Volgende week is Shari Bossuyt met de nationale ploeg overigens ook nog aan het werk op het de Europese pistekampioenschappen bij de elite in het Nederlandse Apeldoorn. "Ik zal er de ploegkoers samen met Lotte Kopecky betwisten, want Jolien D'hoore heeft nog te veel last van haar elleboogbreuk. In de ploegenachtervolging moeten we zo dicht mogelijk proberen te eindigen. Momenteel staan we achtste in de landenranking. De top acht plaatst zich voor de Spelen in Tokio. Frankrijk, Japan en Zuid-Korea zijn de landen die we moeten proberen achter ons te houden."
...

Volgende week is Shari Bossuyt met de nationale ploeg overigens ook nog aan het werk op het de Europese pistekampioenschappen bij de elite in het Nederlandse Apeldoorn. "Ik zal er de ploegkoers samen met Lotte Kopecky betwisten, want Jolien D'hoore heeft nog te veel last van haar elleboogbreuk. In de ploegenachtervolging moeten we zo dicht mogelijk proberen te eindigen. Momenteel staan we achtste in de landenranking. De top acht plaatst zich voor de Spelen in Tokio. Frankrijk, Japan en Zuid-Korea zijn de landen die we moeten proberen achter ons te houden."Bossuyt trekt met vertrouwen naar Apeldoorn. Vorig weekend behaalde ze op het BK in Gent brons in de puntenkoers en ging ze in het omnium zowaar met goud aan de haal. "Jolien en Lotte waren duidelijk de sterkste rensters in koers, maar zij zaten voortdurend naar elkaar te kijken. Daar heb ik van kunnen profiteren. Het was zoals met dat spreekwoord: als twee honden vechten om één been, loopt de derde ermee heen. (glimlacht) Ik ben alleszins heel blij met die titel.""Ik zit weer op mijn beste niveau", vervolgt de Bellegemse, die in juni afstudeerde aan het PTI in Kortrijk en intussen een halftijds profcontract bij Sport Vlaanderen heeft. "Ik heb met de nationale selectie tien dagen in Bordeaux getraind, waardoor we het BK eigenlijk vooral als een training voor het EK zagen. De vorm is er en het kan alleen maar in stijgende lijn gaan. Ik voel dat ik elk jaar sterker word en dat heb ik nu ook bewezen. In de individuele achtervolging reed ik vorig weekend drie seconden sneller dan een jaar geleden. Ik kan nu echt meedoen met de top. Twee jaar geleden, toen ik er als juniore tussen reed, kon ik meerijden, maar niet meer dan dat. Nu kan ik meesprinten.""Mijn mooiste moment van 2019 was zeker en vast het Europees kampioenschap op de piste voor beloften in juli", geeft Bossuyt aan. "Dat ik twee bronzen medailles zou behalen, in eigen land, in Gent dan nog, had ik totaal niet verwacht. Mijn strafste prestatie daar vond ik mijn bronzen plak in de puntenkoers (na de Italiaanse winnares Letizia Paternoster en de Portugese Maria Martins, red.). Dat was een grote verrassing, vooral omwille van de concurrentie in dat onderdeel.""Ook de trip naar Japan, in augustus, is een mooie herinnering", benadrukt de renster van Rogelli-Gyproc. "Neen, dat betekent niet dat ik nu zeker ben van deelname aan de Olympische Spelen in Tokio. Jolien D'hoore had immers net haar elleboog gebroken, waardoor ik ook mee mocht. We namen er deel aan een pistewedstrijd van klasse één en deden het niet slecht, met twee derde plaatsen in de ploegkoers. Die werkte ik samen met Lotte Kopecky af. Japan was sowieso een mooie ervaring, een heel mooie trip voor mij op zo'n jonge leeftijd. En intussen hebben we daar alles ook eens in detail kunnen bekijken en bestuderen, in functie van Tokio 2020. In Japan heerst een volledig andere cultuur. Het eten was er helemaal anders dan wat wij hier gewoon zijn. Het was toch wel aanpassen. Ik weet nu dat ik, als ik naar de Spelen ga, mijn eigen muesli zal moeten meenemen. Daar krijg je als ontbijt immers vis voorgeschoteld. Of iets anders waarvan je bijna zeker weet dat het lang op de maag zal liggen.""Ik kijk ook tevreden terug op mijn eerste wegcampagne bij de eliterensters", vertelt Bossuyt. "Het niveau lag veel hoger dan bij de juniores en de afstanden waren een stuk langer, maar ik denk dat ik blij mag zijn met wat ik gepresteerd heb. Ik ga niet zeggen dat ik al kan meedoen voor de zege, maar als er een ontsnapping was, probeerde ik wel telkens mijn ding te doen. Van de rensters tegen wie ik dit jaar gereden heb, heeft de Nederlandse Lorena Wiebes, die een jaar ouder is dan mij, de grootste indruk op mij gemaakt. Ik kende haar al van bij de juniores. Van mijn generatiegenoten zijn er enkele Britse meisjes die het goed doen, maar iemand die meteen met de wereldtop meedraait, zoals Amalie Dideriksen enkele jaren geleden, is er niet. De overstap van juniores naar elite is dan ook verre van evident.""Zelf houd ik vooral een mooie herinnering over aan Dwars door Vlaanderen, één van mijn eerste wegkoersen van het seizoen. Met de Kluisberg, Knokteberg, Tiegemberg en Nokereberg kregen we een niet te onderschatten parcours voor de wielen geschoven. Echt redelijk lastig en toch kon ik mooi in het eerste peloton achter de koplopers standhouden."Ook op het Europees kampioenschap op de weg voor beloften in Alkmaar deed ik het niet slecht", vervolgt Bossuyt. "Op een enorm lastig parcours en in moeilijke weersomstandigheden, met veel regen en spekgladde wegen, heb ik het best mogelijke resultaat eruitgehaald: dertiende, als eerstejaars geen onaardig resultaat. Daar was ik heel tevreden mee.""Ook volgend jaar blijf ik bij mijn huidige ploeg, die een stapje hogerop zet en een UCI-team wordt. Het programma op de weg zal in grote lijnen overeenstemmen met dat van dit jaar, maar 2020 zal voor mij persoonlijk natuurlijk vooral in het teken van de Spelen staan, met daarnaast ook het WK bij de elite in Berlijn en het EK voor beloften in het Portugese Anadia."