Bert Vermeire overschouwt het veldrijden: “Pidcock is veel slimmer dan alle Belgen samen”

Bert Vermeire is streng: “Ik spreek liever van de grote twee dan van de grote drie.” © Davy Coghe
Hans Fruyt
Hans Fruyt Medewerker KW

‘Bertje’ Vermeire (78) volgt het veldrijden nog altijd van nabij. De vijfvoudige wereldkampioen geniet van de spanning bij de vrouwen en relativeert de status van Pidcock: “Die kiest zijn koersen uit.”

Zaterdag trekt Vermeire naar de Superprestige in Wortel-Merksplas, zondag naar de Wereldbeker in Overijse. Telkens op uitnodiging. “Ook voor de Superprestige in Diegem op 28 december vond ik al een invitatie in mijn bus. Uiteraard sta ik niet meer op alle gastenlijsten. Logisch dat niet iedereen mij nog kent. Maar als ik niet uitgenodigd word, volg ik alles thuis op televisie”, vertelt de amateurwereldkampioen van 1970, ‘71, ‘74, ‘75 en ‘77.

Naast vijf regenboogtruien pakte Vermeire acht Belgische driekleuren. In BK’s botste hij ook vijf keer op Roland Liboton. Net als toen, is ook nu het aantal renners dat topcrossen wint beperkt: Eli Iserbyt, Michael Vanthourenhout, Lars van der Haar en Laurens Sweeck. Met Tom Pidcock komt daar in Merksplas en Overijse een extra naam bij. Op Wout van Aert en Mathieu van der Poel is het nog even wachten.

“Ik heb het liever over de grote twee dan over de grote drie”, verrast Vermeire. “Pidcock is een man die z’n wedstrijden zorgvuldig uitkiest. In Amerika werd hij wereldkampioen veldrijden. Deze zomer won hij een etappe in de Ronde van Frankrijk. Deze winter zal hij ook enkele crossen uitkiezen. Op dat vlak is hij veel slimmer dan alle Belgen samen.”

Spanning bij vrouwen

Ook al kwamen van Aert, van der Poel en Pidcock nog niet in actie, Vermeire heeft zich de voorbije 2,5 maanden niet verveeld. Zeker niet tijdens de veldritten voor vrouwen. “In die crossen is het bijna altijd spannend tot op de streep. En Marianne Vos en Lucinda Brand moeten er nog bij komen. Je ziet dat Vos niet top is, ze rijdt niet op kop, ze spaart zich nog. En Van Empel, Pieterse en Van Anrooij zijn nog heel jong. Maar wel aan elkaar gewaagd.”

Zoals iedereen stelde ook Vermeire vast dat Wout van Aert en Mathieu van der Poel iets hebben wat anderen niet bezitten. “Wout is de beste in de zwaardere crossen; komt het meer op techniek aan, dan is het voor Mathieu. Het zijn twee klasbakken. Alleen vraag ik me af of het, met telkens de overstap van de weg naar het veld, zal blijven duren. Ook afwachten hoe ze het aanpakken. Blijven ze twee, drie ronden in de wielen? Of vliegen ze er van bij de start in? Als je in de cross vijftien tot twintig seconden neemt en je kan je tempo aanhouden, is het moeilijk om nog terug te keren.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.