Sportieve vrienden: de vier West-Vlaamse musketiers van Cercle Brugge: “Samen winnen van Club, dat geeft een kick”

Charles Vanhoutte, Robbe Decostere, Thibo Somers en Olivier Deman. © Kurt
Redactie KW

Het is niet evident in het topvoetbal van vandaag, jarenlange échte vriendschappen, ook buiten het veld. Bij Cercle Brugge lopen er vier rond die niet alleen in het weekend Anderlecht in de ogen kijken, maar daarbuiten samen zwemmen, padellen, met de vriendinnen op citytrip vertrekken… De vier West-Vlaamse musketiers van de A-kern van Cercle: Decostere, Somers, Deman en Vanhoutte.

Robbe Decostere (24) uit Kortemark, Thibo Somers (23) uit Zuienkerke en Olivier Deman (22) uit Knokke-Heist liepen school in het Sint-Lodewijkscollege in Sint-Andries, Charles Vanhoutte (23) uit Marke koos voor de richting voetbal in het KTA. Momenteel combineren ze topvoetbal met hogere studies: hardwerkende West-Vlamingen dus.

Vanhoutte: “Binnen de ploeg kennen we elkaar uiteraard het best. Ook elkaars kwaliteiten: bij kleine partijtjes op training zoeken we als we vrij mogen kiezen elkaar steeds op. En dan winnen we ook meestal.”

Decostere: “We kunnen mekaar ook wel eens de duivel aanjagen.”

Vanhoutte: “Onze mening zeggen, schreeuwen. Zij het met goede bedoelingen. En we aanvaarden dat ook. We zijn afhankelijk van elkaar en steunen elkaar ook.”

Somers: “We vullen elkaar goed aan.”

Decostere: “Eens een dommigheid vertellen, zoals je kan toch een betere pass geven dan dat kan voor een trigger zorgen. Het is lachend bedoeld, maar motiverend.”

Vanhoutte: “Als iemand eens niet goed in de match zit, zeggen we meestal: kop op man, we hebben je nodig.

En buiten het stadion?

Decostere: “Toen het die dag zo warm was, zijn we samen gaan zwemmen bij Olivier. Daarna zijn we nog naar het strand getrokken. Met Thibo ga ik af en toe eens padellen.”

Vanhoutte: “Als we op zondag vrij hebben, durven we op zaterdagavond wel eens samen een stapje te zetten.”

Somers: “Vorig jaar zijn Robbe en ik met de vriendinnen voor enkele dagen naar Parijs getrokken.”

Decostere: “Op afzondering en op oefenstages deelt Thibo een kamer met Hannes Van der Bruggen, Olivier met Bruzzese. Ik zit samen met Charles.”

Dat laatste heeft ook een reden?

Decostere: “Die uitleenbeurt van Charles en ik aan Tubize. Wallonië: een heel andere aanpak. Als enige Vlamingen hadden we het er moeilijk. Het leek alsof de trainer er ons niet echt bij wilde. Mentaal was dat niet gemakkelijk.”

Vanhoutte: “Ik werd er eens van training gestuurd… Ik zat er trouwens samen met Robbe op een flat. Ik nam bij mijn thuiskomst een douche, maar ik besefte niet dat het water niet wegliep. Toen Robbe even later binnenkwam, stond heel onze flat onder water.”

Decostere: “Het was trainen en vooral thuiszitten. Toch hadden we veel aan elkaar. En het heeft geloond. Als je ziet waar we nu staan.”

Ook op Cercle doen jullie naast het veld veel samen. Kaarten, darts…

Somers: “Vooral veel kaarten. Hartenjagen, manillen, kingen… op elk vrij moment.”

Deman: “Ik moet het meest betalen, geloof ik (lacht). Charles is de beste kaarter én dartsspeler.”

Vanhoutte: “Deze maand sta ik al op plus honderd! Maar Olivier is de beste in Ludo King. Dat is een beetje vergelijkbaar met Mens erger je niet.”

Decostere: “Dat is een spel op de iPad. Er wordt telkens één winnaar gekozen en Olivier heeft precies altijd het meeste geluk.”

Kunnen jullie elkaar eens typeren?

Vanhoutte: “Olivier is rustig en verstandig. Iemand met een goede inborst. Hij is onze kleine broer. Onze Snollie. Robbe heeft een ruwere bolster. Is harder. Hij heeft steeds het beste voor. Je weet altijd wat je aan hem hebt. Thibo is meer gesloten, misschien wel wat rationeler. Als hij iets zegt, zal het wel juist zijn. En ik… ik heb een beetje al die eigenschappen.”

Decostere: “Charles is de luidruchtigste. De leader of the pack. En hij voelt zich daar wel goed bij. Maar ook een klein hartje.”

Deman: “Ik kwam als jongste en laatste bij de beloften. Zij waren er al met zijn drieën, kenden elkaar al lang. Charles is voor mij altijd dezelfde persoon gebleven.”

Vanhoutte: “Ik kan vrij goed zot en dom doen. Maar kan wanneer nodig ook serieus zijn hoor.”

Tot slot: wat wensen jullie elkaar toe?

Vanhoutte: “Geen blessures.”

Deman: “Dat we zolang mogelijk kunnen voetballen, een mooie carrière kunnen uitbouwen en veel geluk in het privéleven.”

Vanhoutte: “Toen wij samen bij de beloften voetbalden, hadden we echt een goede ploeg, er stak veel kwaliteit in die lichting. Nu is het mooi om zien dat wij met ons vier deel uitmaken van het eerste team en hoe iedereen is geëvolueerd. Door hard te werken en altijd met de voeten op de grond te blijven. Olivier was toen nog tenger, Robbe speelde op de zes, dan als centrale verdediger en speelt nu als rechtsachter. En Thibo stond altijd in het midden en bijna nooit voorin. Eens bij de A-kern werd hij toch een rij naar voor geschoven.”

Decostere: “Vorig seizoen toen Cercle de derby tegen Club won, stonden we alle vier op het veld. Vier gasten uit de eigen jeugd, dat gaf toch een bijzondere kick.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.