dan toch iemand jonger is, mag dat een wonder genoemd worden. De overheid heeft dus een taak. Kijk, er zijn zoveel werklozen en langdurig zieken. Daar kan toch iets mee gedaan worden!? Het jeugdwielrennen is in hoge nood en daar moet dringend een oplossing voor komen."Het Wielerjaarboek 2017-2018 van Bernard Callens kan besteld worden door 25,50 euro over te schrijven naar RECORDBANK Blankenberge nr. BE13 6528 0399 9639 met vermelding naam en adres. Contact: Bernard Callens, Stationsstraat 9, 8370 Blankenberge, gsm: 0477/68.13.96.