Het orgasme dat de Vlaamse wielerweek heet

(foto Olaf Verhaeghe)
Olaf Verhaeghe

Heet de Ronde van Vlaanderen op 3 april dé Vlaamse feestdag, het voorspel is West-Vlaams: vrijdag de E3-Prijs in Harelbeke, zondag Gent-Wevelgem en volgende woensdag Dwars door Vlaanderen met aankomst in Waregem. De koers is de komende dagen van óns. Maar koersen is al langer niet alleen maar ‘zere rien’ naar Briek Schotte. Het is een hele beleving geworden, voor velen zelfs een ‘way of life’, doorspekt met nostalgie. Vive le Vélo is een truitjesmerk geworden, er zijn theatervoorstellingen over koers en het museum KOERS in Roeselare is een must geworden voor elke Flandrien. Wij dompelden ons onder in ‘Bahamontes on Tour’.

Vrijdagavond, hartje Waregem. Op een boogscheut van de plek waar volgende week woensdag de meet van Dwars door Vlaanderen komt te liggen, vult de foyer van CC De Schakel zich met koersliefhebbers. De ene draagt een old skool Quick-Step-petje, de andere heeft het truitje van zijn wielertoeristenclub onder de arm. Zelfs zonder de geur van ingesmeerde kuiten of het geluid van kletterende kettingen voel en proef je de liefde voor de koers.

De avondvullende voorstelling van Bahamontes on Tour staat helemaal in het teken van Dwars door Vlaanderen. Beter eigenlijk: helemaal in het teken van West-Vlaanderen. Op het accent van de hoofdredacteur van het wielerblad Bahamontes, Jonas Heyerick, gastheer en presentator vanavond, na dan. Meer Gents kan een r niet rollen.

Als de lichten in de zaal een eerste keer doven en koerstroubadour Pieter-Jan De Smet zijn Dwars door Vlaanderen-song afsteekt, kan je de concentratie op wat hier verteld, gezegd en gezongen wordt voelen. Wie hier komt, komt uit liefde voor de sport. Wie hier komt, wil de mens achter de coureur zien, de geschiedenis achter de wedstrijd kennen en het verhaal achter de fiets straks meenemen naar huis.

Rambo

Wat we tot nu toe aan koers hebben gekregen, is het lange voorspel op het grote orgasme dat de Vlaamse wielerweek heet, opent kopman Jonas Heyerick. Geen rechtgeaarde liefhebber van het wielrennen die het daar oneens mee kan zijn.

Niko Eeckhout is de eerste renner die het podium bestijgt en zich in de prachtige Chesterfield vleit. Bijgenaamd Rambo, al vindt hij daar zelf niet veel aan. Mister Dwars door Vlaanderen ook, dankzij drie podiumplaatsen en twee overwinningen. 51 is hij intussen, tien jaar geleden gestopt en nog altijd zo scherp als een mes. Wat volgt, is een ontspannen gesprek over vroeger en nu.

Tussen twee mannen die koers ademen, voor een publiek dat dat weet te appreciëren. Af en toe grinnikend, nu en dan luid lachend, maar bovenal voortdurend geboeid. Een uitspraak van Rambo ter illustratie: wie na tien Duvels ‘s anderendaags niet kan koersen, is genen echten. Alstublieft, dank u wel.

Het bezoek van podcastmaker Ward Bogaert aan wijlen Ronde van Vlaanderen-winnaar Roger Decock tijdens én Parijs-Nice én Tirreno Adriatico is een prachtig intermezzo. Heyerick noemt het luisterstuk een pareltje van Radio Bahamontes. Daarmee overdrijft hij niet. Zelfs geen klein beetje.

Een duik in de rijke geschiedenis van Dwars door Vlaanderen volgt. Dries De Zaeytijd van het Roeselaarse wielermuseum KOERS leert ons hoe het komt dat de renners niet langer twee dagen hoeven te rijden, waarom Eddy Merckx Dwars door Vlaanderen nooit won en hoe de Staatsveiligheid in 2016 even nadacht om de koers te schrappen.

Jimmy

Halverwege de show is het aan ons. De hele zaal stelt zich recht en begint te zwaaien met een rood-wit papiertje. Zelf sneuvelen we bij vraag drie van de publieksquiz, laten we het eervol noemen. Maar zelfs na zeven vragen voor kenners blijft een drietal rechtop staan. Een muzikale schiftingsvraag dan maar. Hoeeeee sterk is de eenzame fietser, begint Pieter-Jan De Smet. Jimmy, roept een man helemaal vooraan. Een welverdiend applaus én een abonnement op het Bahamontes-magazine is zijn deel.

Het mooiste van de avond moet op dat moment nog komen. Als schrijver Mathias M. R. Declercq in de ene lichtstraal op het podium komt te staan, wordt het muisstil. Hij vertelt over Deerlijk, over zijn eigen grootvader en over een renner uit de buurt. Over Sellewie, over boeren en de koers.

Hij vertelt de zachte joajoa en njeenjee uit interviews, over de wereld zien op de fiets en over veel te vroeg overleden coureurs. Hij vertelt ook over Volderke. Stijn Devolder. Lokale wielerheld, meermaals nationaal kampioen en dubbel Ronde van Vlaanderen-winnaar. Alle woorden zijn juist. En ze worden prachtig verteld.

Sterke Stijn

Stijn Devolder klimt onder luid en hangend applaus daarna zelf het podium. De antwoorden zijn typerend kort en klinken typerend zacht. Nog altijd aan de kerktoren gebonden, nog altijd graag hier, nog altijd liever de fiets dan de tractor van nu.

Hij hoeft niet veel te antwoorden om veel te kunnen zeggen. Welke Ronde was er de mooiste? Welke had ik zonder kunnen leven? Het antwoord op die vraag is simpel: geen van de twee. Ze zijn voor mij even mooi. En zelfs als het over zijn afscheid gaat, heeft hij aan een handvol woorden genoeg: Je mist alles. Zelfs de dingen die je als coureur haatte.

Met een iconisch zwart-wit portret op de achtergrond – Volderke in de trui van Belgisch kampioen – klinkt de Oh Sterke Stijn in de muzikale ode nog krachtiger. Je kan het kippenvel op de armen van Devolder van helemaal achteraan de zaal zien.

(OV)

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.