Heren elite: vier

Bondscoach Kevin De Weert was niet bereikbaar voor commentaar, maar door het zware parcours in Oostenrijk blijven er sowieso niet veel Belgische kandidaten over. Voor de tijdrit, dat een iets minder lastige omloop voorschotelt, is Yves Lampaert intussen een certitude geworden.

Bondscoach De Weert kan Xandro Meurisse na zijn uitmuntend EK en met zijn vorm nu sowieso niet meer thuis laten

Voor de wegrit liet De Weert eerder al optekenen dat hij graag Serge Pauwels, nochtans aan een lange revalidatie bezig sinds zijn val in de Tour, graag als wegkapitein zou inschakelen, terwijl Xandro Meurisse na zijn uitmuntend EK en met zijn huidige conditie - woensdag zette hij nog de Druivenkoers in Overijse naar zijn hand - sowieso niet meer kan worden thuis gelaten. En om het plaatje volledig te maken: Floris De Tier, uitstekend aan de Vuelta begonnen.

Dames elite: drie

Eén renster is al zeker van deelname: Ann-Sophie Duyck rijdt de tijdrit. Op het recente EK in Glasgow werd ze negende, een ontgoocheling na haar zilveren medaille van vorig jaar. "Ze had toen echt geen goed gevoel en kon niet door de muur gaan, maar het is wat het is", vertelt bondscoach Ludwig Willems. "Een mindere dag kan altijd. Door omstandigheden is het voor haar ook een minder seizoen. Ann-Sophie moet leren leven met het niveau dat ze nu heeft. Ze is op een leeftijd gekomen dat ze niet veel meer kan verbeteren. En dan hangt het van details af of je een goede of supergoede dag op een kampioenschap hebt."

© BELGA

"Julie Van De Velde maakt kans op een WK-selectie, maar ik ben er nog niet uit"

Voor de wegrit komen Valerie Demey en Julie Van De Velde nog in aanmerking. "Voor Valerie is het parcours van de finale te hoog gegrepen, maar ervoor kan ik haar wel gebruiken. Veel hangt af van hoe ze herstelt van haar val op het EK. Julie heeft al getoond dat ze bergop kan, maar zij moet nog werken aan haar plaatsing en het bergaf rijden. Ze is ermee bezig. Deze week trok ze naar de Vogezen en half september neem ik haar met de nationale selectie mee naar de loodzware Tour de l'Ardèche (met aankomsten bergop op de zijflank van de Mont Ventoux en de Mont Lozère, red.). Ik ben er nog niet uit."

Heren beloften: twee

Bondscoach De Weert laat niet in zijn kaarten kijken, maar het is duidelijk dat alle ogen bij de beloften op Bjorg Lambrecht gericht zullen zijn. In principe was HarmVanhoucke een certitude als runner-up voor zijn Oost-Vlaamse ploegmaat bij Lotto-Soudal, maar de Aalbekenaar maakt een rampseizoen door. Vraag is of hij in vier weken tijd nog de goede benen terugvindt.

© BELGA

Kenny Molly hoort in de WK-selectie thuis. Hij zal zich zonder problemen ten dienste van Lambrecht stellen

Kenny Molly, met zijn elfde plaats de beste Belg op het eveneens loodzware EK in Tsjechië, hoort ook in de WK-selectie thuis. De Wulvergemnaar zal zich zonder problemen ten dienste van Lambrecht stellen. Wij zouden ten slotte ook graag Mauri Vansevenant, beste jongere in de gereputeerde Giro delle Valle d'Aosta, in Innsbruck aan het werk zien, maar De Weert zal (nog) niet aan hem denken. Wie wel op een WK-ticket mag hopen, is Viktor Verschaeve, een Oost-Vlaming met Kortemarkse roots.

Ook Stan Dewulf, nochtans met voorsprong West-Vlaanderens beste belofte van 2018, lijkt voor het klimparcours niet meteen in aanmerking te komen.

Heren juniores: twee

Net als bij de beloften wordt de Belgische junioresploeg rond één man gebouwd: Remco Evenepoel, de in principe onklopbare wereldkampioen in spe. Henri Vandenabeele en Alex Vandenbulcke zijn de twee West-Vlamingen die in aanmerking komen om hem bij te staan. "Henri heeft dit jaar een mooie stap gezet", vindt bondscoach Carlo Bomans. "Vorige week werd hij nog tweede in Vresse-sur-Semois en had hij zelfs kunnen winnen. Jammer dat hij door ziekte Luik-La Gleize miste, maar nu is hij aan een inhaalbeweging bezig. Alex reed als eerstejaars een knappe Alpenklassieker. Hij koerst ook heel aanvallend, soms zelfs iets te. Hij moet nog stappen zetten in zijn ontwikkeling: koersdoorzicht, klimvermogen, beter zijn momenten uitkiezen... Maar dat is typisch voor juniores. Het WK? Dat zullen we nog zien."

© VDB

"Of ik Henri Vandenabeele en Alex Vandenbulcke naar het WK zal meenemen? Dat zullen we nog zien"

Wie het WK al zeker niet rijdt, is Vito Braet. "Het parcours is te lastig voor hem. Dat weet hij. Maar Vito is goed bezig. Een klassiek type dat ook nog stappen moet zetten. Het gaat wat op en af met hem, maar als hij het seizoen mooi kan afsluiten en een goede winter doormaakt, zal hij in 2019 als eerstejaarsbelofte geen slecht figuur slaan." Ook Nathan Decuypere, Calvin Verbeeck en Aaron Stockx zag Bomans dit seizoen meerdere keren aan het werk. "Voor alle drie geldt hetzelfde: ze moeten nog stappen in hun ontwikkeling zetten. Calvin is eerstejaars en een klassiek type. Nathan en Aaron vergelijk ik een beetje met elkaar: ze rijden degelijk bergop en lieten dat soms ook zien. Maar op het moment dat ze er moesten staan, was het telkens net niet. Iemand als Nathan weet echter wat zijn werkpunten zijn. Daar moet hij nu aan werken om zo beter te kunnen worden."

Dames juniores: twee

Nog een certitude is Shari Bossuyt voor de tijdrit bij de dames juniores. In 2017 werd ze als eerstejaars nog knap achtste, op het recente WK en EK piste pakte ze vier medailles. "Het pisteseizoen is afgelopen, dus kan ze zich nu focussen op die tijdrit", geeft Willems aan. "De wegrit? Dat zullen we dan wel zien. Het EK tijdrijden was een ontgoocheling. Maar dat is niet zo slecht. Zo leert ook Shari eens de keerzijde van de medaille kennen."

© BELGA

"Ik kan bij de juniores vier rensters selecteren, maar het is nog niet zeker dat ik die plaatsen allemaal zal invullen"

Jade Lenaers en Ines Malfait mochten op het EK in Tsjechië hun eerste internationale ervaring opdoen, maar de kans dat beide meisjes ook naar Innsbruck mogen, lijkt klein. "Ik kan vier rensters selecteren, maar het is nog niet zeker dat ik die plaatsen allemaal zal invullen. Ik heb het al vaak gezegd: naar een WK ga je om te presteren. Als ik vooraf al weet dat iemand zal worden weggereden, heeft het geen zin."

Bondscoach Kevin De Weert was niet bereikbaar voor commentaar, maar door het zware parcours in Oostenrijk blijven er sowieso niet veel Belgische kandidaten over. Voor de tijdrit, dat een iets minder lastige omloop voorschotelt, is Yves Lampaert intussen een certitude geworden. Voor de wegrit liet De Weert eerder al optekenen dat hij graag Serge Pauwels, nochtans aan een lange revalidatie bezig sinds zijn val in de Tour, graag als wegkapitein zou inschakelen, terwijl Xandro Meurisse na zijn uitmuntend EK en met zijn huidige conditie - woensdag zette hij nog de Druivenkoers in Overijse naar zijn hand - sowieso niet meer kan worden thuis gelaten. En om het plaatje volledig te maken: Floris De Tier, uitstekend aan de Vuelta begonnen.Eén renster is al zeker van deelname: Ann-Sophie Duyck rijdt de tijdrit. Op het recente EK in Glasgow werd ze negende, een ontgoocheling na haar zilveren medaille van vorig jaar. "Ze had toen echt geen goed gevoel en kon niet door de muur gaan, maar het is wat het is", vertelt bondscoach Ludwig Willems. "Een mindere dag kan altijd. Door omstandigheden is het voor haar ook een minder seizoen. Ann-Sophie moet leren leven met het niveau dat ze nu heeft. Ze is op een leeftijd gekomen dat ze niet veel meer kan verbeteren. En dan hangt het van details af of je een goede of supergoede dag op een kampioenschap hebt."Voor de wegrit komen Valerie Demey en Julie Van De Velde nog in aanmerking. "Voor Valerie is het parcours van de finale te hoog gegrepen, maar ervoor kan ik haar wel gebruiken. Veel hangt af van hoe ze herstelt van haar val op het EK. Julie heeft al getoond dat ze bergop kan, maar zij moet nog werken aan haar plaatsing en het bergaf rijden. Ze is ermee bezig. Deze week trok ze naar de Vogezen en half september neem ik haar met de nationale selectie mee naar de loodzware Tour de l'Ardèche (met aankomsten bergop op de zijflank van de Mont Ventoux en de Mont Lozère, red.). Ik ben er nog niet uit."Bondscoach De Weert laat niet in zijn kaarten kijken, maar het is duidelijk dat alle ogen bij de beloften op Bjorg Lambrecht gericht zullen zijn. In principe was HarmVanhoucke een certitude als runner-up voor zijn Oost-Vlaamse ploegmaat bij Lotto-Soudal, maar de Aalbekenaar maakt een rampseizoen door. Vraag is of hij in vier weken tijd nog de goede benen terugvindt. Kenny Molly, met zijn elfde plaats de beste Belg op het eveneens loodzware EK in Tsjechië, hoort ook in de WK-selectie thuis. De Wulvergemnaar zal zich zonder problemen ten dienste van Lambrecht stellen. Wij zouden ten slotte ook graag Mauri Vansevenant, beste jongere in de gereputeerde Giro delle Valle d'Aosta, in Innsbruck aan het werk zien, maar De Weert zal (nog) niet aan hem denken. Wie wel op een WK-ticket mag hopen, is Viktor Verschaeve, een Oost-Vlaming met Kortemarkse roots.Ook Stan Dewulf, nochtans met voorsprong West-Vlaanderens beste belofte van 2018, lijkt voor het klimparcours niet meteen in aanmerking te komen.Net als bij de beloften wordt de Belgische junioresploeg rond één man gebouwd: Remco Evenepoel, de in principe onklopbare wereldkampioen in spe. Henri Vandenabeele en Alex Vandenbulcke zijn de twee West-Vlamingen die in aanmerking komen om hem bij te staan. "Henri heeft dit jaar een mooie stap gezet", vindt bondscoach Carlo Bomans. "Vorige week werd hij nog tweede in Vresse-sur-Semois en had hij zelfs kunnen winnen. Jammer dat hij door ziekte Luik-La Gleize miste, maar nu is hij aan een inhaalbeweging bezig. Alex reed als eerstejaars een knappe Alpenklassieker. Hij koerst ook heel aanvallend, soms zelfs iets te. Hij moet nog stappen zetten in zijn ontwikkeling: koersdoorzicht, klimvermogen, beter zijn momenten uitkiezen... Maar dat is typisch voor juniores. Het WK? Dat zullen we nog zien."Wie het WK al zeker niet rijdt, is Vito Braet. "Het parcours is te lastig voor hem. Dat weet hij. Maar Vito is goed bezig. Een klassiek type dat ook nog stappen moet zetten. Het gaat wat op en af met hem, maar als hij het seizoen mooi kan afsluiten en een goede winter doormaakt, zal hij in 2019 als eerstejaarsbelofte geen slecht figuur slaan." Ook Nathan Decuypere, Calvin Verbeeck en Aaron Stockx zag Bomans dit seizoen meerdere keren aan het werk. "Voor alle drie geldt hetzelfde: ze moeten nog stappen in hun ontwikkeling zetten. Calvin is eerstejaars en een klassiek type. Nathan en Aaron vergelijk ik een beetje met elkaar: ze rijden degelijk bergop en lieten dat soms ook zien. Maar op het moment dat ze er moesten staan, was het telkens net niet. Iemand als Nathan weet echter wat zijn werkpunten zijn. Daar moet hij nu aan werken om zo beter te kunnen worden."Nog een certitude is Shari Bossuyt voor de tijdrit bij de dames juniores. In 2017 werd ze als eerstejaars nog knap achtste, op het recente WK en EK piste pakte ze vier medailles. "Het pisteseizoen is afgelopen, dus kan ze zich nu focussen op die tijdrit", geeft Willems aan. "De wegrit? Dat zullen we dan wel zien. Het EK tijdrijden was een ontgoocheling. Maar dat is niet zo slecht. Zo leert ook Shari eens de keerzijde van de medaille kennen."Jade Lenaers en Ines Malfait mochten op het EK in Tsjechië hun eerste internationale ervaring opdoen, maar de kans dat beide meisjes ook naar Innsbruck mogen, lijkt klein. "Ik kan vier rensters selecteren, maar het is nog niet zeker dat ik die plaatsen allemaal zal invullen. Ik heb het al vaak gezegd: naar een WK ga je om te presteren. Als ik vooraf al weet dat iemand zal worden weggereden, heeft het geen zin."