Vorig seizoen leek Maaseik op weg om de volleybalhegemonie van Roeselare te doorbreken na winst in de Champions Cup, reguliere competitie en play-offs. Toch pakte Roeselare de hoofdprijzen door zowel beker als titel te verzekeren. Het lijkt er op dat het dit jaar opnieuw spannend wordt, met ook Aalst dat versterkt uit de zomer kwam.

In Roeselare veranderde er niet veel aan de basis die vorig jaar de titel pakte. Enkele nieuwe spelers breidden de kern uit en de bepalende spelers bleven. Daardoor blijven de West-Vlamingen de te kloppen ploeg. De spelers kennen elkaar en de coach ondertussen goed, maar vorig jaar waren ook mindere periodes.

Maaseik behield met Bruno, Rychlicki en Maan drie spelers uit de kern van vorig jaar en vulde die aan met enkele talenten uit binnen- en buitenland. Daarbij onder meer Jolan Cox op de opposite, een plaats waar vorig jaar nog veel problemen waren door langdurige blessures en waar uiteindelijk zelfs Wout Wijsmans moest bijspringen. Het blijft echter afwachten hoe snel nieuwe coach Joel Banks, vorig jaar nog de assistent van Castellani, zijn ploeg kan laten draaien.

Een andere kandidaat voor de prijzen is Aalst. Dat versterkte zich vooral met Belgische ervaring op topniveau: Deroey op de libero, Claes op de hoek, Colson in het midden en Van Walle als opposite. De vraag in Aalst is of de kern breed genoeg is om het hele seizoen op drie fronten mee te strijden.

De strijd ligt alleszins open. Opvallend is dat toppers uit de Belgische competitie resoluut kiezen voor een Belgische hoofdaanvaller. Tuerlinckx, Cox en Van Walle waren al regelmatig smaakmakers op Belgische bodem, wat de competitie nog aantrekkelijker maakt.

(belga, foto belga)