"Neen, ik denk niet dat ik mag klagen over mijn eerste jaar bij de profs", lacht een ontspannen Kenny Molly, net terug van een rustig herstelritje in het West-Vlaamse Heuvelland. "Ik heb me veel kunnen tonen in een ontsnapping en zie 2019 dan ook als alweer een stapje vooruit. Dit zal me helpen om in de toekomst nog stappen te zetten." Het is een understatement. Molly toonde zich in de maand maart voor het eerst in Paris-Troyes door als negende te finishen. Vervolgens maakte hij zowel in de tweede rit van de Settimana Coppi e Bartali, de Route Adélie en Luik-Bastenaken-Luik deel uit van de vroege vlucht en trok hij in de finale van de Tou...

"Neen, ik denk niet dat ik mag klagen over mijn eerste jaar bij de profs", lacht een ontspannen Kenny Molly, net terug van een rustig herstelritje in het West-Vlaamse Heuvelland. "Ik heb me veel kunnen tonen in een ontsnapping en zie 2019 dan ook als alweer een stapje vooruit. Dit zal me helpen om in de toekomst nog stappen te zetten." Het is een understatement. Molly toonde zich in de maand maart voor het eerst in Paris-Troyes door als negende te finishen. Vervolgens maakte hij zowel in de tweede rit van de Settimana Coppi e Bartali, de Route Adélie en Luik-Bastenaken-Luik deel uit van de vroege vlucht en trok hij in de finale van de Tour du Finistère in de aanval. In mei hielp hij in de Ronde van Aragon ploegmaat Justin Jules aan ritwinst, waarna hij hij in de tweede rit van de Ronde van België opnieuw ten aanval trok. Door een val liep hij er wel een breukje in het schouderblad op en stond Molly enkele weken aan de kant. Vanaf eind juli volgde een tweede piek. Via een zesde plaats in de kermiskoers van Westrozebeke en een tiende plek in een rit van de Kreiz Breizh Elites trok hij naar de Tour du Poitou-Charentes, waar hij twee dagen in de aanval reed en met de rushestrui naar huis ging. Daarna maakte hij ook in de GP Fourmies deel uit van de vroege vlucht, reed hij naar een achtste plaats in de GP Briek Schotte in Desselgem en vorige week vocht hij zich opnieuw twee keer in de vroege vlucht tijdens de Ronde van Slowakije, waar hij één dag de bolletjestrui droeg. "Luik-Bastenaken-Luik was natuurlijk heel speciaal, omdat het één van de mooiste wedstrijden ter wereld is. Ook van de Tour du Poitou-Charentes, waar ik lang tweede in de stand stond en de jongerentrui droeg, heb ik genoten. En in Slowakije heb ik elke dag gestreden voor winst in het bergklassement. (glimlacht) Ik denk dat het wel goed geweest is."De prestaties van Molly zijn ook in het peloton niet onopgemerkt gebleven. "Ja, ik krijg toch geregeld complimenten voor mijn manier van koersen. De andere renners weten dat ik het graag zo doe, dat ik er altijd voor ga. Mijn ex-ploegmaats van Klein Constantia maken me er geregeld attent op. Gasten als Michal Schlegel en Frantisek Sisr. En onlangs ook Florian Sénéchal, die zei: verdomme, jij marcheert redelijk."Molly werkt sinds dit jaar samen met Michel Geerinck als trainer. "Tom Steels heeft me veel bijgebracht en nu leer ik nieuwe methodes kennen die me ook veel bijbrengen", aldus de Wulvergemnaar, die ook volgend jaar nog een contract bij Wallonie-Bruxelles heeft. De toekomst van het procontinentale team lijkt echter onzeker. "Maar we hebben het bericht gekregen dat het de goede kant uitgaat en er deze week meer duidelijkheid zal volgen." Molly rijdt nog de Eurométropole Tour en trekt daarna naar China en Japan voor de Ronde van Taihu Lake (9 tot 16 oktober) en de Japan Cup (20 oktober). "Het is de eerste keer dat ik zover reis om te koersen. Het wordt een avontuur. Een unieke kans die ik misschien nooit meer zal krijgen. Ik prijs me gelukkig. Iemand anders moet veel geld betalen om naar zo'n land op reis te kunnen gaan."