Het is al 16 maanden geleden dat er een einde kwam aan de koersende, maar niet aan de algemene wielerdynastie-Meersman met opa Maurice, die in 2008 twee maanden voor zijn 87ste verjaardag overleed, als pionier. Hij is de enige Meersman die zijn (bescheiden) wielersymfonie kon voltooien. Hij won als 22-jarige neoprof in eigen Wakken 1944, op 1 mei 1945 in Hoboken, in 1947 in Desselgem en behaalde een dagzege in de Ronde van Nederland 1949. In 1948 maakte Maurice deel uit van de Belgische ploeg in de Tour, waarin hij halfweg opgaf. In 1949 maakte hij deel uit van de beslissende vlucht in Luik-Bastenaken-Luik en werd vijfde na Camille Danguillaume, Dolf Verschueren, Roger Gyselinck en Willy Kemp. In 1950 werd...

Het is al 16 maanden geleden dat er een einde kwam aan de koersende, maar niet aan de algemene wielerdynastie-Meersman met opa Maurice, die in 2008 twee maanden voor zijn 87ste verjaardag overleed, als pionier. Hij is de enige Meersman die zijn (bescheiden) wielersymfonie kon voltooien. Hij won als 22-jarige neoprof in eigen Wakken 1944, op 1 mei 1945 in Hoboken, in 1947 in Desselgem en behaalde een dagzege in de Ronde van Nederland 1949. In 1948 maakte Maurice deel uit van de Belgische ploeg in de Tour, waarin hij halfweg opgaf. In 1949 maakte hij deel uit van de beslissende vlucht in Luik-Bastenaken-Luik en werd vijfde na Camille Danguillaume, Dolf Verschueren, Roger Gyselinck en Willy Kemp. In 1950 werd hij (na André Declerck maar voor Briek Schotte) tweede in de Omloop Het Volk.Een kwarteeuw later was er Maurice' nakomertje Luc (°1960 en jongste van twee andere broers en evenveel zussen). Luc vormde als tiener met Dirk Demol en wijlen Paul Haghedooren een knap Meulebeeks triumviraat. Luc was de meest getalenteerde van de drie, maar rug en knieën speelden hem parten. "Een genetisch probleem waarmee ook mijn oudere broer Marc net als mijn zonen Gianni en Luigi te maken kregen", zucht Luc. "Met onze beide telgen gaat het overigens uitstekend.""Gianni doet het uitstekend als jonge ploegleider van Marlux-Bingoal. Hij is Jürgen Mettepenningen oneindig dankbaar met de geboden kans. Gianni is momenteel met zijn discipelen op stage in Calpe. Hij heeft het nadeel (eind december 2016 moest hij stoppen wegens hartritmestoornissen, red.) in een duurzaam voordeel omgebogen. Hij is ambitieus, misschien drukt hij ooit mijn sporen bij één of andere grote ploeg op de weg, maar dat zal, wat mij betreft, niet voor meteen bij Trek-Segafredo zijn, want ik wil het minstens tot mijn pensioengerechtigde leeftijd uitzingen.""Bij Trek-Segafredo ben ik niet de eerste, maar denkelijk wel de veelzijdigste ploegleider die ook instaat voor het wagenpark en de verbindingen en die met Dirk Demol de parcoursverkenningen doet en de gevaarlijke passages aanwijst. Gianni kan voor tips altijd terecht bij zijn ervaringsdeskundige vader. Dit is de job van mijn leven die ik niet gauw loslaat, met als mooiste herinnering de tweede triomf van Fabian Cancellara in de Ronde van Vlaanderen (2014). Bij Trek zit ik hopelijk gebeiteld in een rustige en serene omgeving met mister John Burk als sterkhouder. Diens vader begon in 1926 in een garage aan zijn levenswerk."Ook Luigi, Gianni's ruim twee jaar jongere broer, is een succesnummer, want in Gullegem de zaakvoerder van een eigen tekenbureau CreaThing dat firma's in hun CAD-afdeling ondersteunt, opmetingen uitvoert, ultrasnel prototypes bouwt en het totale fabricatieproces van het product uitbesteedt. "Luigi heeft meer afstand genomen van het wielrennen, maar het helemaal loslaten is ook bij hem geen optie. Hij trekt enkele malen met de Bidon Guys op pad om het parcours af te snijden en op met mij afgesproken plaatsen klaar te staan met bidons en wielen." Een beetje jammer maar niet helaas dat de wielerdynastie-Meersman in de actieve zin is opgedroogd én zal blijven. "Ik heb vier kleinkinderen. De 6-jarige Amber van Gianni en de drie van Luigi: de 7-jarige Marie, de 5-jarige Louis en de 2-jarige Julia. Het is zo goed als uitgesloten dat één van hen ooit zal koersen. Dat hoeft ook niet voor ons. Waarom zou het?" (Bernard Callens)